Lifestyle

Kimberley Jongen is de beste hondenfotograaf van Nederland

Je moet er maar opkomen, fulltime hondenfotograaf worden. Kimberley Jongen bedacht het nadat haar leven in scherven kwam te liggen door een inbraak. Het bleek een gouden greep: klanten staan te trappelen om hun Diesel, Boef of Bella voor haar lens te krijgen. “Dit is mijn roeping: baasjes blij maken.”

Anton Slotboom
Jongen

Daar ligt ze dan, op de grond, gekke geluidjes makend tegen een hond die moet poseren, maar daar niet zo 1-2-3 zin in heeft. Z’n baasjes zitten op de bank, in dezelfde studio. Ongetwijfeld hopen ze op deze waterkoude doordeweekse dag op mooi beeld. Dat kan dan thuis in de woonkamer worden gehangen – sommige mensen houden bijna verblindend veel van hun huisdier. “Ja, doe maar,” kirt de fotograaf. “Goed zo.”

De fanatieke categorie dierenliefhebbers is in de Motherpuppers Studio in Oud-Beijerland behoorlijk aan het goede adres. Aan de wand, in deze studio vol zuurstokkleuren: foto’s van honden. Op het salontafeltje, helemaal in vintage fifties-stijl: ook foto’s. Natuurlijk van honden. Je zou maar een kattenmens zijn, dan krijg je het hier behoorlijk benauwd. Maar zelfs kattenmensen zouden bij het zien moeten beamen: hier gaat iets goed. Heel erg goed. 

Wilde jaren

Spoel pakweg tien jaar terug in het leven van Kimberley Jongen (37) en ze werkt bij de slager. Hard werk, en ze is er goed in. Broodjes smeren vooral. ’s Avonds is ze moe, dat wel. Maar haar leven is al met al een prima leven, mijmert ze als ze na de sessie met de hond die uiteindelijk toch best zin krijgt op de fiftiesbank ploft en begint te mijmeren. “Ja, hoe zag mijn leven eruit? Werken, soms uitgaan met een vriendin. Ik had een eigen huisje in Schiedam. Geen relatie, nee. Niet in die tijd. Dat was prima. Ik ben een paar mannen tegengekomen die niet echt het beste met me voorhadden.”

Hondenbrokjes in alle soorten en maten.

Na die ervaringen waren mannen bij haar aan het verkeerde adres, wil ze maar zeggen, terwijl ze koffie neerzet voor ons. Zielig? “Welnee,” schatert ze. “Ik ben toch al graag op mezelf.” 

‘Ik bedacht: ik neem een hond. Niet eens voor het waakzame gevoel, maar echt voor de afleiding. Die had ik nodig’

Bovendien had ze ook best wilde jaren achter de rug. Lang was ze danseres op feesten, een baan die dankzij dj Paul Elstak kreeg: “Ik heb de havo voor Muziek en Dans gedaan en wilde graag iets met dansen doen.”

Het was vaak nachtwerk, maar dat zat erop. Nu was ze slager. En, zegt Jongen, was ze simpelweg gelukkig: “Als je nog geen groter geluk hebt gekend, denk je dat dat genoeg geluk is. Ik was tevreden.” 

Uit de jukebox schalt ongetwijfeld Elvis' Hound Dog.

Maar dan, in haar kalme, kabbelende leven, pats: ellende. Een inbraak. In haar huis. Waar ze als vrouw alleen woont. Die inbraak zet haar hele leven op zijn kop, maar daarover later meer. Want eerst vertelt ze nog even waar ze vandaan komt. “Ik ben opgegroeid in Spangen in Rotterdam. Daar begon mijn jeugd. Man, daar heb ik veel heftige dingen gezien. Later zijn we met het gezin in Schiedam beland.” Haar ouders waren toen nog bij elkaar. “Daar woonde ik dus ook op mezelf, in een buurt die Nieuwland heet.” 

Nou, dat is dus écht de slechtste buurt van Schiedam, zegt ze. “Daar wil je gewoon niet zitten. Maar ik heb net twee weken geleden de sleutel ingeleverd en weet gewoon: hier kom ik nooit meer terug.”

