De fatale aanrijding vond plaats in de nacht van 25 juli 2020 aan de Waterlandse Zeedijk in Zuiderwoude. Volgens de officier van justitie zat T. die nacht onvoldoende op te letten. In plaats van zijn ogen op de weg te houden, zou hij naar de navigatie op zijn telefoon hebben gekeken, die door een bijrijder werd vastgehouden. Voor dit onvoorzichtige rijgedrag eist het Openbaar Ministerie 2 weken cel.
T. heeft bij de politie verklaard dat hij merkte dat hij ergens overheen reed, maar dat hij in de veronderstelling verkeerde dat het om een dier ging. Hij stopte niet en reed door naar Duitsland, waar zijn Mazda 3 later door de recherche werd getraceerd.
Onder de auto werden volgens het OM DNA-sporen van het slachtoffer en vezels van haar kleding gevonden. Voor het doorrijden na een ongeval eist justitie nog eens 6 weken cel.
In de berm
Hoewel de betrokkenheid van het voertuig volgens het OM vaststaat, blijven er vragen over de exacte toedracht. Justitie gaat er vanuit dat Tamar al op de weg lag op het moment dat zij werd overreden. Ze had namelijk geen beenletsel en de motorkap van de auto vertoonde geen schade. Hoe het meisje op het asfalt terechtkwam, is tot op de dag van vandaag onbekend.
Ook over de plek waar zij werd gevonden, bestaat onduidelijkheid. Tamar werd aangetroffen in de berm, maar van sleepsporen naar die plek was geen sprake. Omdat er geen DNA van de verdachte op het lichaam van het meisje is gevonden, acht justitie het mogelijk dat zij zichzelf met haar laatste krachten naar de berm heeft verplaatst.
'Impact is immens'
In de rechtszaal werd de enorme impact van de zaak op de nabestaanden en de gemeenschap pijnlijk duidelijk. "De gevolgen zijn onvoorstelbaar en de impact is immens, voor nabestaanden en het hele dorp Marken", aldus de officier van justitie, volgens RTL Nieuws.
Het onderzoek naar de dood van de tiener heeft door de complexiteit van de sporen en de internationale aspecten jarenlang geduurd, waarvoor het OM tijdens de zitting zelfs excuses aanbood. De uitspraak volgt op een later moment.