Misdaadklassieker: Geen kreeft! Maar coke!

   15238  

Misdaadverslaggever Mick van Wely ontleedt de wijze waarop in Zeeland de drugshandel in praktijk wordt gebracht. Een verhaal over speedboten, luxe jachten, GPS-systemen en drugs, heel veel drugs. Het is de misdaadklassieker van de week, uit week 9 van 2015.

 

"De Zeeuwse Schelde-smokkel is een miljoenenbusiness"

Geen kreeft

Maar coke!

Het is een van de meest spectaculaire smokkelmethoden. De cocaïne wordt van een schip gegooid en met razendsnelle speedboten aan wal gebracht, om zo controle in de havens te ontkomen. Zeeland is een hotspot. Binnen een jaar werden hier twee enorme partijen op de Schelde onderschept.

Op 8 december 2014 wandelt een man rond halftwaalf ’s avonds met zijn hond op de boulevard van Vlissingen. Het is guur weer. De wind is in de avond gedraaid van zuid- naar noordwest en dirigeert koude lucht met hagelbuien over de Zeeuwse kust. De man kijkt over het strand richting de Westerschelde, die behoorlijk tekeergaat. In de verte ziet hij knipperende lichtjes. Ze dobberen heen en weer op de golven. Net een kerstboom op het water, denkt de Zeeuw.  Hij vertrouwt het niet. Misschien is er iemand in nood.

Het is niet de eerste keer dat wandelaars of van een stapavond teruggekeerde toeristen 's nachts vreemde lichten of snelle boten voor de kust zien. Het gonst van de geruchten. Smokkelaars zouden 's nachts drugs binnenhalen. Drugs die van grote containerschepen uit Zuid- en Midden-Amerika overboord worden gegooid.

De man belt toch maar de politie. Ongeveer een halfuur na het telefoontje van de wandelaar schiet een politieboot de Schelde op. De bemanning stuit op een rare, drijvende constructie. Tien jerrycans zijn aan elkaar geknoopt met tape en touw en bevestigd aan een stalen constructie. Aan de zelfgemaakte boei hangen zwarte tassen.

Op de wal bekijken de mensen van de waterpolitie de inhoud van de tassen. Er zitten in plastic en tape verpakte blokken cocaïne in. Aan het tellen komt geen einde. De beambten fluiten tussen de tanden: dit is een megavangst. De volgende dag brengt de Zeeuwse politie een persbericht naar buiten. Er is 1200 kilo coke met een straatwaarde van ongeveer 54 miljoen euro gevonden.

De geruchten over drugssmokkel op de Wester- en Oosterschelde zijn niet uit de lucht gegrepen. De laatste jaren spoelen er regelmatig pakken coke aan op de Zeeuwse stranden. Bemanningsleden van grote containerschepen uit Zuid- en Midden-Amerika, die langs de Zeeuwse kust varen, mikken de goed verpakte drugs overboord. Smokkelaars met snelle schepen laden de drugs over of halen de coke uit het water. Soms gaat het mis, zoals bij de boei met 1200 kilo bij Vlissingen.

Coke tussen fruit

De gedachte die achter de Schelde-smokkel ligt is simpel. De criminele organisaties die coke naar Nederland halen, nemen niet het risico dat de coke in de haven van bestemming , meestal Rotterdam of Vlissingen, door de gevreesde containerscanners worden ontdekt tussen ladingen fruit of hout.

“Voor deze vorm van smokkel heb je meerdere mensen op een schip nodig die in het complot zitten. Je kunt niet zomaar in je eentje geruisloos een partij van 1000 kilo overboord zetten. Daar zal al snel ook een kapitein van op de hoogte zijn,” zegt Rienk de Groot, hoofd van de recherche Zeeland-West Brabant en voormalig baas van de nationale recherche. In zijn werkkamer in een politiebureau in Breda deelt hij zijn zorgen over corruptie in de Zeeuwse havens. “Omkoping van havenpersoneel ligt op de loer. Iemand krijgt rond de 2000 euro per maand aan salaris. Dan komt er een mannetje die 10.000 tot 20.000 euro aanbiedt voor een toegangspas of om een oogje dicht te knijpen. Wanneer ga je dan om?”

