Keizer raakte vorig jaar in opspraak toen uit onderzoek van onderzoeksplatform Follow the Money bleek dat hij als begrafenisondernemer voor een prikje en op dubieuze wijze eigenaar was geworden van De Facultatieve. Hij legde zijn functie als VVD-voorzitter neer om de partij niet verder in diskrediet te brengen.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) oordeelt dat de klacht van SOBI niet-ontvankelijk is, omdat deze te laat werd ingediend.
Tegen Keizer loopt sinds juli een strafrechtelijk onderzoek wegens de kwestie. Hij wordt verdacht van oplichting en valsheid in geschrifte.