Nieuwe muziek van Golden Earring zal nooit meer verschijnen, maar er valt genoeg nieuws te lezen over de iconische formatie. Cesar, Het verhaal van een drummer is op 18 november verschenen (€22,99), maar vorige maand is ook de biografie van de band uitgebracht. Weliswaar niet geautoriseerd, maar de muzikanten hebben wel hun volledige medewerking gegeven aan het boek (€26,99) van Robert Haagsma. Sterker nog: de auteur kon putten uit het privéarchief van Rinus Gerritsen, vakkundig bijgehouden door diens moeder. “Verhuisdozen vol tijdschriften, foto’s, posters en plakboeken,” vertelde Haagsma in het AD. “Uit ervaring weet ik dat trotse moeders vaker de onbezoldigde archivarissen van de popmuziek zijn.”
Het verhaal van een drummer
Ja, dat Barry Hay al tijden zijn eigen biografie heeft begrijpt Cesar Zuiderwijk wel. Als zanger is hij sowieso de blikvanger van Golden Earring, maar Hay is ook in alles de vertolking van een rockster. Veel meer dan die andere Earrings die gedijen in de luwte. Een eigen boek? Zuiderwijk vindt er zichzelf helemaal niet het type voor en wimpelde jarenlang alle verzoeken af. “Ik had daar nooit zo’n zin in,” zei hij in BN DeStem. “Kijk, ik ben eigenlijk best wel lui wat dit soort dingen betreft. Ik heb helemaal geen zin om van alles over mezelf op te gaan schrijven.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FLkdVnckPyaDZTO1763717064.jpg)
Toch ligt er een heuse biografie in de boekhandel: Cesar, Het verhaal van een drummer. Auteur is Jean-Paul Heck, muziekjournalist en tevens drummer. “Jean-Paul ken ik al heel lang. Hij is goed geïnformeerd en kent veel mensen die ik ook ken. Toen hij voorstelde om samen het boek te schrijven, besloot ik dat ik dat toch wilde. Je hebt tenslotte toch iets gedaan...”
‘Iets gedaan’, dat kun je wel stellen. Zuiderwijk maakte deel uit van de grootste band die ons land heeft voortgebracht. Daar kan geen discussie over bestaan, al dringt de grootsheid van Golden Earring pas écht tot hem door sinds de band zichzelf noodgedwongen moest opheffen. Dat was in 2021, nadat gitarist George Kooymans werd gediagnosticeerd met ALS, de ziekte waaraan hij afgelopen zomer overleed. Zoals ooit afgesproken ging de stekker er direct uit wanneer iemand zou wegvallen. “We wisten dat als we ooit zouden stoppen het om zoiets zou zijn,” zei bandlid Rinus Gerritsen twee jaar geleden nog tegen Panorama. “Als iemand tegen een boom zou rijden, zeiden we altijd. Want waarom zou je stoppen als het nog zo lekker gaat?”
Enthousiast publiek
Dat het ook in de laatste jaren lekker ging weet Zuiderwijk ook wel, maar het speciale daarvan zag hij nooit zo in. Eerder dit jaar: “Ik vind het ook wel apart dat ik nu eigenlijk pas hoor wat veel mensen van ons vonden tijdens optredens. Maar daarna is het moeilijk om contact te maken met het publiek. Bij mijn theatershows heb ik veel meer contact. Mensen vertellen dan bijvoorbeeld dat ze hun grote liefde op een van onze concerten hebben ontmoet. Dat is toch wel heel bijzonder.”