Voor de smokkel via het water van de Wester- en Oosterschelde zijn mensen op een schip die de partij overboord zetten onontbeerlijk, maar ook mensen die de coke binnenhalen. Dat moeten mensen zijn die de Zeeuwse wateren goed kennen. Zoals lokale vissers.

Gerard V. (65) uit het kleine dorpje Wissenkerke op Noord-Beveland kent de wateren als geen ander.  De beroepsvisser is verdachte in het mega-onderzoek Bries naar de smokkel van coke vanuit de luxueuze, viersterren jachthaven Marina Roompot op vijf minuten rijden van zijn huis.

Op zondagavond 1 december 2013, een jaar voordat de ‘kerstboom’ met 1200 kilo coke wordt gevonden bij Vlissingen, varen twee snelle boten naar het gebied waar de Westerschelde overgaat in de Noordzee. Aan boord van de eerste boot, de Vaya con Dios, zitten drie mannen uit voormalig Joegoslavië en een Amsterdammer. Gerard V. bevindt zich op de tweede boot. Een charter voor zeevistrips met de naam Bon Vivant.

Het lijkt zo stil op zee. Maar wat de mannen op de boten niet weten is dat ergens in een coördinatiecentrum op het vaste land de bewegingen van de twee boten en het naderende containerschip MSC Soraya nauwlettend in de gaten worden gehouden door mensen van politie, justitie en de Koninklijke Marine.

De Soraya is al een week ‘heet’ na een tip van de National Crime Agency in Engeland. Er zou een grote partij cocaïne gelost worden op de Oosterschelde, vlak bij het voormalige boorplatform Neeltje Jans. De tip is concreet. Er wordt zelfs de naam van een bemanningslid genoemd.

De smokkel van coke via de Schelde houdt de opsporingsautoriteiten dan al twee jaar bezig. Er spoelen af en toe tassen met coke of lege tassen van hetzelfde type aan op de Zeeuwse stranden. De smokkelaars zijn politie en justitie telkens te slim af. De recherche vermoedt dat één groep achter de smokkel zit.

Arrestatieteams op speedboten

Nu hebben ze eindelijk de kans om de smokkelaars op heterdaad te betrappen. Dat is nog nooit gelukt op zee. Het moet nu gebeuren.

Speedboten met leden van arrestatieteams dobberen voor de kust. Op Walcheren en Noord-Beveland wachten nog meer arrestatieteams en observatieteams gespannen op nadere instructies vanuit het  coördinatiecentrum. Als paarden die snuivend en met de hoeven schrapend  aan de start van een koers staan. Het is een gigantische operatie.

Politie en mensen van de marine zien dan tegen middernacht hoe vanaf het containerschip MSC Soraya een partij cocaïne overboord wordt gegooid. Zodra observatieteams en een patrouilleschip van de marine waarnemen dat de bemanning van de twee boten tassen aan boord tillen, varen ze naar de PK-monsters toe. Van alle kanten komen speedboten aanvaren. Zelfs een helikopter cirkelt boven de monding van de Oosterschelde.

De politiemensen zien hoe de bemanning op de schepen snel de net binnengehaalde pakketten cocaïne haastig overboord gooit. Een arrestatieteam weet na een korte achtervolging de Vaya con Dios te enteren, maar de Bon Vivant ontkomt in het tumult. De politie vist 400 kilo cocaïne uit de zee. De drugs zijn bevestigd aan zelfgemaakte boeien.

In de jachthaven Marina Roompot vinden de rechercheurs in een Volkswagen Caddy 73 kilo coke. De drugs zijn verstopt in zwarte koelboxen. De recherche gaat er van uit dat de partij nog net van de Bon Vivant gehaald kon worden.

Op vrijdag 6 december lijkt het witte Kerst op de stranden tussen Oostkapelle en Westkappele. Ruim honderd pakketten coke spoelen er aan. Met zwarte tape omwikkelde blokken van een kilo per stuk. De politie denkt dat dit de overboord gegooide partij is. Douanebeambten speuren minutieus het strand af om te voorkomen dat er iets achterblijft.

Kort na een aanhouding van de vier mannen op de Vaya con Dios pakt de politie op de Soraya nog een vijfde verdachte op. Het is een 27-jarige man uit voormalig Joegoslavië. De drugsactie is slechts deels geslaagd. Want waar is de andere boot?

