Geestesziek of gewetenloze killer: dit is het verhaal van Thijs H.

Thijs H. (28) uit Brunssum is de hoofdpersoon in een van de meest geruchtmakende moordzaken van Nederland. Een jaar geleden stak de Limburger drie willekeurige mensen dood. Nu zijn proces aanstaande maandag gaat beginnen, duikt Panorama in dit even omvangrijke als bizarre dossier.
De Brunssummerheide

Het is 4 mei 2019 als rond half drie de 56-jarige Etsuko haar huis in de Nicolaistraat in Den Haag verlaat voor een wandeling met haar twee hondjes in het voorjaarszonnetje. Een dagelijks tafereel voor de van oorsprong Japanse vrouw. Het ommetje in het Scheveningse Bos geeft haar een gevoel van vrijheid, energie en sociale verwevenheid met de omgeving.

Etsuko is een opvallende verschijning in de buurt. Dat komt niet alleen door haar oosterse uiterlijk, maar ook omdat een van haar twee honden gehandicapt is. Het huisdier loopt daarom met een invaliderekje op wieltjes, een aandoenlijk en koddig gezicht tegelijk. Maar plots verandert genieten in lijden, want de Haagse komt de voor haar onbekende Thijs H. tegen. Een ontmoeting met de dood. Bizar en verbijsterend tegelijk. Dit betekent het noodlot voor Etsuko, want Thijs H., een geboren Brunssumer, steekt haar uit het niets neer. Zonder dralen, zonder mededogen. Als ze op de grond ligt, snijdt H. nog haar pink af. Later zal hij verklaren dat hij dit deed omdat hij van ‘stemmen in het hoofd bewijs moest hebben’.

Afgemaakt als een beest

Etsuko vecht nog voor haar leven. Haar labrador Max zijgt neer naast zijn ter plekke stervende bazin. Een waar drama. De Haagse heeft geen schijn van kans en blaast niet lang na de steekpartij haar laatste adem uit. Ze is als een beest afgemaakt, op een wandelpad. In de uren daarna komt Thijs H. thuis in zijn woning aan de Hooikade in Den Haag. Een stekje dat de Limburgse student kort daarvoor heeft betrokken. Een oplettende buurman krijgt de thuiskomst van H. mee en voelt dat er iets niet in de haak is. De man is extra alert en spitst zijn oren als hij herrie hoort die van achter de naastgelegen voordeur komt. Hij gaat kijken waar het geluid vandaan komt en ziet dat H. de badkamerdeur heeft ingeslagen. Thijs H. maakt een verwarde indruk op de medebewoner van het appartementencomplex. Als ze elkaar in de ogen kijken, blijkt een normaal gesprek tussen het tweetal niet mogelijk omdat Thijs H. wartaal uitslaat. Feit is dat Thijs H. in de dagen na de eerste moord terugreist naar Brunssum, naar zijn roots. De plaats in Zuid-Limburg waar zijn ouders – zijn moeder is sinds jaar en dag advocate – wonen. Het is daar waar zoon Thijs af en toe graag het gezinshondje uitlaat in de buurt, bijvoorbeeld in het uitgestrekte natuurgebied de Brunssummerheide, een plek op loopafstand.

Thijs H. is normaal al een man van weinig woorden, vaak in zichzelf gekeerd, maar nu constateren zijn pa en ma daags na de Haagse moord dat het foute boel is bij Thijs. Er zit duidelijk psychisch iets niet goed bij hun zoon. Hij zou onder meer bezeten gedrag vertoond hebben en zijn omgeving de stuipen op het lijf hebben gejaagd. Ten einde raad besluiten H.’s ouders om op 5 mei met hem naar de spoedeisende psychiatrie te rijden voor een opname. Hun hulproep lijkt echter aan dovemansoren gericht want twee psychiaters constateren hier dat het slechts om bijwerkingen van zijn nieuwe ADHD-medicijn gaat. Er is dus niks ernstigs aan de hand met Thijs, zo vinden de deskundigen althans.

Smeken om opname

Nauwelijks één dag later is de Brunssummer echter nog altijd totaal van de kaart. Vader en moeder H. rijden met Thijs naar een vestiging van PsyQ, onderdeel van ggz-instelling Mondriaan. Hier doen ze weer hun verhaal over de toestand van hun zoon en smeken zelfs om acute opname. Maar ook nu krijgen ze te horen dat ze zich geen zorgen hoeven te maken omdat Thijs’ gedrag een bijwerking van de medicatie zou zijn.

