Entertainment

Op pad met de Haagse Bunker Ploeg

De Nederlandse kustlijn staat volgebouwd met vele honderden Duitse bunkers. Sommige zijn beklad met graffiti, andere zijn sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog nooit meer door mensen betreden.

Redactie Panorama
3 minuten
https://cdn.pijper.io/core/panorama-fallback2.png

Ze liggen begraven onder meters zand en als het aan de overheid ligt, blijven ze dat ook. Maar daar is de Haagse Bunker Ploeg het niet mee eens. Panorama gaat een nacht lang illegaal bunkeren op Schiermonnikoog: “Als het goed is, is ie nog maagd.”

Vrijdagavond, de laatste veerboot naar Schiermonnikoog. Een stoet van terugkerende eilanders en randstedelijke families en vriendengroepen op weg naar een ontspannen uitwaaiweekend op de Wadden schuifelt aan boord. Tussen de kleurrijke en modieuze outdoorkleding vallen de mannen van de Haagse Bunker Ploeg behoorlijk uit de toon.

“Mag ik vragen wat jullie gaan doen?” vraagt een medewerkster van rederij Wagenborg terwijl ze in de leeglopende wachtterminal van Lauwersoog de boel aan kant maakt.

“Survivaltraining, mevrouw, zegt René van Poelgeest (55) met een accent dat Haagser dan hopjes is. De vrouw neemt hem nog eens goed in zich op: een paar afgetrapte gympen, een oude trainingsbroek, een oversizede camou agejas en een hond aan een stuk touw... Dan laat ze haar ogen over de rest van het gezelschap gaan. Nog meer mannen in camou agejassen, bepakt en bezakt met rugzakken, volgestouwde shoppers van de Lidl en de Action en een verzameling tuinschoppen. Het gezelschap ziet er niet bepaald uit als doorgewinterde survivalaars, eerder als guranten uit de Britse comedy-klassieker Dad’s Army, maar de vrouw besluit verder geen vragen stellen.“Nou, succes dan maar,” zegt ze.

De Haagse Bunkerploeg

Wehrmacht-soldaat

René is geen survivalaar. Hij is bunkeraar. Al dertig jaar lang graaft hij naar Duitse bunkers die eind jaren veertig, vlak na de oorlog, op last van de Neder- landse regering onder wagonladingen zand bedolven werden en sindsdien nooit meer door mensenvoeten betreden zijn. Maar omdat die hobby ‘niet helemaal legaal’ is en hij geen slapende honden wil wakker maken – en al helemaal niet op een ons-kent-ons-eiland als Schiermonnikoog – moet hij hier en daar een leugentje verkopen. Er zit al genoeg tegen vandaag. René was vanmiddag Den Haag nog niet uit of hij moest zijn ‘bunkerbus’ al met panne langs de kant van de weg zetten. Om toch nog op tijd te zijn voor de laatste afvaart propte hij zich met zijn hond, zijn passagiers en hun bagage halsoverkop in het bescheiden autootje van mede-bunkeraar Ruud. Op de valreep haalden ze de boot.

Het laatste wat hij nu kan gebruiken is een ijverige politieagent of boswachter die zijn bunkerploeg straks aan de overkant staat op te wachten. Maar dat leed blijft hem bespaard. De enige die ons op de veerdam van Schier opwacht is de plaatselijke etsenboer met de bestelde huur etsen.

Op zoek naar de bunker

Het loopt tegen achten als we het eiland op etsen. Aan de hemel staat een zo goed als volle maan, maar donker is het evengoed. Voor ons ontwaar ik niet veel meer dan de achterlichtjes van de Haagse Bunker Ploeg: die van Ruud Overvliet (53), William Steenvoorden (44), Ronald van Vliet (45), Salvatore Loggia (42) en Stefano (23) en Richard (16) van Poelgeest. Die laatsten zijn de twee zonen van René, die hij naar eigen zeggen aanstak met het bunkervirus door hen al voor hun tweede verjaardag een hamer, een beitel, een schop en een zaklamp cadeau te doen.

Wanneer we door het duingebied etsen, vertelt hij over zijn hobby die goedbe- schouwd allang geen hobby meer is. In het dagelijks leven is hij postbode, maar elke minuut die hij niet werkt, gaat op aan het bunkeren. Al dertig jaar lang. Aan het jagen op oude documenten en kaarten, aan het archiveren en het bestuderen daarvan, aan het verkennen van mogelijke onontgonnen bunkers en uiteindelijk aan het ‘ontmaagden’ daarvan. Omdat het illegaal is wat hij doet, zonder toestemming in beschermd natuurgebied spitten, zullen historici hem nooit openlijk als autoriteit erkennen, maar zijn kennis en ervaring staan buiten kijf.

Het is midden in de nacht

Niemand heeft zoveel bunkers van binnen gezien als René van Poelgeest, alias ‘de Bunkerkoning van Den Haag’, al dekt die eretitel nauwelijks nog de lading. Minstens één keer per week gaat hij op pad. In zijn jacht op vergeten pareltjes ploegde hij in het verleden eigenhandig vrijwel het hele Nederlandse duingebied om. Van Zeeland tot aan de Wadden. En in zijn vakanties gaat hij de grens over. Noorwegen, Denemarken, België, Frankrijk; René kent de Duitse Atlantikwall op zijn duimpje. Hij spendeerde meer tijd in Duitse bunkers dan de gemiddelde Wehrmacht-soldaat

Dit is een voorstukje uit ons blad. Wil je het hele artikel lezen over deze Bunker Ploeg? Bestel Panorama dan hier, of lees het op Blendle.