Iedere dag het nieuws dat echte mannen interesseert

Overwerk op het moordkantoor!

Elke zondagochtend delen we een klassieker uit het blad.

https://cdn.pijper.io/core/panorama-fallback2.png

Elke zondagochtend delen we een klassieker uit het blad. Voor vandaag hebben we het volgende pareltje van Bram Endedijk en Enzo van Steenbergen uit editie 5 van 2013 geplukt.

Moest iemand uit de weg worden geruimd? Voor huurmoorden kon je in Nederland jarenlang terecht bij het trio JESSE R., FRED ROS en PETER LA SERPE. Verslaggevers Endedijk en Van Steenbergen spraken met insiders over deze mannen en beschrijven wie zij zijn en hoe ze elkaar leerden kennen. Het verhaal over het ‘moordkantoor’ onder leiding van Jesse R.

Twee schoten gieren door Café de Hallen. Een man die staat te stofzuigen valt op de grond. Er klinkt nog een paar schoten. Dan is alleen het geluid van de stofzuiger nog hoorbaar in de kroeg. Een donkere man loopt het café uit, het hoekje om. Daar staat zijn maatje. Samen beginnen ze te rennen. Eén van hen gooit met een grote boog het moordwapen in de gracht. Dat zal het duo later duur komen te staan, want er staan tientallen getuigen te kijken. Door hun verklaringen vindt de politie later het moordwapen en worden de twee opgepakt. Maar nu is het nog 20 april 2006, Amsterdam. In het café ligt Thomas van der Bijl. Hij is geraakt in zijn rug, hoofd en nek. De geschrokken omstanders kijken naar de voorgevel van de kroeg. ‘Café de Hallen, gewoon eens lekker binnen komen vallen,’ staat er. Opdrachtgever voor deze koelbloedige liquidatie: ‘het moordkantoor’.

Koning in zijn kasteel

“Fred Ros, Jesse R. en Peter la Serpe vormden gedurende een aantal jaren een criminele organisatie met het oogmerk te moorden. Deze verdachten lieten zich inhuren om tegen betaling moordklussen uit te voeren. Jesse R. en Fred Ros spraken dat in 2002 al af.” Het zijn de woorden van rechtbankvoorzitter Frits Lauwaars, vorige week tijdens de uitspraak in het liquidatieproces Passage. De rechter legt daarmee bloot wat lang verborgen bleef. Er is in Nederland blijkbaar een clubje mannen geweest dat je kon inhuren om mensen dood te laten schieten. Liquidaties terwijl u wacht. Hoe werkte dit moordbureau?

Lees ook: kroongetuige Fred Ros over de liquidaties: gaat Holleeder voor de bijl?

Spil in het team is Jesse R. (1968), een crimineel uit een gevreesde familie. Jesse is volgens de rechter een berucht moordenaar die ‘bewust een carrière als hitman heeft gekozen’. In 1993 is hij betrokken bij vijf dodelijke liquidaties, zo blijkt uit het vonnis van de Amsterdamse rechtbank in het Passage-dossier. Het bezorgt Jesse een enorme status in de onderwereld. Hij is vanaf 2002 de spil van het moordkantoor en is bevriend met zowel Peter la Serpe als Fred Ros. Hij zorgt ervoor dat deze mannen elkaar in 2004 ontmoeten. Jesse R. en Peter la Serpe (1964) ontmoeten elkaar al eerder. Midden jaren negentig om precies te zijn in de nogal vervallen gevangenis Wolvenplein in Utrecht. Jesse zit er vast voor een schietpartij met de politie. Het Vergiet wordt Jesse sindsdien wel genoemd, omdat de kogels van die schietpartij nog altijd in zijn lichaam zitten. Peter la Serpe is eigenlijk maar een kruimelcrimineel. Een jongen met een Italiaanse achtergrond en een verloren jeugd, weggelopen van huis in zijn pubertijd en meteen de criminaliteit ingerold. Hij zit in Wolvenplein voor een paar gewapende overvallen, maar verder heeft hij geen criminele daden om trots op te zijn.

Personeel van de gevangenis herinnert zich Jesse erg goed. Hij draagt altijd een schitterend, lang, Indonesisch gewaad. Wij spreken anoniem een aantal medewerkers van Wolvenplein. Anoniem, omdat anders geheimhoudingsplicht wordt geschonden en er problemen kunnen ontstaan met justitie. Een werknemer: “Jesse liep door de gang alsof hij de koning was in zijn eigen kasteel. Andere gevangenen keken tegen hem op. Dat hij vastzit omdat hij de politie heeft beschoten, helpt ook. Daar hebben gedetineerden gewoon respect voor. “Die reputatie leidt tot aanbidders, vertelt een andere bron. “Op de luchtplaats stond altijd wel een groepje om Jesse heen. Jesses groupies, noemden wij ze.”

