Het Hilsborough-drama is alweer zo lang geleden dat maar weinig jonge mensen er bekend mee zullen zijn. Op 15 april 1989 komen 69 mensen om in de verdrukking bij een FA-cup wedstrijd tussen Liverpool en Nottingham Forrest in het Hilsborough-stadion in de Engelse stad Sheffield.
Het stadion waar gespeeld wordt is een oudje, en aan gebreken onderhevig. Hekjes buigen om als knakworstjes in een hete pan met water. Zodra een mensenmassa van boven naar beneden begint te schuiven ontstaat een onontkoombaar domino-effect. Niet alleen komen er tientallen mensen om, ook raken nog eens bijna 800 mensen gewond.
Al jaren worstelen nabestaanden van de tragedie met het feit dat niet iedereen die verantwoordelijk was die dag gestraft is voor de grove nalatigheden die zich in het stadion hebben afgespeeld. Er zijn wel eerder onderzoeken en veroordelingen geweest, maar nooit voelde het compleet. Er gingen mensen vrijuit die aangepakt moesten worden.
De openbaar aanklager, Sue Hemming, heeft vandaag gesteld dat daar een einde aan gaat komen. Ze heeft met haar onderzoeksteam het bewijsmateriaal bestudeerd dat er in de loop der tijd is vergaard. Op basis daarvan stelt zij nu zullen er zes personen vervolgd gaan worden voor criminele delicten. Dat heeft ze meegedeeld tijdens een privésessie met enkele nabestaanden in de Engelse stad Warrington. Daarbij was ook een bisschop aanwezig.
De personen die aangeklaagd zullen worden zijn: David Duckenfield, die namens de politie de leiding had over de controle van het publiek tijdens de wedstrijd. Graham Mackrell, die namens Sheffield Wednesday Football Club die dag veiligheidscoördinator was. Peter Metcalf, een notaris die politiemensen in de eerste dagen na de ramp bij stond. Donald Denton, een hoofdcommandant bij de South Yorkshire Police-force. En Norman Detisson, een officier bij dezelfde politie-afdeling.
Zij zullen binnenkort misschien wel vast komen te zitten. Het drama zal wel altijd voor een diepe wond in de samenleving blijven zorgen.
