Na z’n afstuderen werkte Guido den Aantrekker (2 juni 1966) acht jaar als logistiek manager bij Martinair en Air Holland, om zich daarna te storten op het vak van journalist. Hij schreef ruim twintig jaar lang verhalen en interviews voor onder meer Panorama, Story en De Telegraaf, werkte daarnaast als zelfstandig mediaconsultant en schreef de boeken De kinderhater, Primeurjager en Grote jongen. Hij werkt bij DPG Media als hoofdredacteur van Story en directeur van drie bladentitels in Nederland en vijf in België en is een van de vaste entertainmentdeskundigen van Shownieuws op SBS6. Deze week komt zijn nieuwe titel uit: Glorious, een glossy van 100 pagina’s, met als pay-off: Join the glorious generation. Den Aantrekker is getrouwd met Tiffany, die een zoon heeft uit een eerdere relatie.
Een blad opzetten voor een doelgroep die niets heeft met print. Jij durft!
“Het idee ontstond na een sessie bij DPG Media met een aantal stagiairs. Ik zit met vier collega’s in het managementteam. Eens per jaar mogen stagiairs één dag op onze stoel gaan zitten, letterlijk. Stel, jij bent nu de baas van de magazinetak. Hoe ziet jouw koers voor de komende vijf jaar eruit? Vervolgens gaf die hele groep studenten, allemaal begin twintig, aan zelf nauwelijks nog tijdschriften te lezen. Ze lopen wel stage bij ons, maar hun focus ligt op de onlinekanalen van onze merken. Dat fascineerde me, dus ik ben gaan doorvragen.”
Wat zeiden ze?
“Dat ze best een blad wíllen lezen, maar ze vinden het te duur en zeggen dat ze er geen tijd voor hebben. Terwijl ze wél drie keer per dag een koffie van 6 euro halen bij Starbucks en uren scrollen op hun telefoon. Tijd is dus niet het probleem, aandacht wel. Dat zette me aan het denken. Een tijdschrift lezen is tegenwoordig bijna een luxe. Even offline, iets in je handen hebben. Niet dat oneindige scrollen, maar lekker je kunnen verliezen in een verhaal. Ik dacht: er moet iets te maken zijn dat die groep twintigers en jonge dertigers weer prikkelt om een magazine te kopen. Los daarvan vind ik het ook gewoon leuk om te winnen, te verleiden, te veroveren. Dus ik dacht: ik probeer het gewoon.”
‘Vroeger had je alleen de roddelbladen. Nu wordt entertainmentnieuws zelfs gebracht door het NOS Journaal’
Dacht de uitgeverij waar je werkt er ook zo over?
Lachend: “Ik heb het bij de directie gepitcht en daar is Glorious uitgekomen. Een glossy van honderd pagina’s, glamour met brains. Denk aan mensen die we allemaal kennen van Instagram: de Kardashians, Jutta Leerdam, grote influencers, maar ook royal it-girls en Formule 1-coureurs. In eerste instantie is het een eenmalige uitgave die twaalf weken in de winkels ligt om te kijken of het aanslaat. Voor hetzelfde geld is het een kansloze actie en word ik de Don Quichot van de media. Maar als de cijfers goed zijn, willen we het twee keer per jaar uitbrengen.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FMjCbaGkwDU4nK01764237633.jpg)
De meeste mensen kennen jou van Shownieuws en Story, maar je bent ook nog directeur van een aantal entertainmentmagazines in Nederland en België en daar komt Glorious nog bij. Ben jij een Rupsje Nooitgenoeg?
“Ik ben gewoon een ondernemer pur sang en verveel me snel. Ik hou ook van de weg omhoog, niet eens per se naar de top, maar van het maken. Binnen de merken waar ik leiding aan geef, werken iets meer dan honderd mensen. Ik heb er veel energie in gestoken om die teams te laten draaien zoals ik het voor me zag, zeker in België. Maar als ik iets heb neergezet, dan is het ook klaar. Dat heb ik ook bij DPG aangegeven: mijn organisatie staat nu, mijn titels doen het goed, we maken mooie winsten, dus ik wil nu weer eens een paar dingen gaan uitproberen. Met Glorious krijg ik daar alle ruimte voor, maar ik ben ook bezig met shortform video, podcasts en ik heb ideeën voor Videoland, dat samen met RTL nu ook onderdeel van ons is. Ik merk dat ik dan meteen tien keer meer bruis. Creëren is mijn lievelingswoord.”
