Ongeveer 600 vrijwilligers uit alle uithoeken van Rusland zijn bij elkaar gekomen om bijna 75 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog te zoeken naar lichamen die nog altijd niet zijn geborgen.
Ergens diep in een Russisch woud, waar smartphones geen bereik hebben, zijn zo'n vijftig tieners met metaaldetectoren en schoppen aan het werk. Ze kammen centimeter voor centimeter het bos uit, op zoek naar de lichamen van soldaten die hier in de Tweede Wereldoorlog om het leven zijn gekomen. De jeugd is enthousiast en zingt al zoekende liedjes van vroeger. Desalniettemin is het serious business. Om de haverklap stuiten ze met de detectoren op scherpe patronen, ontstekers en mortierbommen.
Een paar dagen eerder: het is een koude maandagochtend als de 600 vrijwilligers het basiskamp betreden, een tentenkamp, ver van de bewoonde wereld, met alleen basisvoorzieningen. Ze komen allemaal naar lijken zoeken, naar de lichamen van Russische soldaten die hier in de Tweede Wereldoorlog gesneuveld zijn tijdens de felle gevechten met de Duitsers. De meeste deelnemers zijn onder de 18 jaar. Voor de jongsten die voor het eerst komen helpen zoeken, staan er speciale schooltenten. Hier krijgen ze tijdens de eerste drie dagen lessen over het zoeken. Het is namelijk niet geheel ongevaarlijk; de bossen liggen nog altijd bezaaid met overblijfselen van vliegtuigen en tanks, en dus ook met bommen, granaten en mijnen. Munitie die bijna 75 na dato nog altijd op scherp staat.
In één van de tenten wordt aan jongeren van niet ouder dan een jaar of 14 uitgelegd hoe landmijnen ontmanteld moeten worden. In een andere tent krijgen iets oudere vrijwilligers les over het zoekgebied. In deze bossen, amper 170 kilometer van Sint-Petersburg, heeft het Russische leger geprobeerd de opmars van de Duitsers te stuiten. Duizenden soldaten overleefden die strijd niet. Het was een van de bloedigste veldslagen in de oorlog met de Duitsers.
:max_bytes(70000)/%23source%2Fpanorama%2Fuploads%2F2020%2F01_januari%2Fdasha_veselkova_laat_schedel_zien_van_een_russische_soldaat.jpg)
35.000 graven
Een bezoek aan de begraafplaats Myasnoy Bor, niet ver van het grote kamp, maakt duidelijk waarom zoveel mensen vrijwillig deelnemen aan een expeditie als deze en daar zelfs hun vakantiedagen voor opofferen. De begraafplaats is de laatste rustplaats van ruim 35.000 Russische soldaten, de meeste zijn gevonden tijdens eerdere zoektochten in dit gebied. Een enorm kerkhof op zo’n afgelegen plaats... Het geeft geeft aan wat deze deze vrijwilligers in twee weken kunnen bereiken: soldaten die na ruim 75 jaar een fatsoenlijke rustplaats krijgen en voor nabestaanden betekent dat eindelijk gemoedsrust.
In het kamp zijn inmiddels de eerste botten binnengebracht door mensen die al eerder mee zijn geweest op expeditie en weten wat er moet gebeuren. Een meisje laat vol enthousiasme een bot zien aan deskundige in haar onderzoekstent. “Het gaat waarschijnlijk om de botten van een varken,” concludeert de 25-jarige Dasha Veselkova al snel. Het meisje dat de botten heeft gevonden druipt teleurgesteld af. Even later komen er wel echte resten van soldaten bij Veselkova op tafel. Op de eerste dag dat de vrijwilligers op pad zijn, worden er al lichamen van zes soldaten gevonden.
Dasha Veselkova is promovendus aan de staatsuniversiteit van Moskou en dit is haar zesde expeditie. De resten van een menselijk lichaam komen in een witte zak bij haar binnen. “Straks plaats ik per zak de botten op deze speciale tafel waarop de botten van een menselijk skelet zijn afgebeeld. Hier proberen we zoveel mogelijk van het lichaam uit te leggen om er een compleet skelet van te maken. Vaak lukt het niet omdat niet alle botten worden gevonden. Aan de hand van de overblijfselen probeer ik zoveel mogelijk over de persoon vast te stellen.”
Dit is een voorstukje uit ons blad. Wil je de hele reportage van Thom Mandos lezen? Bestel de nieuwe Panorama dan HIER, of lees het op Blendle.