‘Het was ons werk, hartstikke leuk dat het aansloeg. Maar je doet gewoon wat je moet doen. Van Gogh of Picasso deden ook gewoon wat ze moesten doen’
Vervolgens vertelt hij dat een bekende producer is verwekt terwijl ook Golden Earring bezig was aan een nummertje. Dat kan zomaar Radar Love of Twilight Zone zijn geweest, de hits die zelden worden overgeslagen. Hoe vaak zal Zuiderwijk ze hebben gespeeld? Honderden keren? Duizenden? Toch verveelde het nooit. In 2018 in Panorama: “Ten eerste hebben die songs zich bewezen, en ten tweede kennen de mensen het en vinden ze het leuk om mee te doen. Dan krijg je enthousiast publiek. Daarnaast spelen we iedere avond anders. We behoren niet tot de groepen waar werkelijk alles is gepland. Zeker de grote shows van de Beyoncé’s - met alle respect – zijn helemaal voorgeprogrammeerd. Dat is iedere avond hetzelfde. Elk pasje, elk kledingstukje, elk nummer. Moet ook wel bij zulke shows.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FeTmnwGLBsUq1CN1763717082.jpg)
Maar bij Golden Earring staat de pure ambacht hoog in het vaandel. Wil iemand een solo? Ga je gang. Krijgt iemand de geest en voert hij die solo minutenlang door? Lekker doen! “Ik moet er niet aan denken dat we in ons oor te horen krijgen: eind solo twee, drie, vier en dat de schijnwerpers dan weer naar Barry gaan. Zou ik niet tegen kunnen. Wij zijn gewoon vier jongens die de bühne opstappen en lekker gaan spelen. Dat maakt het ook zo leuk.”
Plezier is het toverwoord om de succesformule decennialang overeind te houden. Maar na het einde van de band besloot hij de nummers die hij oneindig heeft gespeeld zelf eens te beluisteren. Geloof het of niet: hij hoorde iets nieuws, iets anders. Alsof Lionel Messi doelpunten van zichzelf terugkijkt en plots concludeert dat hij best wel over een aardig linkerbeen beschikt. “Daardoor begrijp ik zelf nu pas echt waarom mensen Radar Love zo goed vonden,” is het inzicht dat hij opdoet, een halve eeuw na de geboorte van het iconische nummer. “Het was natuurlijk altijd gewoon ons werk, hartstikke leuk dat het aansloeg. Maar je doet gewoon wat je moet doen. Zoals Van Gogh of Picasso, die deden ook gewoon wat ze moesten doen. Een applaus is daarom altijd wat ongemakkelijk. Dan denk ik: nou kappen, want dit is gewoon mijn werk.” Opeens weten we waarom Zuiderwijk zichzelf in eerste instantie niet per se geschikt acht voor een eigen boek.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2F8KnQOvP5JtVl8m1763717176.jpg)
Pistoolgate
Borstklopperij is hem vreemd, Haagse bluf ook. Een dikke bak onder zijn reet die past bij de statuur van een band die het ook in Amerika heeft gemaakt? “Nou, op ons hoogtepunt hadden wij een Ford Taunus in plaats van zo’n patserauto,” zegt hij. “Dat was een les van de bekende muzikant Carlos Santana: uiteindelijk moet je alles zelf betalen, dus je kunt beter gewoon doen.”
Waar hij dan wel gelukkig van wordt, naast muziek? Zijn moestuin in Baarle-Nassau, het Brabantse dorpje waar hij al 35 jaar een tweede huis heeft en de zomers doorbrengt. “Ik heb vanmorgen nog een hele zak met augurken, tomaten, komkommers, pepers en paprika’s geplukt,” vertelt hij ons in 2018. “Je denkt wat beter over het leven na, en biologische producten zijn gewoon veel gezonder. Dan heb je op een gegeven moment de grond om zo’n tuintje te beginnen en breng je er wat tijd door.” Het is zijn remedie om te ontsnappen aan zijn nog altijd vrij hectische bestaan. “Heel ontspannen om een beetje in de aarde te wroeten en de natuur te begrijpen. Weet jij hoe een aubergine groeit? En dat een peer omhoog groeit, in plaats van dat ie hangt? Wist ik ook niet, maar het is wel zo.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FW3xYnSQEAawPoD1763717249.jpg)
Zo zijn interviews met Zuiderwijk best lezenswaardig, maar een heel boek vol bescheiden en keurige teksten? Dat zal Cesar niet zijn, want hij heeft ook onvermoede rafelrandjes. Barry Hay bezit dan wel de reputatie van een rockster, maar heeft hij ook een maand in de gevangenis gelogeerd? Zuiderwijk wel! Is inmiddels een jaar of veertig geleden, maar toch. Naar eigen zeggen had hij niet veel op zijn kerfstok. In Texas kocht hij een pistool, die liggen daar zo ongeveer tussen de chips en melkpakken. Bovendien werd het wapen gebruikt in de clip voor Twilight Zone. Vrij functionele aankoop zou je zeggen, toch had hij er al snel spijt van. Hij stopte zijn aanwinst ver weg op zolder. Toen er een paar keer bij hem werd ingebroken miste hij zijn wapen ook helemaal niet. Hij dacht er niet eens over na: “Zo diep hebben ze dus in mijn huis gegraven. Die jongens werden gepakt en zeiden: Dat komt bij Zuiderwijk vandaan. Ergens anders hadden ze luchtafweergeschut en munitie gestolen, dat zou ook van mij komen, zeiden ze. Haha, echt waar! Dat verhaal is toen zo opgeblazen, maar meer is het eigenlijk niet.”
