doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

Sportcolumn: 'de willekeur komt de strot uit!'

Elke week schrijven Panorama-verslaggevers Jochem Davidse en Micha Jacobs samen een column over wat hen opvalt in de sportwereld. Deze week: de onduidelijkheid en onzekerheid in de sportwereld door het coronavirus.
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
Sportcolumn: 'de willekeur komt de strot uit!'

Micha Jacobs

Als de nationale gezondheidsautoriteiten akkoord gaan met voetbalfans in de stadions, zo schreef de UEFA vorige week na de Champions League-loting, dan mogen stadions volgens de Europese voetbalbond voor maximaal dertig procent van hun capaciteit worden gevuld. Ik weet niet hoe snel jij kunt rekenen, maar in het geval van Ajax en de Johan Cruijff Arena komt dat neer op zo’n 15.000 toeschouwers per duel. “Jammer dan,” hoorde ik een seizoenkaarthouder van Ajax een dag later zeggen. Zijn theorie sneed hout: als je alle beschikbare kaarten voor de thuiswedstrijden tegen Liverpool, Atalanta en Midtjylland zou verdelen onder alle seizoenkaarthouders, kan iedereen in theorie één wedstrijd bijwonen. Maar omdat er tijdens de eerste thuiswedstrijd van Ajax nog strenge coronamaatregelen in Nederland gelden en er dus helemaal geen publiek welkom is, gaat die vlieger al niet op. Met andere woorden: gedoe.

En een hoop teleurstelling.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

Zoals je weet ben ik geen Ajax-supporter, maar zelfs bij mij groeide de irritatie over het gemak waarmee een Europese organisatie, in dat geval dus de UEFA, mensen een vette vis voorhoudt. Europa, wat is dat eigenlijk? De Amstel Gold Race die aankomend weekend in Zuid-Limburg verreden had moeten worden, is geschrapt, maar afgelopen weekend werd een paar kilometer verderop wel doodleuk Luik- Bastenaken-Luik verreden. Zo’n virus draait zich niet om bij een grens, maar vertel dat de internationale wielerbond eens. Natuurlijk moet je ergens een grens trekken, letterlijk in dit geval, en uiteraard zijn sportkoepels afhankelijk van het beleid in een bepaald land, maar de willekeur komt zo langzamerhand mijn strot uit. In Engeland is voorlopig helemaal nergens publiek welkom, Liverpool speelt zijn thuiswedstrijden sowieso voor lege tribunes, dus het is ook nog eens een vorm van competitievervalsing als er in het ene stadion wel thuispubliek wordt toegelaten en in het andere stadion niet. Nu maakt dat in het geval van Liverpool natuurlijk niet uit, Ajax krijgt er toch met een nulletje of drie op zijn kloten, maar wanneer staat er eens een voetballer op die zegt: ik reis niet half Europa door, terwijl mijn supporters wordt geadviseerd om voor de televisie te blijven zitten. Is dat niet het beste voorbeeld dat je als voetballer kunt geven tijdens een pandemie?

Jochem Davidse

Ten eerste: wie zou je er een plezier mee doen? Voetbalsupporters zijn dolblij dat ze hun club weer kunnen zien voetballen. Is het niet in het stadion dan maar op tv. Hun grootste angst is dat er straks opnieuw geen bal meer rolt. Eerlijk of niet, consequent of niet: het laatste waarop zij zitten te wachten is wel een solidariteitsverklaring van hun helden. Straks zitten ze weer hele zondagen thuis met moeders de vrouw.

Ten tweede: ik zou voor een dergelijk staaltje rebellie mijn hoop vooral niet op profvoetballers vestigen. Die komen misschien in het verweer wanneer hun vaste kapper geen plek meer voor hen heeft, maar toch niet wanneer lukrake regelgeving van hogerhand hun fans dupeert? Ik zie het in elk geval niet gebeuren. Al heb ik begrepen dat er sinds kort wel een toepasselijke hashtag vacant is voor hen. Iets met niet meer meedoen.

Over solidariteit gesproken; weet je wie ik een stel lafaards vind? De renners van de wielerploeg Trek-Segafredo. Inclusief onze landgenoten Bauke Mollema, Pieter Weening en Koen de Kort. Als ik hen was, zou ik voorlopig geen meter meer fietsen. Afgelopen week werd hun 19-jarige ploeggenoot Quinn Simmons door hun ploegleiding tot nader order geschorst nadat hij bij een onschuldige tweet een zwarte emoticon had geplaatst in plaats van een witte, zijn ‘eigen’ kleur. Absoluut zonder racistische bijbedoelingen, haastte de arme Simmons er nog bij te zeggen, maar tegen die tijd was zijn werkgever al lang en breed bezig met het optuigen van de schandpaal waar hij even later, onder luid digitaal gejuich, smakelijk aan werd vastgespijkerd. Misselijk werd ik ervan. Hoe het verder ook afloopt, die jongen – voormalig wereldkampioen bij de junioren – kan dus de rest van zijn leven geen koers meer rijden zonder onderweg minstens tien keer voor racist te worden uitgemaakt. Als hij überhaupt nog ergens aan de bak komt.

Godzijdank kende mijn week ook nog een sportief lichtpuntje dat ik je niet wil onthouden. Mijn dochter werd zes. Bij thuiskomst van school lagen er een hoop verjaardagskaarten op haar te wachten.

“Kijk pap, koers!” riep ze toen ze de bovenste van de stapel pakte. Ik had geen flauw idee waar ze het over had. Totdat ik de postzegel zag die erop zat. Een postzegel met Tom Dumoulin erop. Zelden zo trots geweest op m’n kleine meisje.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_bottom_article');

Laatste nieuws