Onlangs sprak ik een kennis die dit jaar vanwege zijn pensioen afscheid neemt van de Amsterdamse politie. Ik noem hem Hans. En zo heet hij trouwens ook. Hans kent Amsterdam tot in de haarvaten. Heeft alles gezien en meegemaakt, van krakersrellen tot moorden en van supportersgeweld tot ramkraken. Ik vroeg hem hoe hij de stad achterlaat, waar de grootste problemen liggen. Hans had ongeveer één seconde nodig om zijn antwoord te formuleren. “Syrische jongeren. Daar gaan we nog veel mee beleven. Ze hebben overal schijt aan.”
Ik moest hieraan terugdenken toen ik las over wat er op 21 januari in Groningen is gebeurd. In een Albert Heijn aan de Oude Ebbingestraat werd een 19-jarige jongen door een groep mannen minutenlang finaal in elkaar geslagen. De aanleiding: een opmerking die verkeerd viel bij mensen die die avond voor een Syrische demonstratie naar de stad waren gekomen. Het winkelpersoneel probeerde dapper in te grijpen. Het mocht niet baten. Het slachtoffer belandde zwaargewond in het ziekenhuis. De politie noemt het zelf ‘extreem geweld’. In de misdaadpodcast van Mick van Wely noemde een jongerenwerker het ‘hyenagedrag’.
En vorige week las ik in Het Parool over de situatie in Amsterdam: een toename van incidenten in de binnenstad met mensen die, aldus de politie, ‘gevoelsmatig weinig tot niets meer te verliezen hebben’. De politie noemde gelukkig ook het beestje bij de naam: Syrische jongeren die ‘een uitzichtloos bestaan leiden’.
Deze groep heeft niets meer te maken met inclusiviteit. Niets met een kleurrijk Amsterdam of de rijkdom van diversiteit. Zij zijn verantwoordelijk voor ontwikkelingen die de maatschappij alleen maar op scherp zetten. Wat zegt u, polarisatie? Met dat versleten stoplapje kun je een groep die het willens en wetens verziekt voor anderen niet alsmaar de hand boven het hoofd blijven houden. Polarisatie veronderstelt twee kanten. Hier is er maar één die zorgt voor ellende.
‘Ze hebben overal schijt aan.’ Dat is niet zomaar een zure uitspraak van een agent aan het einde van zijn loopbaan
En ja ik weet het: de meeste Syriërs die naar Nederland zijn gevlucht, hebben het zwaar gehad. Daarvoor is begrip op zijn plaats. Maar begrip is iets anders dan wegkijken. En een deel van politiek Nederland doet dat al jaren, uit angst voor het verwijt van racisme of islamofobie. Intussen stapelen de incidenten zich aantoonbaar op. In Arnhem, Utrecht, Den Bosch, Nijmegen, Groningen, Amsterdam. Burgemeester na burgemeester slaat alarm. In Den Bosch scheurden ze op fatbikes door de kermis, beroofden ze winkels en kochten ze van het weekgeld een boksbeugel. In Groningen deelden ze klappen uit bij een demonstratie en legde de burgemeester zeven van hen een gebiedsverbod op. In Arnhem reden ze op fatbikes door de binnenstad en zorgden ze voor intimidatie en vechtpartijen.
“Ze hebben overal schijt aan.” Dat is niet zomaar een zure uitspraak van een agent aan het einde van zijn loopbaan. Het is de diagnose van iemand die 40 jaar lang heeft gekeken naar wat mensen beweegt, hoe een stad verandert en waar de problemen liggen. Wat hij beschrijft, is een groep jonge mannen zonder anker, zonder vader in veel gevallen, opgegroeid in een wereld waar eer en gezichtsverlies allesbepalend zijn en die zijn losgelaten in een samenleving die hen vooralsnog geen strobreed in de weg legt. De politie erkent het inmiddels: dit is een maatschappelijk probleem dat zij niet alleen kan oplossen. Dat geloven we direct. Maar erkennen is in ieder geval een eerste stap.
Hans maakt nog wat vrije dagen op en gaat dan officieel met pensioen. Hij laat een stad achter die mooi genoeg is om hordes toeristen te trekken, maar die tegelijk veel kwetsbaarder is dan haar wegkijkende bestuurders willen toegeven. Hans heeft gedaan wat hij kon. Nu is het aan de rest.
Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.
Online onbeperkt lezen en Panorama thuisbezorgd?
Abonneer nu en profiteer!
Probeer direct