Hamer naast bed

Nu terug naar vijf, zes jaar geleden. Het is in die slechte buurt waar het misgaat. “Ik deed niet veel in die tijd, maar af en toe ging ik met een vriendin stappen, in Rotterdam,” vertelt Kimberley. “Na het stappen kwam ik thuis en toen... De deur was gewoon op slot. Dat was dus nog gewoon zoals het hoorde, want die had ik zelf op slot gedaan. Maar ik kwam binnen en zag direct een bakje liggen op de grond. Ik dacht meteen: wat doet dat bakje daar nou? Er stonden laatjes open. Ik dacht éérst: verzin ik dit nou? Is het een droom?”

‘Je moet er iets bij voelen. Als je er blij van wordt, of denkt: wat schattig. Dán heb ik een goede foto gemaakt’

Je wilt zoiets niet geloven, zegt ze: “Ik schrok vervolgens zo erg dat ik niet meer verder durfde te lopen. Want ik dacht: misschien is er nog wel iemand in huis. Dus ik ben direct naar buiten gegaan en heb daar de politie gebeld. En toen ben ik blijven wachten.”

Binnen bleek niemand meer. De dader was gevlogen en werd ook nooit meer gevonden. Kimberley: “Ik heb nooit echt iets meer gehoord. Ik heb ook niet het idee dat ik heel goed ben geholpen. Ja, ik kreeg zo’n automatische brief van Slachtofferhulp.”

Hondenoutfitjes zijn er ook.

Dat het aan opsporing ontbreekt, betekent niet dat de inbraak voor Jongen zelf ook een routinegebeurtenis zal zijn. Integendeel: “Sinds die inbraak heb ik altijd een hamer naast mijn bed gehad,” zegt ze, terwijl de zoveelste jaren vijftig-hit door haar studio klinkt. “Sinds die nacht van de inbraak ben ik veranderd. Ik ben meer op mensen gaan letten in het leven. Kan ik ze wel vertrouwen? Vooral in die weken na de inbraak was dat erg. Ik werd helemaal gek.”

Waakhond

Het zal haar niet aan te zien zijn geweest. Jongen zit onder de tattoos, tot in haar nek. Ze is altijd al een beetje anders geweest, zegt ze: “Die tattoos horen echt bij me. Mijn eerste tattoo op m’n arm was alleen mislukt, die leek echt nergens op. Later heb ik daar een sleeve overheen gezet. Is mooier. Maar ja, nu heeft iedereen ze. Ik heb er geen spijt van, maar vind wel: als je nu uniek wil zijn, moet je ze juist niet nemen.” Glimlachend, terwijl de tattoos in haar hals meedeinen: “Niet doen dus.”

Terug naar de eerste weken na de Schiedamse inbraak. Kimberley: “Ik ben normaal dus echt nooit bang. Maar na die nacht raakte ik echt angstig. Toen merkte ik dat angst je echt paranoïde kan maken. Want je gaat gewoon dingen horen en zien die er niet zijn. Dat was het moment waarop ik dacht: er moet nu iets veranderen, anders word ik helemaal gek. Ik durfde niet eens het geluid meer aan te zetten van de televisie! En ’s nachts kon ik niet slapen. Dan ging ik maar op Google een hulplijn zoeken. Er bleek een hulplijn met vrijwilligers te bestaan die ik dan belde. Ik durf niet te slapen, zei ik. En dan kreeg ik terug: Mevrouw, ik zou ook niet weten wat u moet doen. Zij dachten ook: sorry, maar hoe kunnen we jou helpen? Maar ja, ik kon gewoon niemand anders bellen. Het is ook niet dat je even je moeder opbelt om drie uur ’s nachts.”

Wie niet goed slaapt, wordt langzaam een beetje vreemd, vertelt ze: “Ik liep ’s avonds rondjes om mijn huis om te kijken of niemand me in de gaten hield. En als ik dan weg van huis was, wilde ik juist weer naar huis. Ik heb toen wel gemerkt wat een inbraak psychisch met je kan blijven doen als je niet oppast. Uiteindelijk dacht ik: oké, ik ben mentaal mezelf nu dus definitief gek aan het maken. Ik moet nu dus ook iets gaan veranderen om mezelf anders te gaan voelen. En zo kwam ik eigenlijk op het idee: ik ga een hond nemen. Eigenlijk niet eens voor het waakzame gevoel, maar echt voor de afleiding. Die had ik nodig.”

