*Op de foto: Lieneke met haar broer, die in Opsporing Verzocht zijn verhaal mocht doen.
De Kerckwervelaan in Oegstgeest is typisch zo’n weg waarvan je er duizenden hebt in Nederland. Rijtjeshuizen en flats wisselen elkaar af. Hier en daar een stukje groen en op niet al te grote afstand wat winkels voor de dagelijkse boodschappen. Het is een rustige straat onder de rook van Leiden waar je niet snel toevallig terecht zult komen. Misdaad lijkt hier ver weg.
Toch is het hier, op nummer 84, waar in de nacht van 4 op 5 mei 1993 een ongekend laffe roofmoord wordt gepleegd. Het slachtoffer is de 63-jarige Lieneke Troost, een alleenwonende zwaar gehandicapte vrouw. Buurtbewoners zien in de vroege ochtend van woensdag 5 mei dat er duidelijk iets loos is op het adres. Het begint met één politieauto, maar al snel volgen er meer. Als niet veel later rechercheurs bezit nemen van het pand en er een afzetlint wordt uitgerold, sijpelt in de buurt langzaam door wat zich binnen heeft afgespeeld. De altijd zo vriendelijke mevrouw Troost is rond 08.00 uur door één van haar verzorgsters dood in bed gevonden. Vermoord in het holst van de nacht.
“Wat valt er nou helemaal te halen bij zo’n vrouw?” tekent een verslaggever van De Telegraaf die dag op uit de mond van een geschokte overbuurvrouw. “Ze ging soms met de thuishulp boodschappen doen of zat in het zonnetje voor haar deur, maar verder zag je haar niet.” Een bovenbuurman vertelt in hetzelfde nieuwsbericht dat hem die nacht niets bijzonders was opgevallen. “Was het maar waar. Als haar deurbel ging, dan hoorde ik dat altijd. Maar omdat ze veel hulp kreeg, ging de bel heel vaak. Dan let je daar op een gegeven moment niet meer op.”
Dierenharen
Als specialisten van de technische recherche (tegenwoordig de Unit Forensische Opsporing) het huis uitkammen, stuiten ze op een aantal veelzeggende en opmerkelijke sporen. Allereerst wordt duidelijk dat er geen deuren of ramen zijn geforceerd, de dader moet dus een sleutel hebben gehad. De mogelijkheid dat mevrouw Troost de dader zelf heeft binnengelaten kan meteen worden geschrapt, want daar was het slachtoffer door haar handicap niet meer toe in staat.
Verder blijkt dat de dader nogal gericht naar de buit heeft gezocht en precies wist waar hij moest zijn. Op meerdere plekken in het huis staan lades en kastjes open. Het ging hem – of haar –duidelijk om geld, andere spullen zijn ongemoeid gelaten. Mevrouw Troost was door haar verzorgster in bed aangetroffen, overleden ten gevolge van een rood kussen dat op haar gezicht was gedrukt. Een werkwijze die een van de vroegere verzorgsters, tegenwoordig werkzaam bij de politie, altijd heeft verbaasd. “Dit had de dader niet hoeven doen,” zo vertelde ze in een uitzending van Opsporing Verzocht.
“Mevrouw Troost was weerloos en niet tot enig verzet in staat. Als de dader alleen de alarmknop had weggehaald, had hij op z’n gemak ongestoord het hele huis kunnen doorzoeken. Ze had niet dood gehoeven.” Wat tijdens het sporenonderzoek verder opvalt, is de grote hoeveelheid dierenharen die wordt aangetroffen op Lienekes nachthemd en bed. Aangezien het slachtoffer zelf geen huisdieren had vormt het voor de recherche een aanwijzing dat de dader huisdieren heeft of bijvoorbeeld met dieren werkt.
Al in die eerste dagen na de moord wordt duidelijk dat de recherche een stevige kluif gaat krijgen aan het onderzoek. Mevrouw Troost was door haar zware handicap volledig afhankelijk van anderen. Tientallen verschillende verzorgers hielpen haar in vijf ploegendiensten de dag door. Het was dus een komen en gaan van mensen en bijna iedereen beschikte over een eigen sleutel.
Mevrouw Troost was door haar verzorgster in bed aangetroffen, ten gevolge van een rood kussen dat op haar gezicht was gedrukt
Dat maakt de groep van potentiële daders dus zeer groot, met als gevolg dat sporen van derden in de woning weinig zeggen. Ook getuigen kunnen het team niet echt op weg helpen; veel omwonenden waren zo gewend aan de regelmatige bezoekjes aan nummer 84 dat ze eigenlijk nergens meer op letten. Wat wel met vrij grote zekerheid kan worden aangenomen is dat het een inside job betreft. Met andere woorden; de dader beschikte vrijwel zeker over een sleutel, wist dat er geld in huis was en heeft de weerloze mevrouw Troost wellicht omgebracht om te voorkomen dat ze later bij de politie een naam zou noemen.