Op 7 mei, vier dagen na de moord op Etsuko, gaat het echter helemaal mis. Rond elf uur ’s ochtends verschijnt Thijs – ditmaal zonder zijn ouders – weer in de openbaarheid op straat. Hij drentelt in zijn uppie rond op de Brunssummerheide. Een jonge vrouw laat daar op precies hetzelfde moment haar hond uit en merkt instinctief dat ze achtervolgd wordt. Ze ruikt onraad. Als ze zich omdraait, kijkt ze de dicht genaderde Thijs H. plots recht in de ogen. De vrouw groet hem, maar er klinkt geen respons. Geen knikje, geen vriendelijk ‘goedendag’. De wandelaarster heeft hier geen goed gevoel bij en besluit sneller te gaan lopen. Ze is bang want Thijs volgt haar. Eenmaal aangekomen op een open plek op de heide, gaat H. er plotseling vandoor. Hij verklaart hierover later tegen de recherche dat hij de vrouw ‘te jong’ vond.

Zij had volgens hem immers nog een heel leven voor zich.

Het is ongeveer op datzelfde moment als de 63-jarige Diny Meeüse in haar huisje vlakbij de Brunssummerheide besluit om haar hond te gaan uitlaten. Via de Kamperheideweg loopt ze, langs de voormalige velden van wijkvoetbalclub RKVV Heksenberg, de hei op. Even lekker uitwaaien, terwijl haar geliefde viervoeter zijn behoefte kan doen.

Het is een dagelijks rondje, een vast ritueel en diezelfde hobby heeft de 68-jarige Frans Verhees ook. Ook hij stiefelt die dinsdag in mei met zijn hondje richting de hei.

Afzonderlijk van elkaar drentelt het tweetal de ‘poort’ van het Heerlense wandelgebied binnen. Wat ze dan nog niet weten is dat de dood op de loer ligt. Frans en Diny zijn bezig met de laatste voetstappen in hun leven. Eigenlijk hebben ze geen schijn van kans als uit het niets Thijs H. ten tonele verschijnt. Op enkele tientallen meters van elkaar vallen Frans en Diny bloedend neer als H. hen kort na elkaar neersteekt. Zonder woorden daarbij te gebruiken. Als een beest dat tekeergaat in een horrorfilm. Het zijn fatale steken, want Diny en Frans – die zich tevergeefs nog heeft verweerd met een hondenriem – blazen in het woelige heidezand allebei hun laatste adem uit. Het geliefde wandeltochtje is hen fataal geworden.

Afschuwelijk schouwspel

Terwijl Thijs H. na deze gruweldaden op de vlucht slaat, maakt buurtbewoner Rob Verwasch (59) samen met zijn hond toevallig een ommetje in de buurt van de plaats delict. Hij schrikt zich wezenloos als hij plots stuit op een onheilspellend tafereel, met verdwaasd ronddolende honden. Zijn hart stokt in zijn keel, zijn brein draait op volle toeren. Wat is hier in godsnaam aan de hand, vraagt hij zich hevig geschrokken af als hij net enkele tientallen meters de heide op is gelopen.

Verwasch is ooggetuige van een afschuwelijk schouwspel dat nooit meer van zijn netvlies zal verdwijnen. Hij ziet een stoffelijk overschot liggen. “Voor die neergestoken vrouw was de politie al gebeld. Om haar lichaam verder te vermijden ben ik een stukje omgelopen en toen vond ik een man die ook was neergestoken.”

De verbijsterde Heerlenaar aarzelt daarom geen moment en besluit in actie te komen. “Omdat de politie inmiddels gearriveerd was bij het eerste slachtoffer, ben ik teruggerend naar die agenten om hen te informeren dat er nog een tweede persoon verderop lag. Ik voelde me raar, vreemd ook. Ook omdat je dit natuurlijk nog nooit eerder hebt meegemaakt,” zo blikt hij na de steekpartijen terug.

