Het draait allemaal om die schijnbaar onschuldige minuten tussen de kledingkast en de prikklok.
Een medewerker van de Franse supermarktgigant Carrefour pikte het niet langer dat hij tijdens deze wandeling al volledig 'aan' moest staan voor klanten, zonder dat daar een cent tegenover stond.
Wat begon als een frustratie over een dagelijks loopje, is uitgegroeid tot een principezaak bij het Franse Hof van Cassatie die de definitie van arbeidstijd volledig op scherp zet.
De illusie van de vrije wandeling
Het conflict ontstond bij het schap van de supermarkt, nog voordat de medewerker officieel was ingeklokt. Zodra deze werknemer zijn uniform aantrok - compleet met badges die teksten dragen als "100% tot uw dienst" of de veelzeggende "Oui-attitude" - veranderde hij in de ogen van de klant in een wandelende informatiebalie.
Terwijl hij over de winkelvloer naar de prikklok liep, werd hij voortdurend aangeklampt met vragen over de locatie van de doperwten of de prijs van het stokbrood. Volgens de Franse arbeidswetgeving ben je aan het werk zodra je ter beschikking staat van je werkgever en niet vrijelijk over je eigen tijd kunt beschikken.
De rechter stelt nu dat een werknemer in uniform, die gedwongen is om door klantgebieden te lopen, feitelijk zijn pauze of privétijd al heeft beëindigd.
Een burgerjas als schijnoplossing
De verdediging van Carrefour was opmerkelijk creatief maar hield geen stand bij de hoogste rechter. De supermarktketen voerde aan dat medewerkers simpelweg een eigen burgerjas over hun uniform konden aantrekken om onzichtbaar te blijven voor het winkelend publiek.
Ook werd gesuggereerd dat de werknemer de centrale gangen maar moest mijden om confrontaties met klanten te voorkomen. Advocaat Kenny Lassus sabelde dit argument neer door te stellen dat het toestaan van een burgerjas de kern van het probleem niet wegneemt. De vraag blijft immers of de werknemer op dat moment ondergeschikt is aan de instructies van de baas.
Het Hof van Cassatie oordeelde dat de lagere rechters onvoldoende hadden onderzocht of het verschijnen in uniform voor klanten een onvermijdelijke professionele beperking vormt.
De tikkende tijdbom onder het loonstrookje
Wat deze zaak echt explosief maakt, is de financiële nasleep. De zaak is nu terugverwezen naar het Hof van Beroep, maar de toon is gezet.
Als dit traject definitief als arbeidstijd wordt aangemerkt, opent dat de deuren voor massale claims van achterstallig loon. In Frankrijk kunnen dergelijke loonclaims tot drie jaar teruggaan. Hoewel het per dag slechts om enkele minuten gaat, telt dit over een periode van jaren op tot een aanzienlijk bedrag, zeker wanneer deze minuten als overuren worden belast.
Voor grote winkelketens betekent dit dat elke meter tussen de kleedkamer en de prikklok een peperdure kostenpost kan worden, terwijl de werknemer eindelijk betaald krijgt voor de "Oui-attitude" die al in de kleedkamer begint.