Weer vijf verdachten

Het is intrigerend. In het pikkedonker honderden kilo’s aan vracht overboord gooien. En dat moet dan precies op de juiste plek gebeuren, zodat de lading snel gevonden kan worden. De onder de vlag van Panama varende MSC Soraya is een immens groot schip. De afmetingen zijn 277 bij 40 meter. Het dek waarop de honderden containers rusten ligt zo’n 30 meter boven het wateroppervlak. Het lijkt zo verschrikkelijk moeilijk zo'n partij secuur te dumpen.

“Moeilijk? Je hebt op je schip een GPS-systeem. Als bemanningsleden van beide schepen de coördinaten aan elkaar doorgeven, weten ze precies waar ze moeten zijn. Met een stroomatlas is de invloed van de stroming zelfs te berekenen,” zegt de eigenaar van de jachthaven Roompot Marina in het havenkantoor. De ondernemer heeft een glorieuze carrière achter de rug als zeezeiler.  Hij kan het weten.

Buiten wiegen peperdure jachten zacht heen en weer aan lange steigers. Zelfs in februari is het er druk. Vooral Duitsers genieten van de zonnige zaterdag.

De eigenaar, die absoluut anoniem wil blijven, herinnert zich de arrestaties. “Ik was er niet blij mee. We distantiëren ons natuurlijk van dit soort handel. Gelukkig deed de politie de invallen in december, toen het rustig was hier.”

De recherche liet na de arrestaties op zee boten van de verdachten uit de haven afvoeren. En een paar weken later kwamen ze weer. Toen namen ze de luxe catamaran Bruinvis van beroepsvisser Gerard V. uit Wissenkerke mee. Want het was de recherche dan toch gelukt: de bemanning van de boot die op 1 december wist te ontkomen kon alsnog worden opgepakt.

Weer zijn het dan vijf verdachten. Naast Gerard en zijn vrouw Sjaan een man uit Halsteren die onderhoud deed op de Bon Vivant en twee verdachten uit Bergen op Zoom. Eén van de twee is eigenaar van de Bon Vivant.

De politie neemt bij de verdachten thuis en in de jachthaven Marina Roompot 1,25 miljoen euro, zes boten en dure auto’s in beslag. De advocaat van Gerard V. wil niets zeggen over het onderzoek Bries.

Drie moorden

Dan maar naar Wissenkerke. Hoe belandt een visser in de cokesmokkel? Wat gebeurt er precies op zee bij een dumping? Misschien willen Gerard en zijn vrouw praten.

Wissenkerke telt nog net geen 1200 inwoners. Lange wilgen flankeren een grote begraafplaats met oude grafzerken aan de zijde van de toegangsweg. Het dorp is in de loop der eeuwen meermalen ondergelopen. In 1530 was alleen nog de kerktoren zichtbaar boven het niets ontziende zeewater.

In het dorp kent iedereen Gerard en zijn vrouw. En iedereen kent het verhaal van de cocaïnesmokkel. “Die catamaran die hij ineens had. Zo’n boot koop je niet van twaalf pond paling,” merkt een man op aan de bar van het plaatselijke hotel De Kroon. De eigenaar wrijft een bierglas droog en houdt wijselijk zijn mond. Op de achtergrond kijken leden van de plaatselijke fietsclub op een groot scherm naar een film over eigen prestaties.

De dorpelingen zien het echtpaar niet als criminelen. Keurige mensen zijn het. “Gerard heeft zijn hele leven bij Fokker gewerkt. Toen ging hij werken als beroepsvisser. Hij heeft gezegd dat hij onder druk is gezet om de drugs op te halen. Er zijn meer vissers 'op dorpen' hier in de drugshandel gegaan. De visserij levert niets op, héé,” zegt een man met de typische scherpe Zeeuwse r voor de deur van de slijter. Hij zegt geen hè maar héé. Zo doen Zeeuwen dat.

Het echtpaar woont in een vrijstaand, doorsnee huis aan de rand van het dorp. Sjaan tikt tegen het raam boven na een druk op de bel. Ze kan niet naar beneden komen en Gerard is met de hond aan het wandelen. We praten daarom maar over de telefoon.

