Bij de politierechter: Beetje frustraties

Bij de politierechter komen elke dag zaken langs die niet wereldschokkend zijn, maar vaak wel herkenbaar. Zoals deze, uit Panorama 2 van dit jaar.
Bij de politierechter: Beetje frustraties

Melvin* (27) is volledig in het zwart gekleed. Zwarte jas, zwarte broek, zwarte schoenen. Ook zijn houding doet geen feestnummer vermoeden. Alleen het sikje dat op het uiterste puntje van zijn kin als een soort skischans vrolijk omhoog krult, detoneert in het plaatje. Melvin wil best toegeven dat hij een aantal blikken bier, een aantal blikken Red Bull en een pak kauwgom bij de Albert Heijn heeft gestolen, maar hij kan alles uitleggen. Zij het niet heel overtuigend.

“Ik had haast,” zegt hij.

“En dan hoeft u niet af te rekenen, vindt u?” vraagt de rechter.

“Mijn fiets stond niet op slot, ik was bang dat hij gestolen zou worden.”

“Maar daar heeft de Albert Heijn toch niets mee te maken?”

“Nee, dat niet.”

“U had ook kunnen vragen aan de mensen bij de kassa of ze u even voor wilden laten, dat vinden de meesten geen enkel probleem.”

“Ik wilde niemand tot last zijn,” riposteert Melvin.

“Behalve de Albert Heijn?” vraagt de rechter.

“En ik had ook geen geld bij me,” zegt Melvin.

“U had geen geld bij u?” vraagt de rechter verbaasd.

“En geen pinpas,” bekent Melvin.

“Maar dan was het toch geen kwestie van haast hebben? Dan was u toch sowieso niet van plan om te betalen?”

Melvin haalt zijn schouders op.

“Domme actie,” zegt hij.

Melvin leefde lange tijd op straat, maar afgelopen zomer leek het tij voor hem dan eindelijk ten goede te keren. Met behulp van het Leger des Heils vond hij een woning waar hij samen met zijn dochtertje ging wonen. Gehoopt werd dat dat het startpunt zou zijn van een stijgende lijn, maar juist het tegenovergestelde lijkt waar. Het voorbije halfjaar is hij vrijwel maandelijks door een rechter veroordeeld voor het plegen van diefstallen en andere vermogensdelicten. Met als dieptepunt een gewapende straatroof waarvoor hij onlangs tot acht maanden cel werd veroordeeld.

“Heeft u daar een verklaring voor?” vraagt de rechter.

“Gewoon, beetje frustraties,” zegt Melvin.

“Waarover?”

“Mijn dochtertje was ziek.”

“Dat is vervelend,” erkent de rechter. “Ernstig?”

“Mond- en hand-infectie,” zegt Melvin kortaf. Meer woorden wil hij er duidelijk niet aan vuil maken. Zijn advocaat wel. Hij bepleit dat als een moeder het zwaar heeft in haar thuissituatie de rechter daar vrijwel altijd begrip voor toont en daar in de strafmaat ook rekening mee houdt. Hij vindt dat, nu het geen moeder maar een vader betreft, dat niet anders zou mogen zijn. Wat een ziek kind met bier, Red Bull en kauwgom aan moet, zegt hij er overigens niet bij en ook de rechter lijkt het verband te ontgaan. Omdat het voor Melvin allesbehalve zijn eerste diefstal is krijgt hij een celstraf opgelegd van twee weken, waarvan één voorwaardelijk. Hij kondigt direct hoger beroep aan.

window._taboola = window._taboola || []; _taboola.push({ mode: 'below-article-thumbnails', container: 'taboola-below-article-5ed1655ca923e', placement: 'Below Article Thumbnails 2', target_type: 'mix' });

Laatste nieuws