We leerden het vroeger op school: water kwam op aarde door inslagen van kometen en asteroïden. Een mooi verhaal, maar volgens Steven Jacobsen van de Northwestern University klopt er geen snars van.
Zijn team ontdekte een gigantische voorraad water die niet klotst, maar gevangen zit in een mysterieus blauw gesteente genaamd ringwoodiet.
Dit gesteente werkt als een soort 'geologische spons'. Op 700 kilometer diepte, in de verzengende hitte van de aardmantel, zuigt dit mineraal waterstof op als een bezetene. Het resultaat? Een ondergronds reservoir van epische proporties dat al miljarden jaren onder onze voeten zit te broeien.
De aarde als gigantische CT-scan
Hoe vind je zoiets zonder een gat van honderden kilometers te graven? Simpel: je gebruikt de aarde als een röntgenapparaat. Door de trillingen van meer dan 500 aardbevingen te analyseren met een leger van 2.000 seismografen, zagen de onderzoekers iets vreemds. De schokgolven vertraagden op exact dezelfde diepte.
De geschiedenisboeken kunnen de prullenbak in
Deze vondst is een mokerslag voor de gevestigde wetenschap. Als dit waterreservoir inderdaad wereldwijd aanwezig is, betekent dit dat onze oceanen van binnenuit zijn ontstaan. We zijn niet 'natgeregend' door kometen; de aarde is simpelweg van zichzelf een kletsnatte bol die haar eigen water naar buiten heeft gezweet.
De grote vraag is nu: ligt de hele wereld op deze natte fundering? Als dat zo is, moeten we onze blik op de kosmos en de zoektocht naar leven op andere planeten volledig herzien.