De marathon? Een makkie!
Marathonlopers, ik heb ze altijd met een mix van bewondering én verwondering bekeken. Waarom zou je jezelf zoiets aandoen? Dat doe je toch niet voor je lol? Al die ellenlange trainingen, ze rennen vaak 25, soms zelfs 30 of 35 kilometer. Als training! Ja doei. Dan ben je na je werk dus een hele avond aan het hardlopen! Met kans op blessures, slaapgebrek en een slecht huwelijk. Maar ik vraag me vooral altijd af: hoe houden ze het vol? Na een kilometer of vijf hou ik het meestal al voor gezien - áls ik mijn hardloopschoenen al onderbind.
:max_bytes(70000)/%23source%2Fpanorama%2Fuploads%2F2018%2Fapril_04%2Fmarathon_2.jpg)
Toch loop ik hier nu tussen 14.000 anderen in de zon over de imposante Erasmusbrug in Rotterdam. Dit is pas de eerste kilometer, maar toch heb ik er vertrouwen dat ik die 42.195 meter ga volbrengen. Ik heb zelfs een streeftijd (3 uur, 59 minuten en 59 seconden), maar die durf ik tegen niemand te vertellen. Als ik ’m uitloop ben ik al superblij, zeg ik tegen iedereen die het wil horen. En het zou nogal pedant zijn om bij mijn eerste marathon meteen te roepen dat ik ’m binnen 4 uur wilt rennen. Ik voel me goed, het innerlijke stemmetje dat vanochtend nog zo luidkeels twijfelde over mijn veel te korte trainingen, houdt gelukkig zijn mond. Het publiek staat drie rijen dik op de brug, aan beide kanten. Het geluid is overweldigend. Overal is muziek, geschreeuw, getoeter. Ik lijk te zweven, haal links en rechts mensen in. Dit is leuk! Mijn hartslag is wel aan de hoge kant, 160 slagen per minuut. Terwijl ik volgens Het Schema van Stans (waarover straks meer) de eerste 5 kilometer op 152 moet rennen. Ik vertraag naar – voor mijn gevoel – slakkentempo en ga braaf op 152 lopen.
Kampvuurtje
Op 1 januari heb ik me ingeschreven. Tijdens Nieuwjaarsnacht vertelde een buurman me over de 14 km-methode van looptrainster Stans van der Poel. Die komt erop neer dat je na een serie korte trainingen (de langste is 14 km) in één keer de marathon kunt rennen - zonder echt moe te worden. Ja ja. En als mijn oma wielen had, was ze een bakfiets. Hij geeft een fles champagne door. Ik neem een flinke slok. En nog een. Het klinkt als een belachelijk idee, want tijdens de dag dat erop aan komt moet je opeens 28 km méér rennen dan je ooit gedaan hebt. Dus hoe kan dat nou? Maar hoe enthousiaster de buurman vertelt - en hoe meer champagneflessen er rondgaan (reminder: drie verschillende merken door elkaar drinken is geen goed idee), hoe beter de methode me lijkt.
:max_bytes(70000)/%23source%2Fpanorama%2Fuploads%2F2018%2Fapril_04%2Fmarathon_3.jpg)
De voordelen zijn overduidelijk: korte trainingen, waardoor je nog wat aan je avond hebt, minder kans op blessures en je herstelt sneller. Als ik die 1ste januaridag wakker word, probeer ik de nacht ervoor te reconstrueren. Met welke buurmannen heb ik ook alweer rond een kampvuurtje bubbels uit de fles gedronken? En welke belofte had ik ook alweer gedaan?
Oh ja...
Tijdens het ontbijt lijkt het steeds logischer. Dit is hét moment om 42 kilometer te rennen, zegt mijn vriendin Femke. Dit is het jaar waarin ik 42 word - en het jaar waarin ik normaal gesproken mijn moeder overleef: ze stierf twee dagen voor haar 42ste verjaardag. Als de marathon van Rotterdam ook nog op 8 april blijkt te zijn, de dag die zo ongemakkelijk ligt ingeklemd tussen mijn moeders sterfdag (7 april 1994) en haar geboortedag (9 april 1952), weten we het zeker: het is nu of nooit.
Bier en pinda’s
Nadat ik 87,50 euro heb overgemaakt naar de organisatie en het betaalbewijs heb geappt naar mijn buurman kan ik niet meer terug. Niet dat ik meteen in de actiemodus schiet: de eerste week doe ik helemaal niets. Ja, bier drinken en pinda’s eten. En ik bestel het boek De Hardlooprevolutie over de 14 km-methode. Levertijd: drie werkdagen. Mooi, tillen we de start van mijn training nog even over het weekend heen.
Tijdens week twee lees ik het vlot geschreven boek van sportschrijver Koen de Jong en Stans van der Poel, die behalve looptrainster ook ademhalingsgoeroe is. De boodschap is haast kinderlijk optimistisch: het is toch veel leuker om minder te rennen en meer uit te rusten?
Ja, hèhè.
Dit is een voorstukje uit ons blad. Wil je het hele artikel over Marathonman Niek Stolker lezen? Bestel de nieuwe Panorama dan hier, of lees het op Blendle.