“Ik ben een wrak. We zijn het allebei. Ik heb drie weken onder volledige beperkingen vastgezeten. Geen contact met familie. Geen kranten. Niets. Op een gegeven moment ga je dan maar bekennen. Dan biecht je onder druk zelfs drie moorden op hoor,” zegt ze.

Sjaan is terughoudend. Ze is bang, vertelt de vrouw. Haar man blijkt inderdaad bij Fokker te hebben gewerkt, 49 jaar lang. “Gerard had als hobby vissen. Omdat hij iets te doen wilde hebben na zijn pensioen besloot hij om beroepsvisser te worden. Sinds 2005 heeft hij een visboot in de jachthaven Marina Roompot.”

Aan dezelfde steiger lag de Bon Vivant. De mensen op de boot praatten weleens met Gerard. “Op een dag vroegen ze hem of hij wilde varen. De andere schipper kon niet.” Gerard vond het prima en kroop achter het stuur van de Bon Vivant.

“Ze waren nauwelijks de sluizen door of hij werd bedreigd. Dit zijn de coördinaten. Varen!” Namen noemt ze niet. Sjaan heeft al te veel gezegd. Ja, ze gingen nog naar Las Palmas om het pensioen te vieren van Gerard. En toen werden ze opgepakt. “Maar de zaak tegen ons is door justitie geseponeerd hoor. Gelukkig wel.”

'Ik ben doodsbang'

Inmiddels komt Gerard aangelopen. Een kleine, gewone man met een forse baard en een zwarte bril. Naast hem loopt een grote rottweiler. De visser is wantrouwig. Over zijn rol, de aanhouding en de anderen zwijgt hij. “Ik ben doodsbang. Twee keer zijn we bedreigd. Waarom denk je dat ik een hond heb?”

Wie is het grote brein achter de mislukte smokkeloperatie? Zijn het de 'Joego's'? De Amsterdammers? De eigenaar van de Bob Vivant uit Bergen op Zoom? Misschien zijn alle opgepakte verdachten kruiers. Lopers. En niet meer dan dat. Maar vergeet niet: zonder kruiers geen coke.

De advocaat van het bemanningslid van de Soraya blijkt Jan-Hein Kuijpers te zijn, de voormalig advocaat van Willem Holleeder. Geen kleintje voor een ogenschijnlijk onbeduidend bemanningslid van een containerschip. “Hij is alweer vrijgelaten. Er ligt geen bewijs. Ja, zijn naam is genoemd, maar dat is het,” reageert Kuijpers. Zijn cliënt is nog wel verdachte.

De advocaten Anouk Stoop en Ed Manders van Manders Advocaten in Rotterdam staan twee mannen uit voormalig Joegoslavië van de Vaya con Dios bij. Ook zijn cliënten in afwachting van het proces vrijgelaten. Ze betaalden een borgsom van 15.000 euro.

“Ze waren op zee om te vissen. Daar hadden mijn cliënten ook allerlei spullen voor bij zich. Dat hebben ze uitgelegd aan de rechercheurs. Toen die door bleven vragen, heb ik gezegd dat mijn cliënten zich moesten beroepen op hun zwijgrecht.”

Justitie krijgt het niet gemakkelijk, denkt Manders. “Justitie kan wel roepen dat de tip uit Engeland kwam, maar hoe controleer ik dat? Punt twee: er is misschien coke in zee gevonden, maar niet bij mijn verdachten. En hoe kun je rond middernacht precies zien wie er iets overboord gooit?”

Dat Gerard V. bedreigd zou zijn komt hem bekend voor. “Bij de rechter-commissaris heeft hij verklaard dat mannen hem in Goes in een auto duwden en bedreigden. Ze lieten volgens hem foto's zien van familieleden en dreigden die te vermoorden. Het ging om 'buitenlandse mensen' had Gerard gezegd. Of V. het verzonnen heeft? Manders weet het niet. Misschien wordt het allemaal duidelijker in de rechtszaal later dit jaar. Er wacht een spannend proces.

 

Tot zover het onderzoek Bries. Hoe zit het eigenlijk met die andere cocaïnezaak, die met de 'cokeboei'? Wordt het verlies van de megapartij ook nog eens gevolgd door arrestaties?