IJzeren long
De dood van Lieneke Troost vormt het tragische einde van een leven dat niet bepaald over rozen was gegaan, zo leert de recherche als ze zich verdiepen in de persoonlijke omstandigheden van slachtoffer. Lieneke wordt in 1930 geboren in Oegstgeest en groeit op in een harmonieus gezin met haar tweelingzus, twee broers en nog een oudere zus. Op haar 20ste vertrekt Lieneke naar Engeland om als au pair te gaan werken. Een leuk avontuur dat echter al snel een dramatische wending krijgt; Lieneke wordt getroffen door een ernstige polio-aanval.
De virale aandoening, ook wel bekend als kinderverlamming, beneemt Lieneke letterlijk de adem doordat haar longen nauwelijks nog functioneren. Om de ziekte te overleven moet de jonge au pair een half jaar in een ‘ijzeren long’ liggen, een apparaat dat haar ademhaling overneemt. Het blijkt een traumatische ervaring die Lieneke een levenslange angst om te stikken bezorgt. “Ze heeft later gezegd dat ze nooit in die ijzeren long had willen liggen,” zo vertelde een van Lienekes broers in Opsporing Verzocht. “Omdat ook haar verkering in die periode was uitgegaan, vond ze dat het leven geen zin meer had.”
Eenmaal terug in Nederland krijgt Lieneke een nieuwe klap te verwerken als haar vader komt te overlijden. Maar de familie vangt haar goed op en hoewel de polio diepe sporen nalaat, hervindt Lieneke langzaam maar zeker haar levenslust. Ze trekt in bij haar moeder, heeft veel contact met familie en bekenden en weet met hulp van haar moeder zelfs een baantje als typiste bij het TNO te bemachtigen.
Iedere werkdag rijdt de moeder Lieneke naar het kantoor. Dat gaat goed totdat in 1984 Lienekes moeder komt te overlijden. Het is voor de inmiddels 54-jarige Lieneke onmogelijk om alleen in het huis van haar moeder te blijven wonen, ze heeft bijna fulltime intensieve zorg nodig. Met hulp van de gemeente krijgt ze een aangepaste woning toegewezen, het is de woning aan de Kerckwervelaan in Oegstgeest waar ze negen jaar later wordt getroffen door het noodlot.
Erotische oproepjes
Lienekes onberispelijke levenswandel zorgt ervoor dat de recherche geen enkele aanleiding ziet om aan een conflict in de relatiesfeer als mogelijk motief te denken. Hooguit kan iemand zich in het nauw gedreven hebben gevoeld. Lieneke had de gewoonte om weleens geld uit te lenen aan verzorgenden, wellicht was bij één van hen de schuld zo hoog opgelopen dat het een motief vormde om mevrouw Troost te doden.
Het is een scenario, maar toch wordt er veel meer gedacht aan een moord uit pure hebzucht. Als de recherche de laatste periode uit haar leven reconstrueert, komen er een paar opmerkelijke zaken aan het licht. Een ervan is dat het contante geld dat Lieneke altijd in huis had om het zorgpersoneel van de betalen recent was aangevuld door de familie. Was het toeval dat er juist nu was toegeslagen, of wist de dader ervan?
Verder blijkt dat Lieneke een maand voor haar dood een advertentie had laten plaatsen in een lokale krant, waarin ze mensen zocht die haar een paar keer per week naar bed konden helpen. Door een foutje bij de krant was de advertentie niet in de rubriek Personeel Gezocht terechtgekomen, maar tussen de erotische oproepjes. Omdat het privé telefoonnummer in de advertentie stond, sluit de recherche niet uit dat iemand met kwade bedoelingen contact heeft gezocht. Het is een theorie, maar ook niet meer dan dat.
De laatste dag uit het leven van Lieneke Troost was verlopen zoals het eigenlijk al jaren ging. Om 23.00 uur die 4de mei 1993 had een verzorger de lakens strak getrokken en alle andere plooien van het beddengoed gladgestreken, een voorwaarde voor Lieneke om de slaap te kunnen vatten. Nadat de zorgmedewerker Lieneke uit het rolstoel had geholpen en in bed had gelegd, was de vrouw naar huis gegaan.
Het contante geld dat Lieneke altijd in huis had om het zorgpersoneel van te betalen, was recent door de familie aangevuld. Wist de dader ervan?
De politie denkt dat de dader rond middernacht de woning is binnengegaan. Hij heeft het rode kussen, dat later enigszins nat op het bed werd aangetroffen, net zolang op het gezicht van Lieneke gedrukt tot ze stikte. Daarmee was haar grootste nachtmerrie, de dood door verstikking, werkelijkheid geworden. Een paar uur later, toen de nieuwe zorgmedewerker rond 08.00 uur het huis binnenging voor het ochtendritueel, kwam de moord aan het licht.
