doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

Het gezicht van het verzet

Over martelkamers, de pers en vertrouwen op je bronnen

Elke week schrijft onze chef misdaad Vico Olling een column over wat hem opvalt in de crimewereld. Deze week: martelkamers.
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
Over martelkamers, de pers en vertrouwen op je bronnen

Heel Nederland stond een paar weken geleden op zijn kop. Door de politie werd een aantal containers gevonden in Brabant. In één van die containers was een geluiddichte kamer gemaakt waar een tandartsstoel met hand- en enkelboeien aan de vloer geschroefd zat.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

In dezelfde ruimte lag tuingereedschap en knijptangen.

Het was overduidelijk wat hier de bedoeling was.

Al vrij snel na die vondst zie je op sociale media twee kampen ontstaan. Er is het kamp waarbij er met afschuw over dit soort praktijken wordt gesproken. Die mensen roepen dingen als ‘dat dit kan in Nederland!’ of ‘vroeger kreeg je een paar petsen voor je kanis en was het klaar, maar dit is heel andere koek’.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_middle_article');

Daartegenover staat het kamp van de mensen die dit willen relativeren.

Die halen meteen andere voorbeelden van martelkamers uit het recente criminele verleden erbij en laten zo weten dat er niets nieuws onder de zon is. Er was zelfs een advocaat die tweette dat ook het Openbaar Ministerie soms gebruik maakte van martelkamers.

De Utrechter Robin van O. zit vast op verdenking van betrokkenheid bij die martelkamers. Van Robin van O. wordt gezegd dat hij behoorde tot de alliantie tegen Ridouan Taghi. Andere namen die bij die alliantie horen zouden Moes F. en Hamza Ziani zijn.

Moes F. was het eigenlijke doelwit van een aanslag in Marrakesh in 2017, Ziani werd in 2018 in Torremolinos doodgeschoten. Leden van die alliantie tegen Taghi zouden regelmatig met de pers hebben gesproken om Taghi zwart te maken.

Dat betekent dat er contact is tussen de pers en mensen die connecties hebben met leden van een groep die martelkamers heeft ingericht. Dat is geen fijne gedachte. Het voedt het vooroordeel bij veel mensen dat je als journalist altijd een kant kiest. En laat dat nou net niet de bedoeling zijn van journalistiek bedrijven. Je moet als journalist proberen om neutraal te blijven. Maar dat is soms verdomde moeilijk, omdat het nieuws van één kant komt en het onmogelijk is om te checken. Bij publicatie bestaat de kans dat je gebruikt wordt. Want hoe weet je of de bron oprecht is? Misschien wordt het verhaal wel met je gedeeld om de vijand in diskrediet te brengen… In de misdaadjournalistiek is het soms heel lastig, zo niet onmogelijk, om informatie te checken. Het enige wat je kunt doen als journalist is voorzichtig met die informatie omgaan. Maar opgejaagd door de drang om te scoren kan het zomaar voorkomen dat je je laat gebruiken door een partij.

Het is eigenlijk de belangrijkste reden waarom ik het zoveel fijner vind om aan boeken te werken over onderwerpen die al wat langer geleden spelen.

De kruitdampen zijn dan al een beetje opgetrokken. Nu ben ik bezig met een boek over Martin Hoogland, de ex-agent die Klaas Bruinsma heeft doodgeschoten. In 2017 kwam mijn boek De Kouwe Ouwe uit, over Stanley Hillis. Ouwe Hillis is doodgeschoten in 2011, maar dreigt tegenwoordig wel steeds meer in de belangstelling te komen met het hoger beroep van Willem Holleeder voor de deur. Maar daar hebben we het later vast nog wel een keer over.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_bottom_article');

Laatste nieuws