Iedere dag het nieuws dat echte mannen interesseert

Bij de politierechter: 'Een mobiele bandiet'

Mobiel banditisme: het klinkt als iets met krakende postkoetsen, steigerende paarden, rokende cowboys en fluitende kogels. Maar in werkelijkheid is het iets met zwijgzame Roemenen en gestolen katalysatoren.

Mobiele bandiet

Mobiel banditisme is een moderne vorm van georganiseerde criminaliteit die de Nederlandse samenleving jaarlijks honderden miljoenen euro’s kost. Rondtrekkende bendes, vaak van Oost-Europese komaf, trekken kriskras door Europa en houden zich fulltime bezig met stelen, inbreken, oplichten en andere vermogensdelicten.

Omdat ze zich continu verplaatsen en slapen in auto’s, hotels, of bij bevriende landgenoten, zijn ze voor justitie vaak moeilijk te pakken.

Tenzij ze op heterdaad worden betrapt, zoals de Roemeen Georg* (41), een man in een modieus gehavende spijkerbroek en een schreeuwerig T-shirt met op de achterkant een afbeelding van Donald Duck verkleed als gangster. Samen met een landgenoot werd Georg betrapt op een donkere parkeerplaats waar ze vakkundig een tweetal auto's van hun katalysator hadden ontdaan. Wanneer de politie hun beide namen in het systeem invoert, blijkt al snel dat de twee heren vaker als duo opereren. In Duitsland en Frankrijk werden ze meermaals veroordeeld voor uiteenlopende strafbare feiten, in Zwitserland werden ze vorig jaar aangehouden in een auto vol gestolen laptops, en ook in Nederland liepen ze al een keer eerder tegen de lamp. Blijkbaar zijn ze er niet erg goed in, in mobiele banditisme.

Op de avond van hun laatste aanhouding ziet een flatbewoner op de parkeerplaats beneden hem een auto met gedoofde lichten minuten lang stapvoets tussen de geparkeerde auto’s door rijden. Wanneer hij even later het geluid van een slijptol hoort, belt hij de politie. Als die arriveert is het tweetal zo goed als klaar met de werkzaamheden. Van de katalysatoren ontbreekt ieder spoor, maar de slijptol, de krik en de andere stukken gereedschap die in de kofferbak van hun auto liggen, vormen voor de agenten voldoende aanleiding om de mannen mee te nemen voor verhoor. Op het bureau zwijgen ze vooral. In het hotel waar ze zeggen te verblijven, heeft men nog nooit van hen gehoord. De auto waarin ze rijden staat op naam van iemand die niet te traceren valt. Hoewel ze alle schijn tegen hebben, lijken ze de dans toch te ontspringen. Zonder hard bewijs zit er voor de politie niets anders op dan het duo weer te laten gaan. Opgelucht lopen Georg en zijn kompaan een paar uur later het politiebureau weer uit. Ze stappen in hun auto en rijden linea recta terug naar de parkeerplaats waar ze eerder werden aangehouden.

Wat ze niet weten is dat de politie hen ongezien volgt. Wanneer ze even later een rugtas met daarin de twee gestolen katalysatoren uit de bosjes vissen, zijn ze er alsnog gloeiend bij.

Bij de term ‘mobiel banditisme’ haalt Georg opzichtig zijn schouders op. Hij heeft geen idee wat het is, zegt hij, maar hij weet wel heel zeker dat hij er niets mee te maken heeft. Hij deed die avond vooral dienst als chauffeur voor zijn vriend, vertelt hij. Samen hadden ze die middag met andere vrienden voetbal gekeken, waarbij ook het nodige gedronken en geblowd was. Op weg naar huis, op de snelweg, moest Georg ineens enorm plassen. Op zoek naar een geschikte plek om rustig zijn blaas te kunnen legen nam hij de eerstvolgende afslag, waarna hij op de bewuste parkeerplaats belandde, zijn auto parkeerde en uitstapte om zijn gevoeg te doen. Wat zijn kompaan in de tussentijd deed? Geen idee. De officier doet nauwelijks moeite om haar ongeloof te verbergen. In de tijd dat iemand een plas doet even snel en ongemerkt de katalysatoren uit twee geparkeerde auto’s slopen, is volgens haar zelfs voor de beste automonteur ter wereld onbegonnen werk. Zonder omwegen eist ze een onvoorwaardelijke celstraf van zes maanden.

Bij het horen van de eis barst de stoere Georg in tranen uit. Schokschouderend vertelt hij over zijn vrouw en kinderen thuis in Roemenië, die nu al twee weken niets van hem hebben gehoord. Wat de straf ook mag zijn, hij zal hem accepteren, snikt hij grootmoedig, zolang hij maar eerst naar zijn thuisland mag om voor zijn gezin te zorgen.

Maar ook die smeekbede haalt niets uit. Omdat bij mobiel banditisme het vluchtgevaar en het recidiverisico standaard hoog worden geacht, is een werkstraf of voorwaardelijke celstraf niet aan de orde. De onvoorwaardelijke celstraf die de rechter hem oplegt, valt wel aanzienlijke lager uit dan de eis: 100 dagen. Ook zal Georg de schade aan de auto’s moeten vergoeden: 670 euro. Al dan niet samen met zijn kompaan, die later zal worden berecht.

*Alle namen in deze rubriek zijn om privacyredenen gefingeerd.

Misdaad
  • Adrien Stanziani