Dna-sporen
Hoewel de politie alles in het werk heeft gesteld om moordenaar te vinden, blijft de zaak onopgelost. Tot verdriet van de nabestaanden en zeker ook de leden van het rechercheteam, die dag en nacht aan de zaak hadden gewerkt. De lafheid van het misdrijf had gezorgd voor een grote drijfveer om de dader te vinden.
De roofmoord op Lieneke Troost kwam in de jaren daarna nog weleens in het nieuws, maar tot een doorbraak of nieuwe inzichten leidde het nooit. Toch zijn de kansen daarop nog niet verkeken, want de recherche blijkt destijds sporen te hebben veiliggesteld die mogelijk dna van de dader bevatten. In 1993 kon het Forensische Lab daar nog niet veel mee, maar met de huidige technieken is er de hoop dat er vroeg of laat een verdachte uit komt rollen. En ook de mogelijkheid dat iemand vroeg of laat gaat praten wordt niet uitgesloten.
Politiewoordvoerster Annemarie de Mooij benadrukt dat uit onderzoek is gebleken dat daders van ernstige misdrijven in de loop der jaren gaan praten over wat er is gebeurd of wat ze hebben gedaan. “Dat zou in deze zaak het geval kunnen zijn. Rechercheurs van het coldcaseteam komen graag in contact met iedereen die iets weet of vermoedens heeft over de moord op Lieneke Troost. Het is niet strafbaar om daar pas jaren later over te praten.”
Update 2025: het Openbaar Ministerie heeft een beloning van 15.000 euro ter beschikking gesteld, die leidt naar de gouden tip over de moord op Lieneke Troost.
Weet jij iets over de moord op Lieneke? Neem dan contact op met de politie via de opsporingstiplijn 0800-6070. Liever anoniem? Bel dan naar 0800-7000.
Ook weerloos & vermoord
1.
Op maandag 15 oktober 1990 wordt Petronella Huijbens dood aangetroffen in haar woning aan de Korte Vleerstraat in Den Haag. Zij is door geweld om het leven gebracht. Petronella Huijbens was 77 jaar en woonde alleen. Het slachtoffer lag in de hal van haar huis. Haar polsen waren aan elkaar vastgebonden. Zij is door verstikking om het leven gebracht. Het is tot op de dag van vandaag niet bekend waarom zij om het leven is gebracht en door wie.
2.
De 75-jarige Peternella Hanegraaff, alleenstaand en gescheiden, wordt op 17 maart 1996 gevonden in haar woning. Ze is gewurgd. De politie denkt dat ze enkele dagen in haar woning heeft gelegen. Mevrouw Hanegraaff bezocht regelmatig dansavonden. Uit buurtonderzoek is gebleken dat bewoners het slachtoffer kennen als een praatgraag type. Ze stond bekend als gelovig en sprak ook vaak over het geloof.
3.
Nietsvermoedend ging op 21 november 1988 rond 07.00 uur de werkster van Alida Christiana Koopmans (63) de woning binnen in Den Haag. Voordat zij de woning aan de Mankesstraat 43 betrad, was het haar al opgevallen dat het licht volop brandde. In de hal van de woning aangekomen, kreeg de werkster de schrik van haar leven. Ze zag daar het lichaam van de dode vrouw liggen met rond haar hoofd een grote plas bloed.
Mevrouw Koopmans stond midden in het leven. Ze studeerde op 63-jarige jarige leeftijd nog klassieke talen aan de Faculteit der Letteren in Leiden. Ook was ze één van de (groot)aandeelhouders in de Besloten Vennootschap Koopmans Meelfabrieken in Leeuwarden. Het slachtoffer woonde alleen en zelfstandig in haar woning. Het onderzoek heeft tot op heden geen concrete aanknopingspunten opgeleverd die naar de vermoedelijke dader(s) kunnen leiden.
4.
Op donderdag 9 juni 2005, om 08.10 uur, werd de 93-jarige Ger Bindi-van der Steeg dood in haar huis aan de Gruttersdijk in Utrecht gevonden. Zij was door geweld om het leven gebracht. Ger Bindi was een bekende Utrechtse. Op de Amsterdamsestraatweg runde zij de eerste Italiaanse ijssalon van Utrecht. Men kende haar als een keurig verzorgde dame.
Ger was getrouwd met de uit Italië afkomstige Ottavio Bindi en iedereen noemde haar oma Bindi. Ze was erg geliefd en gaf vaak ijsjes weg aan arme kinderen. De laatste jaren woonde oma Bindi alleen en kreeg zij vanwege haar slechte gezondheid hulp van verschillende thuiszorgmedewerkers en mantelzorgers. Zij had toen bijna geen sociale contacten meer. Slechts enkele naaste familieleden kwamen nog bij haar over de vloer. Oma Bindi is door geweld om het leven gebracht, maar het is nog altijd niet bekend wie dat gedaan heeft.