doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_menu_allpages');

Column Vico Olling: 'Waarom criminelen met me praten'

Elke week schrijft onze chef misdaad Vico Olling een column over wat hem opvalt in de crimewereld. Deze week: waarom criminelen met hem praten.
doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_below_image_article');
Column Vico Olling: 'Waarom criminelen met me praten'

Waarom zou een crimineel nou met jou willen praten?” Die vraag wordt best vaak aan mij gesteld. Het is ook een goede vraag. Zwart-wit gezien valt er voor criminelen natuurlijk weinig te winnen. Criminelen zijn gebaat bij stilte, bij onzichtbaarheid, bij zo min mogelijk bekendheid. Heel wat criminelen zijn in de problemen gekomen toen ze eenmaal in de publiciteit kwamen. Dat kan soms niet vrijwillig gebeuren, zoals bij de eerste echte Nederlandse gangsterbaas Klaas Bruinsma. Die werd razend omdat Bart Middelburg van Het Parool destijds maar over hem bleef schrijven. Het is bijna niet meer voor te stellen, maar er was dus een tijd dat maar heel weinig mensen van Klaas Bruinsma gehoord hadden.

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_top_article');

Ook bij de politie was er maar weinig interesse in wat die Bruinsma deed.

Ze onderschatten de reikwijdte van de maffiabaas op een gigantische manier. Door de artikelen van Middelburg werd Bruinsma ineens veel bekender bij het grote publiek.

Bruinsma heeft Middelburg nog voor de rechter gesleept, maar dat leverde niets op. De maffiabaas liep op een gegeven moment zelfs met het idee rond om de journalist iets aan te doen vanwege zijn artikelen. Gelukkig hebben mensen in de coterie van Bruinsma hem van dit onzalige plan af kunnen brengen. Dan zouden namelijk écht alle schijnwerpers op hem gericht worden.

Soms kan een crimineel ook vrijwillig naar de pers stappen. Dat kan ie doen om er zelf beter van (proberen) te worden. De Haagse topcrimineel Stanley Hillis was zo iemand. Die was halverwege jaren tachtig op de vlucht en werd door de politie als vuurwapengevaarlijk bestempeld.

Dat vond Hillis onterecht; hij had nog nooit iemand doodgeschoten en nu was hij bang dat de politie snel naar het vuurwapen zou grijpen als ze hem zouden ontwaren.

Hij koos toen de vlucht naar voren en nam contact op met de redactie van Sonja Barend. Zij had met haar wekelijkse talkshow een miljoenenpubliek. Het leverde historische tv op waar de VARA-coryfee nog vaak (negatief) aan is herinnerd, onlangs nog door Peter R. de Vries in DWDD. Maar zij was niet de enige die eraan herinnerd werd: ook Hillis was ineens bekend als ‘de man van Sonja’. Hij zei tegen intimi vaak dat het tv-optreden de grootste fout in zijn leven was.

Waarom zou een crimineel dan met een journalist willen praten? Het antwoord komt van Mink Kok, de topcrimineel die alweer wat jaartjes in Libanon bivakkeert. Toen ik bezig was met De Kouwe Ouwe, het boek over Stanley Hillis, zocht ik contact met hem. Samen met Kok vormde Hillis begin jaren negentig een criminele tandem. Toen Kok hoorde dat ik al ruim een jaar werkte aan een boek over Hillis en al vele mensen gesproken had, wist hij dat het boek er hoe dan ook zou komen. “Dan kan het maar beter kloppen wat erin staat,” gaf hij de reden van zijn medewerking aan. En dat is de reden. Want zoals Hillis al zei: “Ik ben niet bang voor de waarheid, maar voor de leugen. De waarheid kan je bevestigen en de leugen niet.”

doDisplay('div-gpt-ad-PanoramaNL_in-content_bottom_article');

Laatste nieuws