De belangrijkste reden voor deze Japanse ‘slaapscheiding’ is puur praktisch: werk. De Japanse werkcultuur is intens. Veel werknemers maken lange dagen en komen pas laat thuis. Als de ene partner om 23.00 uur thuiskomt en de ander er om 06.00 uur weer uit moet, is samen slapen een recept voor verstoorde nachten.
Om de ander niet wakker te maken, kiest men voor een eigen kamer. Het wordt gezien als een teken van diepe genegenheid en respect: jij gunt je partner diens broodnodige rust.
Samen slapen met de kinderen
Er is nog een belangrijke culturele reden waarom pa en ma vaak niet in één bed liggen: de kinderen. In Japan is het heel gebruikelijk dat moeders samen met hun jonge kinderen slapen. Vader verhuist dan (tijdelijk) naar een andere kamer.
Dit gebruik, dat soms doorgaat tot de kinderen naar de basisschool gaan, wordt in Japan gezien als essentieel voor de opvoeding. Waar men in het Westen bang is dat je een kind zo 'verwent', geloven de Japanners in het tegendeel: deze veilige basis zou kinderen op latere leeftijd juist zelfverzekerder en zelfstandiger maken.
Cijfers liegen niet
Dat dit geen incident is, blijkt wel uit de cijfers. Uit enquêtes van onder andere Kobayashi Pharmaceutical blijkt dat ruim een kwart van de Japanse koppels apart slaapt. Vooral naarmate stellen ouder worden, neemt dit percentage toe.
Bij zestigplussers slaapt naar schatting bijna de helft in aparte kamers. Op die leeftijd zijn de kinderen het huis uit en de carrières afgebouwd, maar kiezen partners eieren voor hun geld. Ze waarderen hun persoonlijke ruimte en nachtrust simpelweg meer dan het delen van een matras.
Les voor ons?
Hoewel het voor ons misschien klinkt als het einde van de romantiek, zweren de Japanners erbij. Ze zijn uitgerust, hebben minder irritaties over snurken of deken-diefstal en behouden hun eigen domein in huis. Misschien is apart slapen wel het geheim van een lang en gelukkig huwelijk?
- Adobe Stock