Het kampioensjaar van Feyenoord: de laatste keer hand in hand

   3448  

In het seizoen 1998/1999 werd Feyenoord voor het laatst kampioen. Berne van Leeuwen, fanatiek supporter van de club, schreef er een boek over. Dit is het hoofdstuk over de thuiswedstrijd van zijn club tegen Ajax. “Het gif spat van de tribunes. Er is geen houden meer aan.” Een GRATIS voorstukje van het verhaal uit de nieuwe Panorama.

20 december 1998
Feyenoord-Ajax

Bij het opstaan voel ik een golf van kriebels door mijn onderbuik trekken. Het is de dag van de Klassieker. Rotterdam tegen Amsterdam. Havenstad tegen hoofdstad. Volkstempel tegen snelkookpan. Rauw tegen gelikt. ‘Handen uit de mouwen’ tegen ‘Kijk mij eens’. Het is de clash tussen de twee grootste clubs van Nederland.

Bij De Kuip is het al vroeg druk. Na een jaar afwezigheid – het resultaat van Beverwijk – zullen vandaag ook de Amsterdamse fans weer aanwezig zijn. Ik ben er blij mee. De Klassieker zonder rivaliserende fans is niet compleet. Of een jaar afwezigheid effect heeft gehad, durf ik te betwijfelen. De massa op het voorplein groeit gestaag. Iedereen wacht op de binnenkomende Ajax-trein en staat er niet om bloemen uit te delen. De ME heeft inmiddels de stationsomgeving ontzet en een cordon aangelegd waartussen de bezoekers straks het voorplein kunnen oversteken.

Lees en zie ook: van Yentl voor het Legioen!

Rotterdam ruikt bloed

Op station Rotterdam Stadion komt een trein tot stilstand. Heldhaftig gebrul stijgt op boven het plein. Ajacieden stormen de trein uit en rennen de loopbrug boven het spoor op. “HAMAS, HAMAS, JODEN AAN HET GAS! HAMAS, HAMAS, JODEN AAN HET GAS!” Degene die deze leus inzet, heeft een sterk Noord-Hollands accent. Feyenoorders komen kennelijk uit alle windstreken. Schaamteloos galmen de meest verschrikkelijke liederen over het voorplein. Rotterdam ruikt nog altijd bloed als Ajax komt. De bezinning is ver te zoeken. “EN LAAT JE VRIEND, MAAR IN DE STEEK! EN LAAT JE VRIEND MAAR IN DE STÉÉÉÉK!” De verse Beverwijk-wond wordt bruut opengereten, wetende dat vrienden van de omgekomen Carlo Picornie zich aan de andere kant van het hek begeven.

Over en weer wordt er geschreeuwd. De ME zet een aantal charges in. Busjes en paarden rijten de groep uiteen. In plukjes rukken de hooligans vervolgens net zo makkelijk weer op. Er vliegt van alles heen en weer. Vanaf de loopbrug zie ik een Ajax-hooligan iets gooien. Door de lucht vliegt een rokend ding dat met een grote boog op het plein ploft. Het heeft een kartonnen buitenkant en aan één kant steekt een geelrode vlam naar buiten. Duidelijk een in elkaar geflanst stuk vuurwerk.

Lees ook: kind van de Kuip: Carlo de Leeuw, de stille kracht van Feyenoord én Oranje

De aanslag met een spijkerbom in stadion De Meer in 1989 schiet direct door mijn gedachten. Destijds gooide een Feyenoord-hooligan een zelfgemaakte bom vol scherpe metaaltjes tussen het Ajax-publiek, met vele gewonden als gevolg. Ik maak mij snel uit de voeten. Het stuk vuurwerk dooft uiteindelijk uit zichzelf.

'JODEN! JODEN! JODEN!'

Het kat-en-muisspel eindigt wanneer de Ajacieden het voorplein zijn overgestoken en zich binnen de veilige stadionpoorten bevinden. Voor velen is dat het sein om ook naar binnen te gaan. Ik zit net op mijn stoeltje wanneer de eerste Ajacieden onder luid gejoel het stadionvak betreden. Ze rennen wild gebarend het lege vak in. Voorin worden de eerste spandoeken opgehangen. Er staan davidssterren op, veel davidssterren. De vakken rondom het uitvak zijn leeg en dienen als buffervakken. “JODEN, JODEN, JODEN!”

De Feyenoord-fans heten de gasten op geheel eigen wijze welkom. Er hangt een vibe in de lucht die anders is dan bij andere wedstrijden. Je hebt het gevoel alsof je zelf straks het strijdperk moet betreden. Er staat ook veel op het spel. De stemming op maandagochtend bij de koffie-automaat, de sfeer in klaslokalen, de verhoudingen in vriendengroepen en gezinnen; dat alles wordt vandaag bepaald. En natuurlijk het verloop van de titelstrijd.

Plotsklaps vallen alle gesprekken stil. Een striemend fluitconcert stijgt op. De Ajax-spelers betreden onze heilige mat om aan hun warming-up te beginnen. Geen middel wordt geschuwd om hen op een keihard spijkerbed te laten belanden. Wat dat betreft is de kerstgedachte op deze decemberdag ver te zoeken. Niet lang daarna volgen de Feyenoorders. Vol verlangen worden de spelers als helden onthaald. “KAM-PI-OENEN! KAM-PI-OENEN!” Het stadion brult zijn kelen schoor.

Lees het in Panorama

Het Legioen; laatste titel van de eeuw neemt je mee in de wereld van de meest fanatieke supportersgroep van Nederland. Die van volksclub nummer één, Feyenoord. Het Legioen gaat over het memorabele seizoen ‘98/’99 waarin Feyenoord de laatste titel van de eeuw behaalde, gezien door de ogen van de supporter die zijn club overal achterna reist en zijn eigen weg naar het kampioenschap beleeft. Berne van Leeuwen (1979) is geboren en getogen in Maassluis. Hij groeide op met de liefde voor zijn club en als gepassioneerd supporter heeft hij de club jarenlang gevolgd in zowel binnen- als buitenland. Vandaag de dag bezoekt hij nog steeds vele wedstrijden van zijn Feyenoord. Van Leeuwen vertelt het verhaal van het memorabele seizoen 1998/1999 van binnenuit het Legioen met al z’n mooie, maar ook rafelige kanten. In de Panorama die nu in de winkels ligt (editie 13), vind je een exclusieve voorpublicatie, waar dit artikel een deel van is. Je kunt het blad ook bestellen via onze website of op Blendle lezen.

  • Y.M. Osterloh