Onepass
ONEPASS | Dit is een speciaal artikel

Beukend over natte kasseien

Een-tweetje

kasseien
Door: Redactie Panorama

Ha die Davidse!

Voor Panorama’s fietsspecial ging ik met Bobbie Traksel, ooit Nederlands grootste wielertalent en tegenwoordig wielercommentator bij Eurosport, naar de Hogerwaardpolder, op de grens van Zeeland en Noord-Brabant. Daar ligt een kasseienstrook van twee kilometer waar ze in Vlaanderen geen nachtmerries van krijgen, maar die mij wel genoeg angst inboezemde om er bijna kruipend overheen te gaan. Zeker bij de weersomstandigheden op die donderdagochtend. Het regende, het waaide en de kasseien blonken. Omstandigheden waar alleen wielrenners van de meest masochistische soort van smullen.

Onder de brug over het Schelde-Rijnkanaal spraken we af, omdat dat de enige droge plek in de wijde omgeving was. Bobbie had wel zin in een beestachtig ritje over de kasseien, zei hij. In 2010 won hij de Vlaamse kasseienklassieker Kuurne-Brussel-Kuurne, traditioneel verreden in het openingsweekend van het Noord-Europese wegseizoen. Tijdens die editie was het weer nog slechter dan nu. Van de 195 renners aan de start kwamen er maar 26 over de finish, omdat het halve deelnemersveld werd weggeblazen door een orkaan die in Frankrijk voor meer dan vijftig doden zorgde en die ook de omgeving rond Kuurne in een hel veranderde. Stijn Devolder, tweevoudig winnaar van de Ronde van Vlaanderen, werd geraakt door een rondvliegende vuilnisbak, Thor Hushovd kon geen Snickers vasthouden omdat zijn vingers waren bevroren en Tom Boonen hield het halverwege ook voor gezien. Hij stapte af om de rest van zijn voorjaar niet op het spel te zetten. Bobbie reed wel door en won.

Toen we de kasseien in de Hogerwaardpolder hadden getrotseerd en ik het verhaal ter nalezing bij hem inleverde, vond hij dat ik hem te veel als een held had afgeschilderd. Dat zei hij met dezelfde bescheidenheid die hem ervan weerhield om de echte top te bereiken, ondanks dat hij bij de junioren al eens de Ronde van Vlaanderen won. Diezelfde Ronde, de hoogmis van het Vlaamse voorjaar, wordt aanstaande zondag weer verreden. Ik hoop net als Bobbie op regen. Niks zo mooi als een natte kassei als je voor de tv zit, toch?

Groeten!

Micha Jacobs

Beste Jacobs,

Als je voor de tv zit... Dat is in dit kader inderdaad wel een essentiële toevoeging. Lange tijd heb ik mijzelf als een geboren kasseienvreter gezien. Schrik niet: met mijn postuur zou ik mijzelf zeker geen atleet durven noemen, maar als je me onder schot zou houden en me zou dwingen mijzelf te vergelijken met een bepaald type topsporter; dan met de bonkige rechttoe-rechtaan-stoempers die op de prehistorische karrensporen van de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix woest beukend het peloton aanvoeren. Bäckstedt, Tafi, Stannard: massieve kerels, gespeend van elke vorm van souplesse.

Tot ik twee jaar geleden met wat vrienden een appartementje boekte in Oudenaarde, de stad die zich graag afficheert als ‘Het Hart van De Ronde’. Hoewel we geen van allen getrainde fietsers waren, leek het ons leuk om De Ronde van Vlaanderen, de koers die we zo goed kenden van tv en die we al ons hele leven met talloze uitroeptekens als een feestdag in onze agenda’s schreven, een keer aan den lijve te ondervinden.

De Koppenberg, de Oude Kwaremont, de Pater, de Steenbeekdries, de Mariaborrestraat, de Donderij... In gedachten zag ik mijzelf de monumentale monsters al stuk voor stuk bedwingen. Verstand op nul, blik op oneindig en stoempen maar. Om dan, eenmaal boven, een laatste minachtende blik achterom te werpen en die belachelijke rotstenen nog eens goed de huid vol te schelden.

In werkelijkheid kwam ik nergens fietsend boven. In veel gevallen niet eens halverwege. Ik ben waarschijnlijk de enige die Vlaanderens Mooiste gelopen heeft, in plaats van gefietst. Van alle beroemde hellingen kan ik alleen van de Steenbeekdries zeggen dat ik hem meter voor meter gefietst heb. Maar die legden we net als het Ronde van Vlaanderen-peloton dan ook van boven naar beneden af. En nou niet lachen want zo makkelijk is dat niet. Ik heb in mijn leven nog nooit ergens zo hard in geknepen als toen in mijn remgrepen. En nóg was ik ervan overtuigd dat elke meter Steenbeekdries mij minstens tien spaken en twee vullingen kostte. 

Sinds die dag is elke kassei voor mij een spiegel waarin ik mijzelf terugzie als een complete loser. Als een stumper, in plaats van een stoemper. Zeker als ze nat zijn.

Groet,

Jochem Davidse

Op de hoogte blijven van het laatste nieuws en mooie acties? Schrijf je dan nu in!
Onepass +

Dit is een OnePass artikel

Lees de artikelen van je favoriete magazines, waar je ook bent.

Meer over OnePass