Misdaadklassieker: De schrik van Limburg

   24194  

 

Afgelopen week werd bekend dat de Limburgse Geert G. in hoger beroep te horen heeft gekregen dat hij 20 jaar zal moeten brommen voor een dubbele moord die hij tien jaar geleden zou hebben gepleegd. Dat nieuws is slechts een kleine laatste rimpeling in het water van een zaak die al sinds 2006 speelt. Nu terug naar 2014, naar het moment dat Panorama-verslaggever Martijn Haas een rechtbankzitting bij woont waarin deze Geert G. en de gevreesde Lau G. terechtstaan. Die laatste - Lau dus - dat is een medeverdachte die een paar maanden na publicatie van dit verhaal later zelfmoord zal plegen. Lees deze complete misdaadklassieker die zich afspeelt in kille Noord-Limburgse sferen.

 

Was het Lau G. die twee Marokkaanse wietdieven afslachtte en in het bos begroef?   

De schrik van Limburg

Intro: In mei 2006 raken twee Marokkaanse jongens uit Venray vermist. De politie vindt bloedsporen in een wietloods,  maar blijft lang in het duister tasten. Na acht jaar onderzoek zal de dubbele moordzaak binnenkort zijn ontknoping vinden. Was deze Lau G. de dader? Of zijn hulpje Geert?

Het is op een bewolkte dinsdagochtend in november jongstleden als er twee gepantserde cellenwagens van justitie – afdeling Dienst Vervoer en Ondersteuning - in het centrum van Venray arriveren, voorgegaan en gevolgd door de nodige personenauto's en politiesurveillancewagens. Op de locatie zelf bevinden zich dan al gebivakkeerde schutters van het Bijzonder Ondersteunings Team gewapend met mitrailleurs, die een terrein rondom een zwart gebarricadeerd hek minutieus observeren.

Het gezelschap stapt uit, alle aandacht gericht op de eerste man die uit de gepantserde cellenwagen komt. Dit is Lau G, een 52-jarige, 1.90 meter lange man met grijze krullen die op de weegschaal zeker 120 kilo zal aantikken. In een zwarte regenjas en met een afgeplakte skibril op zijn hoofd loopt hij naar een oude, stenen loods met houten luiken, waarvan hij ooit het interieur zodanig aanpaste dat er op grote schaal wiet kon worden geteeld.
Lau blijft voor de deur van de loods staan. Men doet hem zijn bril af. En hij verklaart brommerig dat hij zich onthoudt van commentaar. Hij wil enkel kwijt dat hij in de nacht van 10 op 11 mei 2006 dat hier twee Marokkaanse jongens  werden vermoord hij níet degene is geweest die de trekker overhaalde. Hij doelt op de slachtoffers Karim Fourkour, destijds 19 jaar en Fouad Bendella, destijds 23 jaar. Lau was wel in de buurt van het pand. Maar verder heeft hij er niets mee te maken gehad. Men moet daarvoor bij de andere verdachte, Geert G., zijn. Die belde hem toen 's nachts in paniek op, waarna Lau enkel een kijkje kwam nemen met z’n auto. Hij is nooit binnen geweest, daar waar bloedsporen zijn gevonden, noch heeft hij de slachtoffers aangeraakt of weggemaakt.

Bloed en hersenweefsel

Na deze korte verklaring op de plek des onheils leiden de gemaskerde medewerkers van justitie de rijzige Limburger terug naar de vervoersdienst die hem terugbrengt naar zijn cel in de EBI in Vught

De tweede verdachte tijdens deze schouw mag nu zijn wagen uit, het is Geert G. met zijn 38 jaar en grote, blauwe ogen een stuk minder imposant van statuur. Met een capuchon over zijn hoofd loopt ook hij naar de loods en gaat er wèl naar binnen. Daar begint hij uitvoerig te praten tegen de aanwezige rechters, forensisch experts, officieren en advocaten. Het staat vast dat op deze locatie in 2006 grote hoeveelheden bloed werden aangetroffen, samen met een witte sportschoen van een slachtoffer, een breekijzer en een heggenschaar. Hij wil dat graag toelichten.

