DOSSIER

Ernst van Oossannen

Ernst van Oossanen wordt op 31 juli 1948 geboren in Rotterdam. Hij komt voor het eerst in het nieuws als hij in mei 1970 ontsnapt hij uit het Van Mesdagkliniek in Groningen. Na zijn ontvluchting pleegt hij verscheidene inbraken, onder meer op een weduwe in het bij Zutphen gelegen Eefde. In de nacht van 15 op 16 september 1970 dringt hij met twee anderen de slaapkamer van de vrouw binnengedrongen. De buit is een paar honderd gulden en de vrouw wordt bij die beroving ernstig mishandeld.

Woensdagochtend 24 november 1971 wordt Van Oossanen met een maat op heterdaad betrapt bij een inbraak in een benzinestation in Rotterdam-Zuid. Zijn maat geeft zich over, maar Van Oossanen voelt zich zo in het nauw gebracht dat hij de 29-jarige hoofdagent Jan van Hattem bedreigt en hem als gijzelaar meeneemt. Een wilde rit volgt, waarbij nogal wat schoten vallen. In verscheidene auto's gaat de rit van Rotterdam naar Gouda, weer naar Rotterdam, naar Oosterhout en naar Roosendaal. In de buurt van Oosterhout laat de hoofdagent zich uit de auto rollen. Van Oossanen bedreigt daarop een andere automobilist en gaat er in diens witte Mercedes vandoor. Die wagen laat hij achter in de Wouwse Plantage. Daarna ontbreekt elk spoor van hem. Wel vermoedt de Rotterdamse politie dat hij, gezien zijn contacten daar, naar Duitsland is gevlucht.

De Rotterdamse recherche weet wie de inbreker is die woensdag urenlang de hoofdagent Jan van Hattem heeft gegijzeld. De ongeveer 26-jarige verdachte is een goede bekende van de Rotterdamse politie. Hij heeft verschillende keren in de gevangenis gezeten, maar het is niet bekend waar hij momenteel verblijft. Ernst van Oossanen is ongeveer 1.90 meter lang, heeft donker, halflang haar en hij heeft een kogelwond aan een vinger van zijn linkerhand. De politie wil voor alles voorkomen dat de man opgejaagd wordt omdat hij levensgevaarlijk is. De ontvoerder is die woensdag aanvankelijk nog van plan geweest zijn nog steeds zwijgende kompaan, de bij de inbraak van het Zuidplein gearresteerde 26-jarige Arnhemmer J. v. B. — uit de handen van de politie te bevrijden. Maar de ontvoerde hoofdagent Van Hattem, heeft hem dat uit het hoofd gepraat.

Van Oossanen wordt in de nacht van zaterdag op zondag 22 februari 1972 bij een verkeerscontrole aangehouden door de politie in Neurenberg. Met nog twee inzittenden rijdt hij in een oud Volkswagentje. De West-Duitse federale politie heeft een arrestatiebevel tegen hem uitgevaardigd op grond van de misdrijven die hij in Nederland heeft gepleegd. Voor zover bekend heeft Van Oossanen in West-Duitsland niets op zijn kerfstok. De Neurenbergse politie heeft ook de twee andere inzittenden van de Volkswagen aangehouden, maar zij staan niet in het opsporingsregister.

Ernst van Oossanen ontsnapt weer

In mei 1972 wordt Ernst van Oossanen aan ons land uitgeleverd en ondergebracht in een cel in het huis van bewaring in Rotterdam. Nog geen twee weken later, op 16 juni, ontsnapt hij op spectaculaire wijze, zoals hij ook enkele maanden voor het gijzelingsavontuur uit de Van Mesdagkliniek in Groningen is gevlucht. In het opsporingsbericht van de Rotterdamse politie wordt van Oossanen omschreven als een ‘levensgevaarlijke psychopaat’.

Op 22 juni 1972 ontvangt de Minister van Justitie Dries Van Agt een open brief van de ontsnapte gevangene Ernst Christiaan van Oossanen. In die brief vraagt Van Oossanen om kwijtschelding van zijn gevangenisstraf en terbeschikkingstelling van de regering. Dit in ruil voor de uitvinding die hij heeft gedaan: een brandstofvrije motor, die volgens de ontsnapte gevangene: ‘van grote praktische waarde is voor de hele mensheid en de milieuhygiëne’. Wanneer minister van Agt weigert op zijn verzoek in te gaan, dan zal Van Oossanen zijn uitvinding aan het buitenland verkopen en ziet hij af van zijn bereidheid om zich vrijwillig te melden. De brief is op handschrift en vingerafdrukken onderzocht en bij deskundigen bestaat geen enkele twijfel: Van Oossanen is de schrijver. Minister Van Agt heeft de brief ter verdere afdoening in handen gesteld van de Rotterdamse officier van justitie, mr. L. Jansen, die zal overwegen of en hoe hij tegenover Van Oossanen zal reageren. Dat is niet nodig: de Rotterdammer wordt woensdagavond 10 juli 1972 in Amsterdam aangehouden, nadat hij begin juni met nog drie anderen uit het huis van bewaring in zijn woonplaats ontsnapt.
Onder zware bewaking wordt hij van het Amsterdamse huis van bewaring naar Rotterdam vervoerd.

Op 20 juni 1973 staat de 24-jarige Van Oossanen voor de rechter en hij zegt dat dodelijke angst voor TBR (de voorloper van TBS) het motief was voor de gijzeling van een Rotterdamse politie-agent, die het land in 1971 bijna vijf uur lang in spanning heeft gehouden. Hij beweert dat hij zo'n waanzinnige toer nooit had uitgehaald als het alleen maar om de inbraak was geweest. “Maar ik heb sinds 1964 vastgezeten en ik heb er schoon genoeg van.” Van Oossanen hoort een gevangenisstraf tegen zich eisen van drie jaar en vier maanden met aftrek van voorarrest. De officier van justitie zegt bij het bepalen van zijn eis rekening te hebben gehouden met de drie maanden ‘zware tucht’ in de cel in West-Duitsland en met het geïsoleerde voorarrest in Rotterdam. De opmerkelijkste mededeling van de officier is echter, dat hij de verdachte niet kan vervolgen voor de gijzeling van de politie-agent. De reden hiervoor: de West-Duitse justitie heeft Van Oossanen niet uitgeleverd voor dit feit, omdat gijzeling niet wordt vermeld in het uitleveringsverdrag tussen de Bondsrepubliek en ons land.

Ernst van Oossanen overlijdt op 24 december 1992 in Rotterdam. Hij wordt niet ouder dan 44 jaar.

Laaste nieuws

Lomans
Mannenpraat: Huurbaas sleept Mickey Rourke (bijna onherkenbaar inmiddels) voor de rechter
Misdaad
Speedboat-bezitter die haai voorttrekt veroorzaakt beroering (VIDEO)
Misdaad
Politie arresteert Spanjaard die douchende vrouwen filmt
Misdaad
Slachtoffer schietpartij Rotterdam Zeki Yumuşak
Hebbes
WIN: SPEEDLINK Racing Wheel en Mousepad
Bizar
Spaanse stier pleegt ‘zelfmoord’ nadat zijn hoorns in brand zijn gestoken (VIDEO)
Algemeen
Amsterdam wil dat ambtenaren zich genderneutraal gaan gedragen
Formule 1
Verstappen vindt Halo niks: 'Hoort niet bij Formule 1'