Dat was achteraf een alles bepalend besluit in haar leven, zegt de gelauwerde fotograaf nu: “Ik vraag niet zo snel mensen om hulp. Ik heb liever dat ik zelf iets onderneem. Dat is echt heel raar, of niet? Niet handig, eigenlijk. Maar in ieder geval: ik nam dus een hond. Een puppy, dat wilde ik. Een beetje een stoere hond ook. Ik moest wel een beetje een waakhond hebben. Eerst heb ik wat honden gezien die al wat ouder waren. Ik dacht: ja, die verdienen het eigenlijk wel, een nieuw baasje. Toen ben ik ook echt bij één zo’n hond gaan kijken. Nou, die begon toch te blaffen en te doen! Ik voelde de connectie totaal niet. En niet lang daarna zag ik dus een puppy, een Stafford. Ik dacht: kalm blijven, ik ga kijken en als ik hem wil, dan ga ik hem pas de volgende dag halen. Nou, je raadt het al: hij is gelijk meegegaan in de auto. Ik wist het meteen.”

Kimberley zorgt voor de brokken.

Voorbestemd

Aan veiligheid bood dit kleine hondje, dat vandaag op de eerste verdieping ligt te slapen terwijl het baasje ons beneden ontvangt, ‘totaal niets’. Maar ja, zegt Kimberley met een lach, dat weten andere mensen natuurlijk niet: “In mijn buurt liepen ze echt met een enorme boog om ons heen. De mensen daar moesten niets van honden hebben.”

Ze lacht harder: “Alsof zo’n hond je iets aandoet! Als je hem een koekje geeft, dan is hij je beste vriend. Maar honden, nee, dat vinden veel mensen in die wijk maar vies.”

De jeugdige onbezonnenheid van het beestje zet Kimberley op dat moment op een nieuw spoor: “Ik was de eerste tijd natuurlijk de hele dag zijn plasjes aan het opruimen. Ik moest alleen maar met hem bezig zijn en eigenlijk had ik niet eens de tijd om over iets anders na te denken. Ik merkte al snel: dit is dus echt de beste beslissing die ik had kunnen nemen.”

Want de boze gedachten verdwenen uit beeld, al bleek het hebben van een hond nog wel een heel geregel. Regel maar eens een oppas, bijvoorbeeld: “En dat moest ik opeens wel, want ik werkte toen nog bij de slager.” 

Bijna klaar voor de cat- eh, dogwalk.

Haar aanstekelijke lach golft door de studio: “Ze zeggen altijd: je krijgt niet de hond die je wilt, maar die je nodig hebt. Die hond, die was gewoon bestemd voor mij. Dus ik met die hond naar een puppytraining. En maar foto’s maken, natuurlijk. Ik werd gék op dat beestje.”

Het was echt haar beste vriend, vertelt ze: “Ik ben al snel alleen met ’m op vakantie gegaan, in mijn eentje naar Limburg, voor een midweekje. Zonder vent dus, ik vind dat heerlijk, ik ben sowieso nog steeds heel erg op mezelf. Dus ik dacht: ik ga gewoon lekker alleen. Overal maakte ik foto’s van ’m. Het is tegenwoordig heel normaal om een Instagramkanaal voor je hond te beginnen, maar toen nog niet. Maar dat deed ik wel en dat ging al snel heel goed.”

Ze bleek over een onontdekt talent te beschikken. Haar hondenfoto’s toonden het beestje op zijn grappigst, ontroerendst, op een bijna menselijke manier zelfs. Dat deed ze allemaal nog gewoon met een telefoon: “Ik dacht: dit is eigenlijk zó leuk, zou ik niet gewoon een camera moeten kopen? Dat heb ik toen gedaan.”

‘Het leven van een hond gaat snel. Op een dag is-ie er niet meer. Dus kun je je huisdier bij leven maar beter in beeld vastleggen’

Met zonnebril

Daar ging het geld van de slager. De lach van Jongen galmt opnieuw door de ruimte als ze vertelt hoe het daarna verder ging. Want daar zit ze dan, in haar woninkje in Schiedam, waar is ingebroken, met een gloednieuwe en dure camera op schoot: “Die ik dus tótaal niet begreep. Wat een ingewikkeld ding. Het lukte niet.” 

Maar ja, opgeven zit niet in de aard van een Rotterdammer, weet ze: “Nee, ik moet het kunnen, ik móét het kunnen, dacht ik toen. Kom op, nog een keer proberen! En toen kreeg ik het eindelijk een klein beetje onder de knie. Ik ben natuurlijk eerst mijn eigen hond met die camera gaan fotograferen en dat resultaat zette ik op mijn Insta-account. Jongens, kijk eens wat ik aan het doen ben, schreef ik erbij. Als iemand langs wil komen, kom maar langs. Ik wilde nog veel meer honden gaan fotograferen.”