Voor Frans en Diny kunnen de hulpverleners op die dag in mei niks meer doen, ze zijn overleden. Een heel leger aan speurders kamt in de uren na de ontdekking van de stoffelijke overschotten het Heerlense deel van de Brunssummerheide uit. Sporen worden veiliggesteld achter meterslang rood-wit politielint, terwijl de Koninklijke Marechaussee meehelpt om de moordplaatsen hermetisch afgesloten te houden voor pottenkijkers.

Rond kwart over vijf diezelfde dag meldt de inmiddels al uren gevluchte Thijs H. zich vrijwillig bij het Maastrichtse Mondriaan, een zorginstelling die in de volksmond ook wel Vijverdal wordt genoemd. Hij heeft bloed op zijn kleding en handen en zegt dat hij in de uren daarvoor een tijdje over de Brunssummerheide heeft gezworven. Over het doden van mensen spreekt hij met geen woord.

Van het leggen van een link tussen de drievoudige moord en Thijs is dan ook nog geen sprake. Maar omdat de binnenkomst en bijbehorende ‘bloedboodschap’ van H. de dienstdoende psychiater in de Maastrichtse kliniek geen goed gevoel geeft, besluit men de Limburger aan het begin van de avond wél op een gesloten afdeling te plaatsen.

Schone kleren

De politie inschakelen doet Mondriaan dan niet in verband met het medisch beroepsgeheim. Van een echte gesloten afdeling blijkt echter bij lange na geen sprake. Want even na negenen diezelfde avond is de vogel plotseling gevlogen. Echt veel moeite heeft de Limburger niet hoeven doen om buiten te komen. Middels een stapel stoelen in de binnentuin van de instelling weet hij over de buitenmuur te klimmen. Thijs H. gaat hierna, in zijn nog altijd met bloed besmeurde kleren, weer terug naar het ouderlijk huis in Brunssum. Hij is kennelijk verward, want even voor middernacht brengen zijn ouders hem weer terug naar Maastricht, wederom naar de desbetreffende ggz-instelling van Mondriaan om precies te zijn. Eén verschil is er dan duidelijk zichtbaar: Thijs H. heeft geen bebloede, maar schone kleren aan. Op de burelen van politie en justitie is men op dat moment volop bezig om de puzzelstukjes in het moordonderzoek snel op de goede plaats te krijgen. Dat lukt, want de speurders weten in beeld te brengen wie ze als de wiedeweerga moeten oppakken: Thijs H. Dit nadat Mondriaan nu namelijk wel melding heeft gemaakt van mogelijke betrokkenheid van de Brunssumer bij de dodelijke steekpartijen. “Om te voorkomen dat er nog meer slachtoffers zouden vallen,” zo laat de kliniek later weten.

Thijs blijkt namelijk op woensdagochtend 8 mei gebruik te hebben gemaakt van de ontstane chaos na een steekpartij – waarbij H. overigens zelf niet betrokken was in de Maastrichtse zorginstelling. De gezochte moordverdachte kan hierdoor gewoon via de voordeur naar buiten lopen. Dat is op bewakingsbeelden duidelijk te zien. Thijs is daarna spoorloos, want naar huis in Brunssum gaat hij dan niet. Bij politie en justitie zijn dan inmiddels alle alarmbellen gaan rinkelen. Nog diezelfde avond verspreiden de opsporingsdiensten foto’s van hem. Mensen krijgen als waarschuwing dat ze H. niet zelf moeten benaderen in verband met zijn ‘mogelijk labiele geestelijke gesteldheid’.

In de boeien

De klopjacht op de gevluchte moordverdachte duurt echter niet lang. Binnen een uur na openbaarmaking van zijn beeltenis slaat men Thijs H. in de boeien doordat een tipgever hem vlak daarvoor heeft herkend op de Bemelerberg. Op het politiebureau van Maastricht zetten de speurders de gepakte Brunssumer achter slot en grendel.

Omdat H. verward is, start de recherche niet meteen met de verhoren. Wanneer dit wel mogelijk is, ontkent Thijs H. in alle toonaarden de drie moorden in Den Haag en Heerlen te hebben gepleegd. Daar heeft hij niks mee te maken, zo houdt hij wekenlang vol.