Lees hier meer van ons misdaadnieuws 

Zo raken Jesse R. en Peter la Serpe bevriend. Zo goed dat Jesse allerlei zaken begint op te biechten aan Peter. Jesse vertelt zijn bajesmaatje dat hij moordenaar van beroep is. Hij vertelt verantwoordelijk te zijn voor vijf moorden uit 1993: op Djordje Ilic, Salim Hadziselimovic, Tonnie van Maurik, Henie Shamel en Anne de Witte. Moorden waarvan de rechter sinds vorige week bewezen acht dat Jesse ze inderdaad heeft gepleegd. Peter la Serpe is onder de indruk. Hij wil al een tijdje carrière maken in de onderwereld en denkt via Jesse het milieu in te kunnen rollen. Dat gebeurt ook. Samen met Jesse R. en Fred Ros gaat La Serpe een rol spelen in een samenwerking die later 'het moordkantoor' genoemd zal worden.

Van voetballer tot hitman

Fred Ros en Jesse R. zijn twee handen op één buik, zo vertelt getuige Alex de B. in 2007 aan de politie. “Fred is heel close met Jesse. Jesse betekent een hoop voor hem.” Fred Ros en Jesse R. – geen familie – hebben elkaar ontmoet in het wereldje en kunnen het erg goed met elkaar vinden. Ros is al eens veroordeeld tot zeventien jaar cel voor een moord in 1998. Fred hoeft de straf niet uit te zitten: hij komt vrij vanwege een vormfout van het OM.

Een kennis van Ros weet nog hoe dat leeft in het dorp Huizen, waar hij woont. “Ja, dat die aardige Fred zoiets had gedaan, daar had iedereen het over,” vertelt onze bron. “Het was een man met een stoffenwinkel. Droeg van die opvallende leren jasjes. In zijn tuin stonden van die indianenpoppen. Hij was knap, vrouwen waren gek van hem. Als je bij hem thuis kwam, waren geld en spullen geen probleem.”

Later denken de dorpsgenoten van Ros dat er misschien wel een luchtje zit aan de activiteiten van Fred. “Die stoffenwinkel van hem liep voor geen meter,” vertelt de kennis. “Daar kwam geen hond. Maar toch, hij ging nooit failliet. Die winkel is waarschijnlijk als witwasmiddel gebruikt.” Want ondanks dat er niemand in zijn winkel komt, krijgt Fred steeds meer geld. “Hij begon met een Volvo, maar had daarna een steeds dikkere bak. Hij eindigde zelfs met een gele Hummer.” Fred, die kansen kreeg als profvoetballer bij FC Utrecht en FC Volendam, is op dat moment de vedette van de plaatselijke SV Huizen. “Het was echt het mannetje van het elftal,” vertelt de bron. “Ik heb weleens een balletje met hem getrapt, en die vent had enorm veel talent.”

In 2002 klopt een topcrimineel aan bij Fred Ros en Jesse R. Het is nog altijd onduidelijke wie. Fred en Jesse krijgen een lijst met namen van mensen die vermoord moeten worden. Geen papieren lijst, maar een lijst die mondeling wordt doorgegeven, zo verklaart La Serpe bij de politie. Hij zegt: “Jesse noemde het altijd de lijst, maar volgens mij stond het nergens op papier.” Vanaf het moment van die lijst noemt Fred zijn maat Jesse altijd ‘compagnon’. In de rechtbank vertelt La Serpe: “Er is een lijst met mensen die op welk tijdstip dan ook geliquideerd moeten worden. Wanneer Jesse R. daarvoor wordt benaderd en ‘ja’ zegt, neemt hij de verantwoordelijkheid voor het uitvoeren van de lijst op zich. Ros heeft de lijst samen met Jesse R. aangenomen.”

In het begin, 2002, hoeven nog niet zoveel mensen vermoord te worden. Eerst moet Atilla Önder, een Turk uit Aerdenhout, dood. En Thomas van der Bijl, de kroegbaas. Later zouden andere namen volgen. Moord op bestelling. Maar dan. 

Verder lezen?

Lees het artikel geheel GRATIS verder in de afbeeldingen boven het artikel, of download de pagina's hier, hier, hier en hier.