Iedere dag het nieuws dat echte mannen interesseert

Vrouwen vechten voor Israël

Uit Panorama nr. 6, 1991: ‘Hannie is ontwapenend’

WVT

Twee weken geleden overleed Rebecca Baruch (24), een Joods-Nederlandse soldate uit Den Haag die tot maart vorig jaar in het Israëlische leger zat en zich na de aanslagen van Hamas op Israël in oktober weer aanmeldde als reservist. Haar dood had niets met het conflict in Gaza te maken – ze overleed naar verluidt aan een hersenvliesontsteking – maar toch was haar aanwezigheid in het omstreden gebied genoeg voor sommige hersenloze toetsenbordhelden om de meest gore antisemitische drek over haar graf uit te storten. Want wat deed ze daar als lone soldier die geen familie in de regio had? En waarom zou je de kant van ‘de onderdrukker’ kiezen?

Haar verhaal deed ons sterk denken aan dat van Hannie Jesserun, net als Rebecca een jongedame van Joodse komaf die in 1991, tijdens de Eerste Golfoorlog, in het Israëlische leger zat. Onze verslaggever van toen, Pim Christiaans, volgde haar destijds toen ze groepen journalisten rondleidde op de Gazastrook. Met ‘Amsterdamse zwier’ en ‘Hollandse nuchterheid’ pareerde ze ‘de klaagzang van de Palestijnen’ die huisarrest hadden gekregen van de Israëliërs, schreven we toen. Hannie was dan ook niet van het subtiele soort, merkten we aan de manier waarop ze de Palestijnse bevolking bejegende: “Niet zeuren, jongens: in Tel Aviv moeten de mensen ook binnenblijven vanwege de bommen!”

Hannie, een kind van Joodse ouders die haar eigenlijk helemaal niet Joods opvoedde, was naar Israël gekomen, omdat ze het leven in Nederland gewoon beu was: ze vond ons land te grauw en te deprimerend, dus vertrok ze in haar eentje naar Israël, het land dat ze kende van vakanties. En hoe langer ze er verbleef, hoe meer ze het gevoel kreeg dat ze het leger in moest. Hannie: “Ik kreeg na een jaar of vier het besef dat ik ook plichten had.”

De situatie van nu heeft opvallend veel overeenkomsten met die van toen, met dat ene grote verschil dat het in 1991 relatief rustig was op de Gazastrook en het grote gevaar toen nog Saddam Hoessein heette in wie de Palestijnen hun redder zagen. De redder die Israël ‘van de kaart zou vegen’ en de Palestijnen ‘hun land’ weer zou teruggeven. Hannie was daar als ‘Israëlische’ opvallend genuanceerd over destijds: “Iedereen heeft recht op zijn eigen plek, ook de Palestijnen, maar er bestaat toch wel een andere manier waarop je dat krijgt? Ze hebben een heel grote fout gemaakt door zich vóór Irak uit te spreken. Niemand zal hen nu aanvaarden, niemand zal nu écht proberen een oplossing voor hen te vinden. Dat is tragisch.”

Een paar jaar geleden dook Hannie nog op in een tv-serie van cabaretier en programmamaker Raoul Heertje, die Hannie nog kende van Haboniem, de wereldwijde Joodse jeugdbeweging waar ook Rebecca Baruch aan verbonden was. In die serie vertelde ze op een begraafplaats in Israël dat veel moeders met kinderen in het leger aan de kalmerende medicijnen zitten, ook zijzelf, “want we moeten wel: we zijn omringd door Arabieren die ons haten.” Dat is er vandaag de dag niet beter op geworden, zeggen we met veel gevoel voor understatement.