doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

Sportcolumn: 'Niets is Belgischer dan veldrijden'

Iedere week schrijven onze Panorama-verslaggevers samen een column over wat hen opvalt in de sportwereld. Deze week: (zuipen tijdens het kijken naar) veldrijden!
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
Sportcolumn: 'Niets is Belgischer dan veldrijden'

Micha Jacobs

De aloude wielerwet ‘goed blijven drinken’ wordt nergens zo goed nageleefd als tijdens de Scheldecross in Antwerpen, wat misschien ook wel de reden is waarom ik mij er meer níet van herinner dan wel. De veldrit op de linkeroever van de Schelde is voor veldrijders een excuus om de benen alvast los te rijden voor de Superprestige-wedstrijd van de dag erna; voor toeschouwers zoals wij is het gewoon een excuus om belachelijke hoeveelheden bier en Vlaamse sluipmoordenaars als ‘citroentjes’ en ‘violetjes’ achterover te keilen. Dat laatste is topsport, dat andere natuurlijk niet.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

Aanstaande zaterdag (12 december) staat de Scheldecross weer op het programma: de derde manche, zoals ze dat in België zo prachtig zeggen, om de X2O Badkamers Trofee.

Dat laatste mag dan zo poëtisch klinken als een doucheputje, toch krijg ik er spontaan dorst van. Zoveel dorst zelfs dat ik er bijna weemoedig van word. Het liefst was ik zaterdag in alle vroegte weer in de trein gesprongen om mij in het dichtstbijzijnde café vanaf het station aan de bar te nagelen, in licht beschonken toestand in te checken bij het hotel, nog een biertje tegenover het hotel te drinken, naar de boot te schuifelen die ons naar de linkeroever zou varen en om mij met mijn zakken vol jetons – je weet wel: biermunten – in de buurt van een biertent in te graven terwijl een paar veldrijders voor mijn neus door het mulle zand glijden. Je zou mij op dit moment met weinig andere dingen gelukkiger maken. En daarna, als de zon zakt, de Schelde weer verandert in een gouden rivier en de voornamelijk Nederlandse toeristen na een bezoek aan de kerstmarkt weer op weg zijn naar huis, het Antwerpse nachtleven in te duiken, wat in ons geval zoveel betekent als de donkerste kroeg van de stad op te zoeken om het weinige licht dat we nog in onze ogen hebben eruit te zuipen.

Ik las dat Mathieu van der Poel zaterdag zijn veldritseizoen in Antwerpen begint, maar wat heb ík daar aan? Publiek is dit jaar niet welkom. Terwijl ik juist snak naar een stukje koersbeleving, en nog veel meer naar bier en gezelligheid. Zal ik zaterdag bij je op de stoep staan om oude tijden te doen herleven? En regel je dan ook een reuzenrad in de tuin? Of ben je die alweer vergeten?

Jochem Davidse

Een reuzenrad? Zegt me niets. Toen lag ik waarschijnlijk al laveloos in het trapportaal van hotel Scheldezicht. Misschien kan enige uitleg hierbij overigens geen kwaad. Niet iedereen weet wellicht dat wij al jaren tot dezelfde vriendengroep behoren. Een vriendengroep die er een vreemde fascinatie – noem het gerust een ziekelijke adoratie – op nahoudt voor België, het eigenaardigste land van West-Europa. Met z’n taalgrens, z’n lelijke huizen, z’n eeuwig gesloten rolluiken, z’n erbarmelijk slechte wegen, z’n valse bescheidenheid en z’n onvoorwaardelijke liefde voor bier en koers.

En niets is Belgischer dan veldrijden. Bij ‘de cross’ komt alles samen. Bier hijsen in een intense frituurwalm terwijl er voor je neus gekoerst wordt op een parcours dat zo goed als onbegaanbaar is. Komt nog bij dat het een onvervalste volkssport is. Slechts een handjevol wereldtoppers is fullprof, met alles erop en eraan, maar de rest van het veldrijderspeloton bestaat nog altijd uit boerenzonen en ander ongecompliceerd volk dat doorgaans wordt gesponsord door hun stamkroeg en door de plaatselijke fietsenmaker. Vaak is een buurman, in ruil voor een warme jas (‘supportersclub Wim De Bock’), met hen meegereisd om na elke fietswissel met een pleeborstel de ergste drek van hun fiets te poetsen. En dan na afloop klappertandend naar huis, in je aftandse campertje. Balend van je 38ste plaats, en van je buurman die met tien Jupilers achter zijn kiezen weer eens achter het stuur is gekropen. Veel charmanter en sympathieker wordt de topsport volgens mij niet.

Toch is de voorliefde voor de cross aan de meeste Nederlanders moeilijk uit te leggen. Wij doen aan wielrennen, aan BMX’en en aan mountainbiken, maar veldrijden – bij een gevoelstemperatuur van rond het vriespunt, met je bek vol blubber en met een fiets op je nek, tegen een glibberige helling op klauteren, terwijl dronken omstanders je op een bierdouche trakteren – dat vinden wij op een of andere manier beneden onze stand. Onbegrijpelijk.

Maar je bent uiteraard van harte welkom deze zaterdag.

Ik zet de bak bier, de citroenjenever, de frietpan en Will Tura paraat. Trek een warme jas en een paar regenlaarzen aan, want ik zet de televisie voor de gelegenheid buiten.

Voor de beleving. Weer of geen weer. Koers!

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_bottom_article');

Laatste nieuws