Ja, hier was hij die fatale nacht, zo stelt Geert G. Hij en Lau waren gewaarschuwd door het alarm dat was aangeslagen. Zo snel als ze konden spoedden ze zich naar de loods, waar twee Marokkaanse boeven hadden gedacht snel een slaatje te slaan door de aanwezige softdrugs mee te grissen. Die jongens hadden alleen geen rekening gehouden met de gewelddadige aard van de eigenaar van al het spul, zo legt Geert  uit. Met zijn gerichte schoten had Lau de twee Marokkanen getroffen. Bloedspetters en hersenweefsel kleefden naderhand aan de houten poortdeuren. Tijd om na te denken was er niet.

Daarna hadden ze er de handen vol aan gehad om de twee lichamen te vervoeren naar een geheime plek die ze vonden in de grond van de dichte bossen bij Arcen, dicht tegen de Duitse grens, een tiental kilometer verderop. Een gebied populair bij wandelaars en watersporters, vlak bij de toenmalige woning van Lau.

Guantanamo Vught

Twee dagen na de schouw in de Venrayse loods bevinden de twee verdachten zich opnieuw in elkanders gezelschap. Plaats van handeling is nu de rechtbank van Maastricht, waar een regiezitting in de dubbele moordzaak zal plaatsvinden. Een aangelegenheid die als doel heeft de stand van het onderzoek te peilen. Pas in februari 2015 zal de zaak inhoudelijk op de rol komen.

Er is genoeg te bespreken. Opnieuw is Lau gevraagd met zwaar beveiligd vervoer vanuit de EBI over te komen. ‘Guantanamo Vught’ zo noemt hij in de wandelgangen de zwaar beveiligde gevangenis waar hij zit. Het typeert zijn soms wat theatrale manier van doen.

Lau draagt vandaag een zwart Adidas-trainingsjack met bijpassende badslippers. In tegenstelling tot de foto’s die er van hem zijn verspreid op internet heeft hij een glad geschoren gezicht. De Limburger is deze zomer in ‘terroristengevangenis’ Vught beland na een vermeende zelfmoordpoging in de gevangenis van Grave. Hij zou volgens justitie het plan hebben gehad om die penitentiaire inrichting te ontvluchten door de broeders, die bij dit soort calamiteiten in de gevangenis te hulp schieten, te gijzelen. Lau had  meerdere afscheidsbrieven klaar liggen en was al begonnen zichzelf verwondingen toe te brengen. Uiteindelijk kwam het erop neer dat gevangenispersoneel hem al snel door had.

Geert zit een meter of 6 tegenover hem. Ook hij heeft zo zijn nervous breakdowns gehad in de lik, zo is bekend geworden na diverse kranten- en internetberichten. Hij houdt zich groot, maar het valt op dat hij Lau niet aankijkt.

Kaken stijf op elkaar

Lau en Geert zitten beiden sinds 8 april dit jaar vast. Daar gaat een verhaal van acht jaar politieonderzoek aan vooraf. De twee Marokkanen zijn - zoals gezegd - vermist sinds mei 2006. In het onderzoek dat nadien plaatsvindt komen  zowel Geert als Lau vast te zitten op basis van vingerafdrukken die de politie vindt in de loods. De twee verdachten houden in die fase - half november 2006 - hun kaken stijf op elkaar als het gaat om de toedracht.

Wat wel duidelijk wordt is dat de jonge Geert - ook afkomstig uit de regio - een soort wietteelthulpje is geweest van Lau. Met de aangetroffen vingerafdrukken in de loods kan de politie dan nog niet veel: de twee verdachten zijn voorafgaand aan de slachtpartij vaak in de loods aanwezig geweest en hebben zo hun sporen achtergelaten. De rechter-commissaris beveelt dan ook dat ze vrijgelaten moeten worden, ook al blijft het onderzoek op hen gericht.

December 2012 meent de recherche opnieuw dat er aanleiding is om Lau aan te houden. De verdachte woont op dat moment in Duitsland, en komt op verzoek van Nederlandse autoriteiten vast te zitten in een Düsseldorfse gevangenis.

Lang zit Lau niet in de Duitse bajes. Opnieuw beveelt de rechter-commissaris snel vrijlating op basis van onvolledig bewijs. Toch is het achteraf gezien een bijzondere periode in het onderzoek. Een Nederlandse medegedetineerde krijgt in die korte Duitse detentieperiode een vertrouwensband met de Limburger en Lau biecht hem in de lik de dubbele moord op. Hij geeft hem nogal wat schokkende details over zijn rol en die van Geert prijs. Deze medegedetineerde W. stapt in de maanden die volgen met een opgetekende bekentenis naar de politie in Nederland, die daarop in samenwerking met het OM een getuigendeal met hem sluit. Het heeft dan nog even wat voeten in de aarde, maar zowel Lau als Geert komt april 2014 opnieuw vast te zitten.