Met als fijne bijkomstigheid dat je steeds een treetje hoger op de ladder komt. Of niet?
“Ik ben niet ambitieus op hiërarchisch niveau. In mijn hoofd zat nooit: ik wil op die of die plek zitten. Het is me overkomen. Ik kwam elke keer in het vizier bij nieuwe relaties en werkgevers omdat ze bij mij een enorme energie en ondernemerschap zagen. Binnen DPG wordt het ook gewaardeerd dat ik vooruitkijk en de kwaliteit bewaak. Daar krijg ik energie van, lekker bezig zijn, dingen doen.”
Shownieuws
Hoe past Shownieuws in dat plaatje?
“Een aantal dagen per week werk ik op ons kantoor in België. De terugreis op zo’n dag is steevast gedoe, veel files. Soms doe ik er drieënhalf uur over. Normaal zou je na zo’n dag een flesje wijn opentrekken en op de bank ploffen om langs talkshows te zappen, want je bent moe. Maar ik eet thuis snel een hapje met mijn vrouw en zit twee uur later alweer in de tv-studio. In de visagie doe ik een minidutje van tien minuten, trek een van de mooie jasjes aan die mijn styliste in de kast heeft gehangen en dan ben ik good to go. De ene uitzending is leuker dan de andere, maar van tevoren loop ik bijna te kwispelen, zo’n zin heb ik erin.”
Je hebt eigenlijk twee jobs op één dag. Niet lullig bedoeld, maar is dat niet een beetje veel voor iemand die de 60 bijna aantikt?
“Het is een lange werkdag, absoluut. Ik begin om 9.00 uur ’s ochtends in Antwerpen en ben op een dag met Shownieuws nooit voor 1.00 uur ’s nachts thuis. Ik vind die dynamiek heel leuk, maar het nadeel is wel dat ik aan het einde van de week wat lager in mijn energie zit. Instorten is een groot woord, maar in het weekend moet ik wel even ontspannen van de ratrace. Doordeweeks doe ik dat af en toe ook, hoor. Ik vind het zo overdreven, al die mensen die 24/7 bereikbaar moeten zijn. Wat is er nu zo belangrijk dat je ’s avonds laat gebeld moet worden? Jongens, het is werk hè, een telefoon kan ook uit. Ik kan goed ontspannen, al heeft dat ook vaak weer met media te maken. Als ik op een vliegveld in het buitenland even de tijd moet doden, heb ik alweer tien tijdschriften gekocht. Vaak in talen waar ik niets van snap, maar gewoon om te kijken hoe zij het doen met het bladritme, wat brengen zij groot, kan ik hier iets van leren? Ik vind journalistieke concepten bedenken zo leuk. Overal zie ik verhalen in. Ik kan een rubriekje in de krant zien en denken: daar zit een goed verhaal in voor Veronica, laten we daar even induiken en wat mensen bellen. Dat is de beroepsdeformatie die ik altijd bij me heb.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2F5cDxn8MHqHUpwb1764237654.jpg)
De mediawereld verandert razendsnel. Hoe zie jij de toekomst van entertainment?
“Er zijn verschillende ontwikkelingen die erop wijzen dat entertainment in z’n geheel, als je het vertaalt naar vermaak, afleiding en ontspanning, alleen nog maar groter gaat worden, vooral digitaal natuurlijk. Kijk maar naar je ouders of grootouders, die hebben veel minder te doen dan mensen die werken. Mijn moeder van 89 zit een groot deel van de dag lekker te streamen op Netflix. Met de vergrijzing zal de behoefte aan entertainment alleen maar verder groeien. Ik denk ook dat entertainment kwalitatief beter gaat worden. Vroeger had je alleen de roddelbladen, waar smalend over werd gesproken. Nu wordt entertainmentnieuws zelfs gebracht door het NOS Journaal en zelfbenoemde serieuze kranten, zoals je laatst zag bij de rechtszaak van Marco Borsato. Entertainment is nog veel breder gaan leven bij mensen.”
‘De meeste bekende mensen zijn helemaal niet leuk zijn. Wij lachen meer óm mensen dan mét mensen op zo’n Televizier-gala’
Waarom vinden we het zo lekker, dat gluren bij de spreekwoordelijke buren?