Even aan het rad draaien voor extra korting of een prijsje.

Hoe mooi is het dat er uit verdriet zoiets voortkomt? Dat heeft ze zich sindsdien vaak afgevraagd. En al helemaal nu ze in deze glimmende studio zit. Haar spontane oproep wordt meteen beantwoord, want al snel komen meer en meer hondenbaasjes naar Schiedam om ook hun hond op te foto te laten zetten. 

Ze fotografeert de honden vaak voor felle kleurenwandjes. En dan krijgen die beestjes ook nog eens allerlei geks aangemeten, van kleine zonnebril tot spijkerjasje: “Het enige is: ik liet mensen dus naar mijn huis komen. En ik schaamde me toch zo voor de slechte buurt.”

Maar ze zette wel door. Met succes. Inmiddels heeft ze vele honderden honden gefotografeerd. Bij de slager werkt ze niet meer, want ze heeft tegenwoordig een eigen studio geopend waar bezoekers uit heel Europa naartoe komen. Dat is voor haar een grotere mijlpaal dan mensen denken. Kimberley merkt al haar hele leven ‘dat mensen me niet snel serieus nemen’. “Dan denk ik altijd: let maar op. Bij de slager zag ik het ze ook wel denken, hoor. Ik ging steeds minder werken, ik kreeg het drukker en drukker met de hondenfoto’s. Wat doe ik hier, dacht ik als ik in de slagerij was. Ik heb helemaal geen tijd voor dit werk, ik moet foto’s bewerken. Hans, mijn baas, had daar wel begrip voor. Hij had het wel zien aankomen, zei hij. Hij verwachtte alleen wel dat ik over een maandje of wat weer zou bellen, met de vraag of ik nog een dagje kon komen werken. Dat gevoel had ik echt. Maar ik besloot er alles aan te doen om dat níet te laten gebeuren. Dat zit ook wel in mijn karakter.”

Vertrouwen winnen

De inbraak raakte de afgelopen jaren weer op de achtergrond. Het is wonderlijk hoe zo’n naar moment een leven zo mooi kan beïnvloeden, vindt ze nu.

Het zijn de gekke hondenfoto’s die het beste werken, weet ze inmiddels. Een hond die een gekke bek trekt, of met de ogen rolt: dat soort werk scoort online wereldwijd veel clicks en likes. “Ik vind vooral dat je er wel er iets bij moet voelen, dat je er blij van wordt, of dat je denkt: wat schattig,” zegt ze. “Dán heb ik een goede foto gemaakt. Als ik iets oproep. Fotografen zeggen vaak: mijn foto’s vertellen een verhaal. Nou, mijn foto’s vertellen helemaal geen verhaal. Mijn foto’s geven je een gevoel.”

Het doet haar goed dat eigenaren vaak al snel beginnen te vragen, lang voor ze het resultaat heeft opgestuurd: En, hoe is het geworden? “Ik heb echt mijn roeping gevonden, want ik maak baasjes blij. Mensen overleven de hond altijd, hè? Ze zijn zo druk bezig met hun leven en hun werk. En dan vergeten ze weleens hoe snel het leven van een hond gaat. Op een dag is je hond er gewoon niet meer. Dan kun je je huisdier bij leven maar beter in beeld vastleggen.”

Wat het mooie is: de hondeneigenaren wordt in deze studio áltijd gevraagd het zelf rustig aan te doen. Om even een stapje terug te nemen. Haast bestaat hier niet. Kimberley: “Ik neem altijd alle tijd. Je moet natuurlijk toch een beetje het vertrouwen winnen van zo’n hondje.”

Het woord vertrouwen speelt een grote rol in haar leven. Het nam weer toe, na de inbraak, toen de honden en de fotocamera op haar pad kwamen. Ze vond in deze betere tijden ook een vriend, ook een hondeneigenaar, met wie ze net is gaan samenwonen. 

“Ik wist helemaal niet dat het leven ook zo normaal kon zijn,” zegt ze. “Eigenlijk ben ik nu nog gelukkiger dan dat ik destijds was voor de inbraak. Terwijl ik toen ook tevreden mijn leven leidde. Er zijn echt mooie dingen gebeurd.”

Premium
Je hebt zojuist een premium artikel gelezen.

Online onbeperkt lezen en Panorama thuisbezorgd?

Abonneer nu en profiteer!

Probeer direct