Wanneer rechercheurs hem echter op 2 augustus confronteren met nieuwe bewijsstukken, breekt hij toch. Zo is er bijvoorbeeld dna van de doodgestoken Etsuko op een mes in H.’s Haagse woning aangetroffen. Ook blijken diverse getuigen hem rond de tijdstippen van de moorden op de plaatsen delict te hebben gezien.

Thijs H. bekent weken na zijn arrestatie dus alsnog Etsuko, Diny en Frans om het leven te hebben gebracht. In datzelfde verhoor vertelt hij dat hij opdrachten kreeg via nieuwsberichten en kentekens. Via een tv-programma Brunssumer bij de dodelijke steekpartijen. “Om te voorkomen dat er len,” zo laat de kliniek later weten.

Thijs blijkt namelijk op woensdagzijn dan inmiddels alle alarmbellen avond verspreiden de opsporingskrijgen als waarschuwing dat ze H. kwam de opdracht om twee mensen te vermoorden. H. zou stemmen in zijn hoofd hebben gehad en daarom zijn gaan moorden.

Die bekentenis herhaalt Thijs H. nog eens in de Maastrichtse rechtbank tijdens een tussentijdse zitting op 16 augustus. De rechter vraagt hem dan recht op de man af: “Dacht u nooit, dit zit alleen maar in mijn hoofd?”

De verdachte Brunssumer zit ietwat voorovergebogen en kijkt mistroostig uit zijn ogen. Dan fluistert hij zacht: “Nee.”

Drie moorden gepleegd vanwege psychische problemen dus. Door een psychose om precies te zijn. Althans: dat stelt Thijs H. zelf. Justitie in Limburg ziet dit echter anders en is hier nogal sceptisch over. Suggereert dat H. de psychose geveinsd zou hebben ten tijde van de moorden. Justitie denkt dat omdat in H.’s computer namelijk zoekopdrachten zijn gevonden als: ‘hoe moet je je gedragen als psychopaat’, ‘hoe kun je professionals als rechters en politie voor de gek houden’ en ‘why do some good people become evil’. Na een tussentijdse zitting begint op 22 juni het meerdaagse inhoudelijke proces. Ooggetuige Rob Verwasch wil daar graag bij zijn, zo vertelt hij, maar door de coronacrisis is publiek niet welkom. “Ik wilde hem zíen, als je begrijpt wat ik bedoel. Op 7 mei, precies één jaar na de moorden op de Brunssummerheide, ben ik met de zus van de vermoorde Diny terug geweest op de moordplekken. We hebben goede en zeker ook emotionele gesprekken gevoerd. Dat hoort allemaal ook bij de verwerking. Ik heb haar verdriet gezien. Zoiets kan ik moeilijk vergeten.”

Tbs of toch gevangenisstraf?

Thijs H. heeft een geestelijke stoornis en daarmee moet in zijn strafzaak rekening worden gehouden. Dat concludeert het Pieter Baan Centrum (PBC) uiteindelijk na onderzoek van de psyche van de Limburgse moordverdachte. De PBC-onderzoekers vinden daarnaast dat H. volledig ontoerekeningsvatbaar is voor zijn daden vanwege zijn psychiatrische klachten. Hun advies is daarom tbs met dwangverpleging, dus geen celstraf voor de drie moorden. Het Openbaar Ministerie is het hier niet mee eens. De aanklagers denken door de zoekopdrachten op Thijs’ computer dat hij simuleert of liegt.

Ouders en zus Thijs H. zwijgen

De ouders en zus van moordverdachte Thijs H. hebben zich tijdens de verhoren beroepen op hun verschoningsrecht. Dat recht om niet te getuigen hebben familieleden van een verdachte. De rechtbank besliste onlangs tijdens de laatste pro-formazitting dat de nabestaanden van de drie vermoorde slachtoffers het volledige rapport van het Pieter Baan Centrum over de geestvermogens van Thijs H. krijgen. Hierdoor kunnen zij een beter inzicht krijgen in het waarom van H.’s daden. De rechtbank acht dit van belang, ook met het oog op het spreekrecht waar de nabestaanden gebruik van gaan maken tijdens het inhoudelijk proces op 22 juni.

window._taboola = window._taboola || []; _taboola.push({ mode: 'alternating-thumbnails-a', container: 'taboola-below-article-5eff6069a0151', placement: 'Below Article Thumbnails 2', target_type: 'mix' });

Laatste nieuws