“Ik ben getrouwd met een intelligente vrouw met een verantwoordelijke baan, maar ze heeft één afwijking: ze vindt het heerlijk om naar de meest bizarre programma’s te kijken. Mensen met drie ogen, een jongen in India met een extra hoofdje aan zijn buik, een obese man die uit zijn zolderraam wordt getakeld… Dingen waarvan je denkt: daar wil je je als weldenkend mens niet mee bezighouden. Als ik sec naar De Meilandjes kijk, dan kan ik me niet voorstellen dat zij week in week uit 800.000 kijkers hebben. Waar zitten we naar te kijken, dit trucje kennen we nu toch wel? Je ergert je eraan, maar je kijkt er toch naar. Het is een vorm van vermaak die we als ontspanning nodig hebben, misschien ook wel omdat we op onze telefoon de hele dag door worden overspoeld met een lawine aan informatie, nieuws, meningen en influencers die ergens iets van vinden. Daardoor willen mensen nog veel meer dan vroeger lekker languit op de bank kijken naar pretentieloos amusement.”
Maar jij niet, toch? Jij bent eerder iemand die ’s avonds in z’n Corbusier-fauteuil nog even alle kranten doorspit, met een whisky en een sigaar binnen handbereik.
“Zeker, behalve die sigaar, alleen loop ik tegenwoordig een week achter. Afgelopen zaterdag heb ik alle weekendkranten van de week ervoor gelezen. Ik ben absoluut geen fan van een Volkskrant, Trouw of Parool, maar toch lees ik het, omdat er net een verhaal kan instaan waarvan ik denk: dat vind ik interessant. Het is journalistiek gemaakt, daar heb ik respect voor. Televisie kijk ik amper. Als ik al naar een scherm zit te kijken, dan is het om iets te streamen. Het klinkt raar als je zelf in het vak zit, maar ik vind het in mijn vrije tijd leuker om een goed boek te lezen of iets te doen met mijn vrouw. Juist omdat ik de hele dag tot mijn oksels in de entertainment zit, heb ik het zelf niet per se nodig. Ik weet ook gewoon te veel, dat is het nadeel van mijn werk. Als ik op een feestje ben, dan zal ik eerder uitgehoord worden dan iemand die werkt als taxichauffeur of boekhouder. Ze willen toch altijd weten: hoe is die en die in het echt.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2F1qs69KVmFQq7lb1764237679.jpg)
Geniet je daar stiekem ook niet een beetje van, dat jij zo’n autoriteit op dat gebied bent?
“Daar ben ik echt niet mee bezig. Laatst was ik met mijn vrouw bij de uitreiking van de Gouden Televizier-Ring. Een black tie-event, dus je kleedt je mooi aan, je spreekt weer eens wat mensen. Ik vind het best leuk om daar even te zijn, maar voor sommige mensen neemt zo’n avond bijna mythische vormen aan. Dat heb ik totaal niet. Ik weet al dertig jaar niet beter dan dat ik word omringd door bekende mensen en ik weet ook dat de meesten helemaal niet leuk zijn. Wij lachen meer óm mensen dan mét mensen op zo’n feestje.”
Toch houd je het al decennia vol in dat wereldje. Waar komt die aantrekkingskracht vandaan?
“Er zijn in mijn leven allerlei toevalligheden geweest die me wellicht die kant op hebben geduwd. Ik ben geboren in een straat waar W.L. Brugsma woonde, een enorme journalistieke autoriteit en anchorman van Achter het Nieuws, met een prachtige donkere stem. Hij was getrouwd met een Poolse prinses, echt een figuur, en kwam toen ik was geboren een grote bos rozen en een teddybeer brengen. Ik lag in de wieg, hij keek over het randje en ik had toen blijkbaar al een nieuwsgierige blik, waarop hij zei: Hmm, dit zou weleens een goede journalist kunnen worden. Eigenlijk ben ik in de loop van mijn leven steeds geconfronteerd met dergelijke bekendheden. Martin Schröder, de oprichter van Martinair, was ook een buurman van ons. Een échte jetsetter, die rondreed in een glimmende Jaguar met toen al een enorme autotelefoon. Toen ik ging studeren, woonde ik in de Rivierenbuurt in Amsterdam met iets verderop Marco van Basten en zijn partner Liesbeth. Zij hadden spanningen om zijn carrière en ik schreef daar in mijn studententijd al over in Privé. Ik studeerde commerciële economie en heb daarna onder meer gewerkt als operations manager in de luchtvaart, dus ik heb een totaal andere achtergrond. Maar op de een of andere manier kwam er steeds weer iets op mijn pad dat een linkje had met entertainment.”