Toch is het vergrijp goed voor een maandje cel. Kan best heftig zijn om als BN’er dertig dagen te moeten overleven tussen de échte criminelen, maar zo heeft hij het absoluut niet ervaren. Net voor zijn detentie sprong hij van een monitor en zat er een scheur in zijn enkel. “Normaal moet je overdag werken in de gevangenis, maar ik kon niet lopen, dus dat hoefde niet. Ik kwam binnen en gelijk werd er geroepen: Hé Cees, stokken maken voor je? Die werden een dag later gemaakt op de houtzagerij, dus ik heb in alle stilte een maand prima kunnen oefenen.” En zo heeft de Nederlandse muziekgeschiedenis dus ook baat bij zijn gevangenisstraf.
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2F4sIBENXXBEjPmi1763717344.jpg)
Mayonaise-emmers
Golden Earring is al even onderweg als Zuiderwijk zich in 1970 bij de formatie voegt, als de opvolger van drummer Sieb Warner. De begintwintiger heeft zich laten inspireren door The Beatles en The Rolling Stones, Ringo Starr is de reden dat hij de drumsticks oppakt. Maar zijn grootste inspiratiebron is iemand anders: zijn vader. Cesar is enig kind, pa is zijn grote vriend. Voetballen, naar het strand, circus; altijd zijn de twee samen in de weer. Maar hij is pas dertien als zijn vader hem ontvalt: longkanker. “Daar was in die tijd nog weinig aan te doen,” vertelde hij aan Nouveau.
“Ik zat op school toen hij overleed. Kwam de rector, die een hekel aan me had, me uit de klas halen met de woorden: Zuiderwijk, ga maar naar huis, je vader is overleden. Die fietstocht naar huis staat me nog glashelder voor de geest. Elke stoeptegel, elk stoeprandje, het was een lijdensweg.” Hij zoekt een nieuwe uitlaatklep en vindt troost in het drummen. “Dat had ik nodig om m’n emoties kwijt te kunnen. Ik was dertien en had alleen maar augurkenblikken en mayonaise-emmers tot m’n beschikking. Maar van toen af wist ik zeker: ik wil drummer worden.”
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FT4TiMSQ4vY1mQl1763717422.jpg)
Om zijn moeder een plezier te doen haalt hij een diploma en kan hij ook de kost verdienen als secretaris, maar het is hem volstrekt duidelijk waar zijn toekomst ligt. Hij speelt in meerdere Haagse bandjes, zijn talent wordt opgemerkt door de dan beste band van de stad. En dan gaat het rap. Voordat Zuiderwijk en zijn maatjes er erg in hebben, begeven ze zich in hetzelfde circuit als de grootste Amerikaanse bands. Probeer dan maar eens alle verleidingen te weerstaan.