In plastic zeil gewikkeld

Marcel Heuvelmans, de advocaat van Lau, onlangs voor de camera van de regionale televisiezender L1: “Deze getuige heeft niet alleen uitspraken van Lau genoteerd, maar ook van een andere Nederlandse verdachte. Ik vermoed dat hij weg wilde uit de Duitse gevangenis.”

De politie confronteert de aangehouden Geert met de 'biecht' van Lau. Die slaat daarop helemaal door, emotioneel gebroken als hij is door het nieuws. Acht jaar lang heeft hij zijn mond gehouden, maar nu Lau kennelijk is gaan praten wil hij er wel het zijne van zeggen. Nee, hij heeft niet gemoord, maar hij weet wel om en nabij waar de lichamen van Karim en Fouad begraven liggen.

Mei 2014 begint een team van forensisch experts op zijn aanwijzing aan een onderzoek in de bossen bij Arcen. Ze worden uitgekamd en na twee werkdagen graven en snuffelen vindt men de lichamen. Ze zijn in plastic zeil gewikkeld en begraven op een diepte van 1.20 meter tot 1.90 meter.

Na acht jaar vermist te zijn geweest, komt vast te staan dat de twee Marokkaanse jongens daadwerkelijk zijn overleden, want officieel staan ze dan nog geregistreerd als vermist.

De verklaringen van de getuige W. vormen het zwaarste onderdeel van de verdenking die justitie op dit moment tegen Lau heeft. Het is immers in Nederland niet ongewoon dat verdachten op basis van enkel zo’n verklaring ‘van horen zeggen’ een lange gevangenisstraf krijgen opgelegd.

In het geval van Geert G. zijn er naast de vingerafdrukken onlangs dna-sporen van hem gevonden op het zeil waarmee de lichamen in Arcen begraven waren. Ook al is Geert dus heel uitvoerig – zelfs welwillend - geweest met zijn verklaringen sinds mei dit jaar, de rol van medeplichtige in deze moordzaak kan hij nu nauwelijks nog van zich afschudden. Temeer niet daar justitie nog onderzoek doet naar een kassabon van een Boerenbond-filiaal in Venray, van de dag van de moord, waarop de aanschaf van een overall, een schep en werkhandschoenen staan aangegeven. Een aankoop die zwaar belastend zal zijn als op die bon óók nog eens Geert zijn dna gevonden gaat worden.

Dergelijk technisch bewijs, dat justitie dat nu al bij Geert G. kan aanwenden, is afwezig in de aanklacht tegen Lau. Al doet het Nederlands Forensisch Instituut op dit moment voor de tweede maal onderzoek naar dna-sporen op de vier kogelhulzen die zijn gevonden in de Venrayse loods. Bij eerder onderzoek kwam hieruit geen bruikbaar dna-materiaal tevoorschijn.

Gebonden aan beroepsgeheim

Beide verdachten doen tijdens de zitting hun best om door middel van nieuwe getuigenverklaringen de zaak te doen kantelen. De advocaat van Geert – mr. Paul van Vugt - heeft  een jurist opgeroepen die al in een vroeg stadium van de zaak vanachter de schermen precies zou hebben geweten wie welke rol zou hebben gespeeld bij de moorden, omdat hij ooit de advocaat van Lau G. was. In de praktijk heeft men weinig aan de man. Als oud-advocaat is hij gebonden aan zijn beroepsgeheim, zo verklaart hij.

Geert G. komt haast wanhopig overeind zitten: “Zou u niet graag de waarheid spreken, om zo een moord te helpen oplossen?”

De getuige knikt afwerend. Hij zou alleen wat verklaren als zijn oud-cliënt daar toestemming voor zou geven.

Lau knikt op zijn beurt weer naar de rechter. Nee, daar geeft hij geen toestemming voor.

Geert G. zakt ineen.

Lau hoopt op zijn beurt ook de getuigenverklaringen tegen hem te kunnen pareren met andere getuigenverklaringen. Zijn zoon Roy heeft een brief geschreven waarin deze verklaart dat hij in 2013 van Geert heeft gehoord dat die bekende de moorden te hebben gepleegd. Volgens de officier van justitie zou diezelfde Roy een jaar eerder hebben verklaard bij de politie dat Geert niets met de moorden te maken zou hebben gehad. Toch overhandigt advocaat Heuvelmans deze nieuwe verklaring aan de rechtbank.

