Op 16 april van dit jaar werd de 24-jarige Emiel den Hollander zwaargewond aangetroffen op het dak van een garagebox aan de Osdorper Ban in Amsterdam, na een val van een balkon op de vierde verdieping. Twee maanden later, op 19 juni, bezweek hij aan zijn verwondingen.
Volgens het Openbaar Ministerie is er sprake van doodslag. Emiel zou in de flat tegen zijn wil zijn vastgehouden en geen andere uitweg hebben gezien dan van het balkon te springen.
'Leven kapot'
Verdachte Arny R. wil echter niets weten van deze beschuldigingen. In de rechtszaal verklaarde hij maandag onschuldig te zijn. "Ik was nooit in die woning en ik ken hem niet. Mijn leven is gewoon kapotgemaakt", aldus de verdachte, volgens het Algemeen Dagblad.
Zijn advocaten pleitten voor vrijlating. Volgens de verdediging is er geen sprake van doodslag, maar zou Emiel vrijwillig naar de woning zijn gegaan en vervolgens ongelukkig zijn gevallen of uitgegleden. Wat er precies binnen is gebeurd, blijft volgens hen onduidelijk. Wel gaf R. toe dat hij een medeverdachte heeft ontmoet bij een hotel in Hoorn.
Inbraakpogingen bij familie
Het OM schetst echter een heel ander beeld. Justitie stelt dat R. een dag voor het incident al voorbereidingen trof met medeverdachten. Na de fatale val van Emiel zou R. in een auto van Osdorp naar Zaandam zijn gereden.
Opvallend was de onthulling van een nieuwe verdenking tijdens de zitting. R. zou hebben geprobeerd in te breken bij zowel de vriendin als de moeder van het slachtoffer. Volgens de officier van justitie waren R. en een andere betrokkene mogelijk op zoek naar 'iets' wat ze niet konden vinden of krijgen.
Gemiste geboorte
Arny R. vroeg de rechters om zijn voorarrest te schorsen, mede omdat hij in oktober vanuit de cel vader is geworden van een dochter. "Ik kon ook niet bij de geboorte zijn. Dat doet echt pijn", vertelde hij. Het OM vindt dit echter niet zwaarwegend genoeg en verzet zich tegen vrijlating. De rechtbank doet dinsdag uitspraak over zijn hechtenis.
Het onderzoek zal naar verwachting nog enkele maanden duren. De inhoudelijke behandeling van de zaak staat gepland voor de tweede helft van 2026.
- Algemeen Dagblad
- NL Beeld / Patrick van Emst