doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

Bij de politierechter: 'onvrijwillig invoegen'

Sadik kan nauwelijks zelfstandig lopen, maar toch zou hij bij een verkeersruzie een andere automobilist vanaf de vluchtstrook de A2 op hebben geduwd. Hoe dan?
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
Bij de politierechter: 'onvrijwillig invoegen'

De lijvige Sadik* (42) is slecht ter been. Steunend op een blauwe aluminium kruk werkt hij zich een weg naar de lege stoel die pal voor de politierechter staat. Alsof hij nog niet genoeg heeft om met zich mee te torsen zijn de meeste van zijn vingers voorzien van kloeke zegelringen en bungelt er om zijn linkerpols een klok die in een bescheiden kerktoren niet zou misstaan. Zweet parelt op zijn voorhoofd. Omzichtig laat hij zichzelf zakken op de stoel. De kruk posteert hij zorgvuldig naast zich. Dan zucht hij eens diep. Deel één van zijn missie is geslaagd: hij zit.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

Het is moeilijk voor te stellen dat deze serieus gehandicapte man er bij een verkeersruzie in slaagde om een andere bestuurder vanaf de vluchtstrook de rechterrijstrook van de A2 op te duwen. Dat vindt Sadik, wiens scootmobiel in de hal van de rechtbank is achtergebleven, zelf ook: “Ik loop al veertien jaar met deze kruk,” zegt hij, nog uithijgend van zijn entree. “Zonder val ik om. Hoe had ik die man moeten duwen?”

Op de A2 rijdt die dag een automobilist die extreem hufterig rijgedrag vertoont. De grijze auto haalt levensgevaarlijke manoeuvres uit. Een vader die met zijn twee dochters wordt afgesneden en ternauwernood een aanrijding kan voorkomen, belt de politie en besluit de auto te volgen om hem niet uit het oog te verliezen. Nog voordat de blauwe zwaailichten ten tonele verschijnen, stopt de wegpiraat op de vluchtstrook. De vader die hem achtervolgt, stopt pal achter de grijze wagen en ziet dan aan de passagierskant een man uitstappen. Zelf stapt hij ook uit om verhaal te halen, maar veel kans krijgt hij daar niet voor. Vrijwel onmiddellijk krijgt hij een flinke zwieper en tuimelt hij achterwaarts de A2 op, waar wonder boven wonder juist op dat moment geen auto’s voorbijrazen.

Hart in de keel

Wanneer het slachtoffer met het hart in de keel, maar ongedeerd weer op de veilige vluchtstrook staat, is hij nog net op tijd om zijn belager in de grijze auto te zien stappen en weg te zien rijden. Voor een tweede keer zet hij de achtervolging in.

“Waarom stopte u zo abrupt op de vluchtstrook?” wil de rechter als eerste weten.

“Om van plek te wisselen,” zegt Sadik.

“En waarom was dat nodig?”

“Omdat de vrouw die achter het stuur zat ons al een paar keer bijna dood had gereden,” zegt Sadik. “Daar had ik weinig trek in.”

“En toen stond daar ineens die andere automobilist,” reconstrueert de rechter.

“Ik heb daar nooit iemand gezien,” zegt Sadik stellig. “En ik heb al helemaal niemand geduwd.”

“U heeft die man nooit gezien?” vraagt de rechter verbaasd. “Zijn auto stond toch pal achter u op de vluchtstrook?”

“Ik zweer het, mevrouw,” zegt Sadik. “Ik heb daar nooit een auto gezien.”

“Hoe kan het dan dat u later die dag niet alleen door het slachtoffer werd herkend, maar ook door zijn twee dochters?” wil de rechter weten.

“Ik heb geen idee, mevrouw, maar ik heb daar niemand gezien en niemand geduwd. Nogmaals, ik zou niet weten hoe.”

Hoe stellig Sadik ook blijft ontkennen, en hoezeer hij ook zijn best doet om de aangever als een fantast neer te zetten, de rechter gelooft hem niet. Voor het duwen, hoe hij dat ook gedaan mag hebben, krijgt hij een geheel voorwaardelijke boete van 200 euro.

* Alle namen in deze rubriek zijn om privacy-redenen gefingeerd.

Laatste nieuws