Ook de vrouw van Lau - Melanie - zou komen getuigen vandaag. Maar ze heeft geen oproep gekregen, zo verklaart Heuvelmans, daarom is ze er niet.

“Ik zag haar maandag nog. Ze wilde best komen, maar ze voelde zich al niet lekker,” voegt Lau daaraan toe.

“Ze heeft de ziekte van Crohn,” meldt zijn advocaat.

“Ze kan soms haar behoefte niet ophouden,” vult Lau aan.

Doodsbang voor Lau

Bij de pauze die de rechter inlast wordt het Geert allemaal te veel. Terwijl Lau de ruimte al weer uit is, barst hij in snikken uit. Hoge halen klinken door de kleine, benauwde rechtszaal. De aanwezige journalisten blijven allen professioneel toekijken, totdat Geert zichzelf langzaam hervindt en zich laat meevoeren door twee bewakers. Even later zal zijn advocaat op de gang aan Panorama  vertellen dat zijn cliënt het zeer moeilijk vond om Lau voor het eerst in lange tijd weer te treffen in de rechtszaal. “Hij heeft zich in zijn cel flink lopen opvreten in aanloop naar deze zitting. Hij is doodsbang voor Lau geworden.”

Lau is de oudste zoon van vrachtwagenchauffeur Huub en huisvrouw Nel G. en groeit op in Venlo, zo staat geschreven in een portret van hem in De Limburger/Limburgs Dagblad. Al op jonge leeftijd is ‘Lauke’ een gevierd en gevreesd persoon in de Vastenavondkamp-buurt, de vervallen Venlose naoorlogse buurt waar hij woont en naar school gaat. Zo’n jochie die vriendjes in elkaar trimt en snoep jat bij de buurtsuper. Zijn vader overlijdt in 1986 – als Lau 24 jaar oud is – in Frankrijk aan een hartaanval achter het stuur van de truck. Moeder G. blijft nog decennia op hetzelfde adres in Venlo wonen.

In zijn eerste volwassen jaren is de straatvechter uit Venlo portier, met de naam meedogenloos te zijn voor diegenen die hem niet aanstaan. Met name dronken en doorrookte toeristen in de grensregio moeten uitkijken als ze zich in zijn territorium begeven. Tegelijkertijd staat de krullenbol ook bekend als groot innemer. Hij drinkt makkelijk dertig pils op een avond na het uitkraaien van zijn lijfspreuk ‘Alléjoep!

Voor eten geldt hetzelfde. Lau heeft van alles het liefst veel en vet, totdat gezondheidsklachten hem dwingen een maagverkleining te ondergaan.

In vechtsportkringen is Lau sinds zijn portiersjaren bekend als fanatiek beoefenaar van de Israëlische zelfverdedigingssport Krav Maga, waarbinnen hij zelfs op Europees niveau actief is. In feite beoefent hij met zijn energieke persoonlijkheid alle hobby’s met  enthousiasme. Niets gaat hem te ver, wat geregeld voer is voor verhalen in het Noord-Limburgse kroegleven. Berucht is de anekdote dat ‘macho Lau’ na een avondje op de schietbaan een eigen schietbaan in de kelder van zijn woning laat aanleggen.

De Limburger heeft op dit moment twee kinderen uit twee huwelijken en woonde tot kort voor zijn arrestatie in Duitsland. Beide vrouwen vragen om voldoende financiële reserves: na de jachtige portierswereld stort hij zich dan ook op de lucratieve autobranche. Hij opent een garage aan de Kaldenkerweg in Venlo, waar volop gesleuteld wordt aan allerhande vierwielers, al vermoedt justitie dat Lau al in deze periode actief is in de misdaad, vooral nadat dezelfde garage korte tijd later onder onopgehelderde omstandigheden in vlammen is opgegaan.

Via het milieu komt er rond de eeuwwisseling volop nieuws bij de Noord-Limburgse recherche binnen dat G. in de incasso’s zit en mogelijk ook betrokken is bij witwasoperaties. De stevige vechtsporter opent die jaren een zonnestudio en een spyshop. Ook profileert hij zich met een cursus ‘resultaatgerichte zelfverdediging’ en als hokkenbouwer in de growbranche.

