Bij het afschieten van vuurwerk komt veel fijnstof vrij. Als er weinig wind staat, blijven de stofdeeltjes hangen. Waterdruppeltjes hechten zich massaal aan de grote hoeveelheid fijnstof en dat zien we als mist. Omdat de roetdeeltjes gevangen zitten in de mistdruppeltjes is sprake van een 'vieze’ mist, ofwel smog.
Tijdens de jaarwisseling is de kans op mist het grootst in het zuiden omdat daar slechts een zwakke wind waait uit westelijke richting. Verder naar het noorden kan de wind matig zijn. Daar zullen de kruitdampen dan ook makkelijker weggeblazen worden en is het zicht een stuk beter.
Met temperaturen van een graad of 6 à 7 is het ideaal weer om vuurwerk af te steken of om naar het vuurwerk te kijken. Omdat er weinig wind staat voelt het niet te koud aan. Er trekken veel wolkenvelden over ons land, maar er is ook kans op enkele opklaringen.