De recherche weet na de vondst van de 1200 kilo precies te achterhalen welk schip rond het tijdstip waarop de boei bij Vlissingen werd gevonden in de buurt was. Ieder schip is namelijk verplicht een baken te dragen en kan daarmee wereldwijd gevolgd worden.

Het is een kwestie van geduld. Zodra op 4 januari dit jaar het schip  wederom de golven van de territoriale wateren bij de Westerschelde splijt, gaat de politie aan boord. De vingerafdrukken van bemanningslid Stefan K. komen overeen met de vingerafdrukken die zijn gevonden op pakketten coke die aan de boei vastzaten.

K. komt net als het opgepakte bemanningslid van de MSC Soraya uit voormalig Joegoslavië. Toeval? “Hij heeft net zijn opleiding voor elektricien afgerond en heeft geen criminele antecedenten. Stefan is 22,” zegt zijn advocaat Jos Wouters van Wouters & Wouters Advocaten in Middelburg.

De raadsman reageert nuchter op het bewijs waarop zijn cliënt is opgepakt. “Als elektricien werkt hij de hele dag met zwarte tape op het schip. Dat er afdrukken op tape is gevonden, vind ik niet zo bijzonder.”

Wouters snapt niet dat de rest van de bemanning buiten schot bleef. “In je eentje 1200 kilo overboord gooien. In het donker. Weet je wat die zelfgemaakte boei woog? Samen met de coke is er een lading van zeker 2000 kilo van het schip gegooid. Dat kan toch niet in je eentje?” verwondert de strafpleiter zich.

Wouters denkt dat het met een kraan is gebeurd. En dat Stefan de pech had als enige te zijn opgepakt. De verdachte zit nog steeds vast. “Hij mist zijn familie.”

En terwijl Stefan K. in de cel weer met familie mag bellen omdat zijn beperkingen in de bajes zijn opgeheven, maken Gerard V.  en de negen andere verdachten uit het andere coke-onderzoek zich op voor de eerste pro forma-zitting in juni. Er wacht ze een stevige bries.

 

Kader: Zonder kruiers geen coke

Het Openbaar Ministerie Rotterdam zegt dat er geen sprake is van sepots bij de verdachten uit Wissenkerke. Ze moeten allebei in juni voor de rechter verschijnen. Geen van de tien verdachten zit nog vast. Ze worden verdacht van de invoer van cocaïne.

Over de rolverdeling van de tien wil het OM niets zeggen. “Dat komt aan de zitting aan de orde,” zegt woordvoerder Jeichien de Graaff. Heeft justitie alleen 'kruiers' gepakt of maakt het brein ook deel uit van de tien?

“Ook daar zeggen we niets over. Overigens zijn voor ons kruiers net zo belangrijk als een organisator. Zonder de 'lopers' komt de cocaïne hier niet binnen.” Justitie bereidt een ontnemingsvordering voor. Over de omvang ervan kan het OM nog niets zeggen.

Is er een overeenkomst tussen het onderzoek Bries en de zaak van de 1200 kilo coke aan de boei? “Het gaat om twee aparte onderzoeken,” is he  t enige wat De Graaff hierop wil antwoorden.

 

Kader: Nederland is een doorvoerhaven

Hoofd van de recherche binnen de eenheid Zeeland-West Brabant Wilbert Rienk de Groot schat dat er in Nederland jaarlijks behoefte is aan ongeveer 1600 kilo cocaïne. Hij baseert zich daarbij op berekeningen uit de Criminaliteitsbeeldanalyse (CBA) 2012 van de politie.

“Een gebruiker consumeert ongeveer 30 gram cocaïne per jaar. Met 55.000 gebruikers heb je dus 1600 kilo nodig.” Alleen al in de haven van Rotterdam werd in het afgelopen jaar 7575 kilo coke ontdekt. Het team dat jaagt op drugs is het Hit and Run Cargo Team (HARC), een samenwerkingsverband van douane, zeehavenpolitie, FIOD en justitie.

“De VN schat dat er in Europa behoefte is aan 124.000 kilo coke per jaar. Die 1600 is dus maar een fractie hiervan.” De Groot wil ermee benadrukken dat Nederland vooral een doorvoerhaven is.

De politie bestrijdt de drugshandel in Zeeland met het SOZ-team van politie, douane, FIOD en Marechaussee.

 

  • M. Haas