Flinke tikken voor Marokkaan

Wanneer medio 2006 het incident in de loods aan de Venrayse Paterstraat plaatsvindt, is Lau dus al een beruchte crimineel, wiens wapenvergunning is ingetrokken en voor wie velen sidderen, ondanks zijn soms charmante voorkomen.

Dat leidt er ook toe dat men hem  na het bloedbad in Venray op straat ziet als de grote boeman. Iets wat advocaat Heuvelmans nog altijd niet lekker zit: “Lau is eigenlijk altijd als dader van de dubbele moord gezien, terwijl op technisch vlak tot nu toe nog alle bevindingen van justitie sporen met zijn getuigenis.”

Lau zelf maakt het beeld er niet beter op wanneer hij twee jaar na het drama in de loods een Marokkaanse man een paar flinke tikken verkoopt in zijn zonnestudio in Tegelen. Het slachtoffers is een kennis van de twee vermiste Marokkanen en komt vanwege het drama verhaal halen bij degene die hij ziet als de hoofddader.

Volgens Lau is de Marokkaan ‘niet goed snik’ en worden hij en zijn vrouw, op deze bewuste dag dat hij zijn Krav Maga-skills uit pure zelfverdediging buiten de ring demonstreert, ernstig bedreigd. Het slachtoffer is inmiddels weer de oude en valt zijn vrouw nog altijd lastig, verklaart hij tijdens de Maastrichtse regiezitting: “Meneer de rechter, ik kom nooit van die man af.”

Nadien verhuist hij uit Arcen, waar in het geheim de lijken begraven liggen, en vestigt hij zich met vrouw en kind in Duitsland, vlak over de grens bij Roermond. Hij probeert werk te vinden in de beveiliging, maar het Venray-verleden blijft hem achtervolgen, waardoor werkgevers hem al snel de deur wijzen.

In zekere zin komt het nieuws dat Klaas Otto hem in het voorjaar van 2014 ziet als de ideale president van het Limburgse chapter van No Surrender als een zegen.  Lau moet het Limburgse chapter weer opbouwen nadat een aantal leden in bad standing uit de club is gezet.

Otto laat in die periode Panorama weten: “Ik kijk niet naar het verleden. Ik heb Lau leren kennen als een aardige man. Hij komt niet uit de motorwereld, maar dat is geen probleem. De tijden zijn veranderd. We kijken naar de toekomst.”

Tot een daadwerkelijke beëdiging als president zal het overigens nooit komen. Otto neemt afscheid van Lau wanneer de verdenkingen tegen hem serieuze vormen aannemen.

Na ettelijke drankjes

In de hoek van de rechtszaal staat een scherm. Daarachter zitten een zus en een moeder van een van de twee slachtoffers, bijgestaan door een tolk die alle Nederlandse zinnen vertaald in het Marokkaans en ook door een begeleider die hen mentaal ondersteunt. De nabestaanden worstelen nog altijd met de onvolkomenheden in het dossier. Het feit dat de twee verdachten elkaar tegenspreken is voor hen ondraaglijk, zo hebben ze aan journalisten laten weten. Tijdens de inhoudelijke zitting straks in februari zal er dan ook zeker een stevige slachtofferverklaring worden voorgelezen.

De slachtoffers Fouad en Karim waren de bewuste mei-nacht in 2006 op stap om de 21-ste verjaardag van hun vriend Ridouan te vieren. Na ettelijke drankjes in de kroegen rond de Venrayse Sint Petruskerk kregen de drie een overmoedig plan om een hennepkwekerij te beroven. Twee van de drie gingen er vol voor. Alleen de jarige Ridouan had zo zijn bedenkingen en ging kort voor de inbraak  naar huis. De volgende ochtend zocht hij zijn vrienden. Hij trof ze niet thuis aan. Daarop spoedde hij zich naar de loods, waar hij een groot aantal bloedsporen aantrof, mogelijk afkomstig van zijn vrienden.

Wat zou er nou precies zijn gebeurd die nacht? Niet alleen de nabestaanden of de rechtbank vragen zich dat af. Was het Lau die Geert het meeste vuile werk liet opknappen, zoals het wikkelen van de slachtoffers in een zeil? Of handelde Geert helemaal eigenhandig en is het inderdaad zo dat Lau maar een getuige was? Lau en Geert doen steeds meer uitspraken waarmee telkens meer vragen worden opgeroepen. Hun ijzige, psychologische oorlogsvoering is nog in volle gang.

 

 

  • M. Haas