doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

'Zolang het niet beweegt, kun je het nog eten'

Midden jaren tachtig, ver voordat hij Oranje-gek, minister van Feest en recorddeelnemer van Te land, ter zee en in de lucht werd, handelde de chronisch vrolijke Johan Vlemmix (61) in atoombunkers en noodrantsoenen.
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
'Zolang het niet beweegt, kun je het nog eten'

En van die laatste heeft hij er nog altijd een paar over. Een stuk of 20.000. Komt dat even goed uit.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

Twee weken geleden

Johan, ben je al aan het hamsteren?

“Dat is voorlopig niet nodig. Ik heb in de jaren tachtig, toen ik nog handelde in atoombunkers en gasmaskers en zo, ooit eens een enorme partij voedselpakketten gekocht, van die noodrantsoenen. Voordat ik die allemaal op heb, dan zijn we wel even verder. Ik geloof dat ik er nog een stuk of 20.000 heb staan.”

Die dingen zijn 35 jaar oud.

Kun je dat nog eten?

“Sommige zijn nog veel ouder. Ik trok laatst een blik open waar ‘1941’ op stond, een soort hondenvoer. Niets mis mee. In sommige pakketten zit zelfs kauwgom en chocola. Dat is hooguit wat vreemd uitgeslagen, maar de smaak is nog prima. Nee, van de honger zal ik niet omkomen.”

Zo eindigde het telefoongesprek dat ik twee weken geleden met Johan Vlemmix voerde en dat niet veel later in Panorama te lezen was. Na ons telefoontje brak de pleuris pas echt uit. Op zoek naar een pak spaghetti fietste ik in mijn woonplaats zes supermarkten af om uiteindelijk chagrijnig te moeten accepteren dat het een kansloze missie was. ’s Avonds keek ik online naar de bezorgopties van verschillende supermarkten. Ook daar maakte ik voorlopig geen schijn van kans. Als het aan Albert Heijn lag dan zou ik pas over een ruime maand eindelijk achter een bord spaghetti zitten. Misschien waren die pakketten van Vlemmix nog helemaal niet zo’n slecht plan... De volgende dag belde ik hem weer op.

“Hé Johan, die pakketten waar je het over had, dat was serieus, toch?”

“Hartstikke serieus.”

“En dat spul kun je allemaal nog gewoon eten?”

“Tuurlijk,” zei Vlemmix.

“Kunnen we binnenkort niet eens langskomen om wat te proeven?”

“Geen probleem, altijd welkom, maar eh...”

Dat was even schrikken. De woorden ‘maar eh’ had ik uit zijn mond nog nooit gehoord. In het verleden maakte ik meerdere reportages met hem, en nog nooit had de publiciteitsgeile Vlemmix daarbij ook maar enig voorbehoud gemaakt. “Hoezo: maar eh...?” vroeg ik.

“Ik weet niet of ik het allemaal op de foto wil hebben, als je begrijpt wat ik bedoel.”

“Wat niet op de foto wil hebben?”

“Ik bedoel: stel dat de mensen straks écht gek worden, en ze zien op die foto waar ik al die voedselpakketten heb opgeslagen...”

“Je bent bang dat de boel geplunderd wordt?” vroeg ik.

“Precies.”

“Dat je straks een bloeddorstige, uitgehongerde meute voor je deur hebt staan die het voorzien heeft op je voedselpakketten van 34 jaar oud?”

“Waarom niet? Het zijn rare tijden, toch?”

Of het er nou smakelijk uitziet..

Duitse voedselpakketten

Nog diezelfde week rijden we toch door een spookachtig stil Eindhoven richting Soestdijk II, Vlemmix’ zelfontworpen aftreksel van het bekende paleis van de Oranjes.

Veertig jaar geleden handelde Vlemmix in atoombunkers, en dus ook in aanverwante zaken als lucht- en waterfiltersystemen, gasmaskers, beschermende kleding én: jawel, noodvoedselpakketten.

Om de exacte locatie van zijn voorraad niet prijs te hoeven geven, heeft Vlemmix voorafgaand aan onze komst alvast vier dozen uit zijn gigantische voorraad gehaald en uitgestald. Argwanend neem ik de bruine dozen in mij op. ‘Verpflegungsration’ lees ik in dikke zwarte letters. En daaronder in kleinere letters: ‘Inhalt: 4 Einmannpackungen.’

Het is dus nog erger dan ik al vreesde. Het eten is niet alleen oud, het komt ook nog eens uit de weinig verfijnde Duitse keuken. En dat ga ik dus eten.

“En je hebt dit dus laatst nog geproefd?” vraag ik.

“Zeker. Of laatst, het is inmiddels wel even geleden.”

“Hoelang?” vraag ik.

“Nou, gewoon, even geleden,” ontwijkt Vlemmix de vraag.

“Hoelang?” vraag ik nogmaals, maar nu dwingender.

“Ik denk een jaar of vijftien,” zegt hij. Waarna hij heel hard begint te lachen.

Benieuwd hoe dit afloopt? Je leest het in de Panorama van deze week, of via Blendle

Wil je op dit moment liever niet de deur uit om een blad te kopen? Snappen we! Daarom bezorgen we nu gratis bij je thuis: vier keer Panorama op je pad, een euro korting per blad, gratis bezorging en (heel belangrijk) je zit nergens aan vast. Het stopt automatisch. Goed idee? Je regelt het hier.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_bottom_article');

Laatste nieuws