‘Ik ben altijd duidelijk: ik kan jou de hand niet boven het hoofd houden als je met twintig bier in je mik iemand aanrijdt’
Zelfs in de liefde, want je vrouw komt ook uit een bekende familie.
“Haha, ja. Ook dat nog! We zaten ooit samen op de middelbare school en vonden elkaar verschrikkelijk. Zij vond mij een arrogante hockeykakker, ik vond haar een enorm bijdehand type. Twintig jaar geleden kwamen we elkaar weer tegen en ik wist natuurlijk wel dat ze de zus van Adam Curry was, maar in onze tienerjaren was hij nog geen beroemdheid. Een van haar eerste vragen aan mij was: Hoe ga jij met mijn broer om? Ik zei: Goed dat je het vraagt, want ik heb net een vernietigend stuk over hem geschreven. Het was vooral zijn toenmalige vrouw Patricia Paay die mij niet trok. Dus zijn we een keer gaan eten en hebben we alles uitgepraat. Wel zo handig als je met elkaar in de familie komt. Dat het met Patricia nu niet zo goed gaat, raakt me wel. Ze is iemand die normaal snel over dingen heen stapt, maar ook iemand die stevig uit de hoek kan komen. Een Rotterdamse mentaliteit: nuchter, direct, doorpakken. Dat bewonder ik eigenlijk wel.”
Rachel Hazes
Je bent ook dikke vrienden met Rachel Hazes. Maakt zo’n band je werk als Story-hoofdredacteur en Shownieuws-duider niet nodeloos ingewikkeld?
“Nee, want daar maak je afspraken over, juist om het zuiver te houden. Daarom heb ik de scheiding van Patricia en Adam destijds ook exclusief kunnen brengen. Als je toch al een relatie met elkaar hebt, in ons geval zelfs schoonfamilie bent, dan is het vaak veel fijner om je verhaal te vertellen aan iemand die je vertrouwt en je vooraf laat meelezen. En ja, tuurlijk, daarmee bezorg je mij een mooie primeur. Maar waarom zou je dat niet doen? Ik heb nooit veel showbizzvrienden gehad, eigenlijk zijn dat sowieso geen vrienden. Daar heb ik er maar vier van, die ken ik nog uit mijn schooltijd. Maar je kunt prima met bekende mensen omgaan en toch je werk als journalist doen. Dan kom je ook sneller iets te weten. Toen Ruud Gullit door Estelle Cruijff werd verlaten voor Badr Hari, wilde hij daar helemaal niets over kwijt. Maar ik heb hem gebeld en gezegd: Ik wil jouw kant van het verhaal brengen. Uiteindelijk vertrouwde hij mij, wat ik nooit heb geschonden, waarna een soort vriendschap ontstond die een paar jaar heeft geduurd. Maar ik ben er altijd heel duidelijk over, ook tegen dat soort bekende vrienden, dat zelfs ik jou de hand niet boven het hoofd kan houden als je met twintig bier in je mik iemand aanrijdt. Ik ben en blijf een journalist, ook al schrijf ik niet meer zelf.”
Mis je het nooit, de spanning van de jacht, het scoren van scoops?
“God nee. Tijdens de uitreiking van de Gouden Televizier-Ring dacht ik daar toevallig nog aan terug, hoe ik daar vroeger rondliep, alle mensen die ook maar een beetje bekend waren op hun schouder tikkend: Hé hoi, wat leuk dat je er bent, heb je even, ik wil je wat vragen. Die vraag ging dan natuurlijk niet over de prijs die ze net hadden gewonnen, maar over iets waar ze liever niet over wilden praten. Dat is echt een vak apart en veel lastiger dan mensen denken. Ik heb veel respect voor wie dan ook in dit vak, maar ik ben heel blij dat ik dat niet meer hoef te doen. Ik geniet nu plaatsvervangend, als mijn verslaggevers een primeur scoren.”
Online onbeperkt lezen en Panorama thuisbezorgd?
Abonneer nu en profiteer!
Probeer direct- Panorama 47
- Clemens Rikken