doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

Bij de politierechter: 'Trammelant'

Sivan wordt in de rechtbank zo’n beetje tot het meubilair gerekend. Met dat verschil dat stoelen en tafels zich doorgaans een stuk respectvoller opstellen.
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
Bij de politierechter: 'Trammelant'

Op weg naar zijn stoel, halverwege het gangpad van de rechtszaal, bedenkt Sivan* (31) dat hij zijn petje nog achterstevoren op zijn hoofd heeft staan. Met een nonchalant gebaar grist hij het ervan af, waarna hij onderuitgezakt op zijn stoel plaatsneemt. Wanneer de officier even later de tenlastelegging voordraagt, wordt hij onderbroken door het geluid van een binnenkomend tekstbericht.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

Sivan haalt zijn telefoon uit zijn broekzak, leest het berichtje, lacht schamper en zet dan pas het geluid van zijn toestel uit.

“Sorry,” zegt hij weinig overtuigend.

Een veel slechtere eerste indruk kun je als verdachte niet maken op een rechter. En ook de rest van het handboek Hoe vergroot ik mijn kansen als verdachte in een rechtszaak lijkt niet aan hem besteed. Alles aan hem straalt desinteresse en minachting uit.

Ik ben een bokser, als ik wil sla ik je zo knock-out. Heeft u dat gezegd?” vraagt de rechter.

“Ja, zoiets heb ik geloof ik wel gezegd,” bekent Sivan, die van oorsprong Irakees is.

“Maar u vindt dat niet bedreigend als je dat tegen een tramcontroleur zegt?”

“Ik heb toch niet gezegd dat ik het ging doen? En trouwens, u heeft die man niet gezien, maar hij is twee koppen groter dan ik. Als je ons naast elkaar zou zetten, dan ga je stuk. No way dat ik die kerel knock-out zou slaan.”

“U vindt het maar onzin dat hij zich bedreigd voelde?”

“Ach,” zucht Sivan, terwijl hij een pluisje van zijn shirt plukt.

“Kankeraap, kankerzwarte, kankerhomo...” somt de rechter op. Sivan schiet in de lach.

“Waarom lacht u?” vraagt de rechter geïrriteerd.

“Gewoon,” zegt Sivan.

“Vindt u dat grappig?”

“Het is jammer dat het zo gegaan is,” zegt Sivan. “Maar het was ook een beetje mijn schuld.”

‘Volgens mij hoef je iemand die al handboeien omheeft niet zo hard met zijn hoofd tegen de tramdeur aan te rammen’

“Ook een beetje uw schuld? U heeft die woorden toch zelf geroepen?” vraagt de rechter.

“Misschien heb ik het K-woord wel gebruikt, ja,” zegt Sivan. “Dat was niet nodig geweest, maar wat zij deden was ook niet nodig.”

“Die mensen controleren in de tram of reizigers een geldig vervoersbewijs hebben. Dat is nodig. Dat is hun werk.”

“Ja, maar dat kan ook anders,” vindt Sivan. “Volgens mij hoef je iemand die al handboeien omheeft niet zo hard met zijn hoofd tegen de tramdeur aan te rammen, maar goed, u zult hen wel geloven en mij niet. Ik weet hoe het hier gaat.”

Dat hij de nodige ervaring heeft met justitie is zonder meer waar. Amper een maand geleden werd hij ook al veroordeeld voor een belediging. Volgens de officier van justitie heeft Sivan een duidelijk agressieprobleem waar dringend aan gewerkt moet worden. Is het niet voor anderen, dan is het wel voor hemzelf, en voor zijn verblijfsvergunning die op deze manier serieus in gevaar komt. De rechter lijkt het daar roerend mee eens en oordeelt conform de eis: dertig dagen cel, waarvan zestien voorwaardelijk, dertig uur taakstraf en een meld- en behandelverplichting bij de reclassering. Omdat Sivan na het incident in de tram al veertien dagen in voorarrest zat, hoeft hij niet de cel in.

*Alle namen in deze rubriek zijn om privacy-redenen gefingeerd.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_bottom_article');

Laatste nieuws