“We speelden met bekende bands als Santana, The Who; iedereen was er op die feestjes. Er waren genoeg poedertjes aanwezig,” reconstrueerde hij die tijd een paar jaar terug. Hun liefde voor de muziek, en misschien wel elkaar, won het altijd. Op het podium moest worden gepresteerd, verslapping werd niet getolereerd. “We zagen om ons heen genoeg bands die naar de klote gingen, maar gelukkig stonden we er alle vier hetzelfde in. De grootste schande zou zijn als je een keer niet zou kunnen spelen. Kan gewoon niet.”
Die avond in New York weet Zuiderwijk het zeker: hij heeft niets meer te wensen. ‘Toen heb ik wel even een traantje gelaten. Ik dacht: mij zul je niet meer horen’
Soort broers
Dan nog is het wonderbaarlijk dat de band nooit ten onder is gegaan aan onderling gekonkel. Dat de roem, of iets sterkers, naar niemands hoofd is gestegen. “Ik verbaas mij er weleens over hoe goed we het met elkaar kunnen vinden, ook na al die jaren,” erkent Zuiderwijk in 2003. Golden Earring vliegt dan weer eens naar Amerika, nu om een nieuw album op te nemen. De band bestaat niet uit heilige boontjes, laat staan uit vier vredelievende boeddhisten, maar toch escaleert het nooit. “Natuurlijk zijn er weleens wrijvingen, maar we hebben geleerd om niks op de spits te drijven.”
Vijftien jaar later kan Zuiderwijk wel verklaren waarom het onderling altijd heeft geklikt. “We zijn gewoon met elkaar vergroeid, als een soort broers. Misschien hebben we elkaar zelfs wel een beetje opgevoed. We zijn allemaal jongens van de straat. Van ongeveer dezelfde leeftijd, uit dezelfde buurt, zelfde arbeidersmilieu, zelfde scholing. In veel zijn we hetzelfde.” Een hiërarchie ontbreekt, Golden Earring is een democratie in de puurste zin van het woord. “Vooral vroeger waren er zo verschrikkelijk veel bandjes die door botsende ego’s uit elkaar gingen. Vond iemand zichzelf weer beter dan de rest van de band. Dat soort idioterie hebben wij nooit gehad.”
Golden Earring is helaas voltooid verleden tijd, maar Zuiderwijks drumstokjes liggen nog niet tussen de mottenballen. Hij speelt in de band Sloper, in percussiegroep Drum Demons, geeft drumlessen en is jurylid bij het tv-programma The Tribute, Battle of the Bands. Dus nee, het drumstokje geeft hij nog niet definitief door. Misschien gaat het wel zoals in het rijmpje dat hij ons zeven jaar geleden vertelde:
Sterven op de kruk
Is het mooiste wat er is
Vind ik
Als ik maar niet in een drumstick
/https%3A%2F%2Fcdn.pijper.io%2F2025%2F11%2FDgNAwZTmNTo3Bn1763717484.jpg)
De 77-jarige muzikant verkeert in een blakende conditie, dus er is geen enkele reden om aan te nemen dat zijn einde nabij is. Maar als het ooit zo ver is, dan weet hij op welk moment hij zich in de muziekhemel bevond. “We speelden een paar dagen achter elkaar in Madison Square Garden in New York, in het voorprogramma van The Who. Dan moest je knokken tegen 25.000 man die The Who wilden zien. Er stonden mensen met kettingen te zwaaien en ze riepen: Fuck off, weet je wel? Maar na drie kwartier zagen we 25.000 aanstekertjes aan gaan.”
Die avond in New York weet Zuiderwijk het zeker: hij heeft niets meer te wensen, nog niet wetende dat er nog talloze hoogtepunten zouden volgen: “Toen heb ik wel even een traantje gelaten. Ik dacht: al zal ik nooit meer iets bereiken, mij zul je niet meer horen. Ik zal nooit meer ontevreden zijn.”
Online onbeperkt lezen en Panorama thuisbezorgd?
Abonneer nu en profiteer!
Probeer direct- Panorama 46
- ANP, NL Beeld