Toen dinsdag duidelijk werd dat de rechter tot dit oordeel kwam, verlieten de ouders van het meisje voortijdig de rechtszaal, zo meldt het Algemeen Dagblad.
De rechtbank vindt dat Jamal T. niet 'aanmerkelijk onvoorzichtig' heeft gereden. Hij reed niet te hard en keek slechts heel kort op een navigatiescherm. Uit forensische rapportages blijkt bovendien dat Tamar ten tijde van de aanrijding waarschijnlijk al op het wegdek lag.
Omdat het stikdonker was op de afgelegen dijk, hoefde de automobilist volgens de rechters geen voetgangers te verwachten. Dat T. dacht over een dier te zijn gereden en daarom niet direct stopte, vindt de rechtbank aannemelijk. Er was aan zijn auto ook geen schade te zien die overduidelijk op een aanrijding met een mens wees.
Geen bewijs voor verslepen
Een belangrijk punt in het dossier was de vindplaats van Tamar. Het OM en de nabestaanden vermoedden dat het meisje na de klap is versleept naar de berm. De rechter veegt dit scenario echter van tafel wegens een gebrek aan bewijs. Er zijn in de auto geen DNA-sporen van Tamar gevonden. Volgens de rechtbank is het niet uitgesloten dat het zwaargewonde slachtoffer zichzelf na het ongeluk nog heeft verplaatst. T. werd daarom ook vrijgesproken van het doorrijden na een ongeval.
De uitspraak is een zware klap voor de nabestaanden, die via een artikel 12-procedure alsnog deze strafzaak hadden afgedwongen nadat T. eerder enkel een verkeersboete kreeg. Hoewel justitie onlangs nog 8 weken cel eiste, oordeelt de rechtbank dat er simpelweg te weinig bewijs ligt. Zelfs de eerdere boete is hiermee van de baan.
Advocaat Sébas Diekstra laat aan het Algemeen Dagblad weten dat de uitspraak voor de ouders "niet te verteren" is. Het Openbaar Ministerie kan nog in hoger beroep gaan tegen de vrijspraak.