Bij de politierechter: geen ID

   13612  

Bij de politierechter komen elke dag zaken langs die niet wereldschokkend zijn, maar vaak wel herkenbaar. Zoals deze zaak.

In de tuin van zijn ouderlijk huis smijt hij de barbecue opzij. Weg ermee. Dan gaat het in een rechte lijn naar de achterdeur en door naar de bijkeuken. Daar beukt hij de deur naar de woonkamer open waarmee hij een deurstopper en een stuk van de muur naar de filistijnen helpt. Briesend als een stier kijkt hij om zich heen. Dan raast hij de trap op naar zijn eigen kamer. Boven stormt orkaan Martijn (31) nog even door. 

Lees uit deze serie ook: gewoon een overval

Zijn moeder, die beneden als verstijfd op de bank zit, hoort het met angst en beven aan. Op de overloop klinkt het geluid van krakend hout. Dat moet de wieg zijn die ze eerder die dag heeft klaargezet voor haar hoogzwangere dochter, de zus van Martijn. Na een paar minuten komt hij naar beneden en ploft neer op de keukentafel. Bovenop de laptop. Krak.

“Moest jij vandaag geen theorie-examen doen?” informeert zijn moeder voorzichtig.
“Dat was wel de bedoeling, ja.”
“Maar?” vraagt zijn moeder die in haar hoofd alvast de meest verschrikkelijke rampscenario’s afspeelt.
“Maar ik ben mijn ID-kaart kwijt,” zegt Martijn.

Lees uit deze serie ook: de truc met de tandenborstel

Keurige jongeman

Eerder die dag vertrok hij op de fiets naar het CBR. Daar aangekomen wilde hij zich aanmelden voor het theorie-examen, maar toen men hem vroeg naar zijn identiteitsbewijs kon hij dat nergens vinden. Hij had het die morgen toch in zijn kontzak gestoken? Hij wist het bijna zeker. Had hij het dan toch thuis laten liggen? Hoe stom kon hij zijn?

“Dat is heel vervelend,” leeft de rechter mee, “maar moest u daar nou zó van door het lint gaan?”

Hij lijkt zo’n keurige jongeman, Martijn. Net gepoetste schoenen, een wit overhemd, een colbertje en een rustige, beschaafde manier van praten. In werkelijkheid kampt hij met de naweeën van een stevige cocaïne-verslaving, is hij in een recent verleden drie keer veroordeeld voor vernieling en bedreiging en heeft hij een contactverbod met zijn opa en oma bij wie hij tot voor kort noodgedwongen inwoonde.  Je hebt korte lontjes en je hebt Martijn.

Lees uit deze serie ook: de jacht op Ron van Daalderen

“Dat je uit frustratie eens iets hardhandig opzij schuift, dat kan ik mij voorstellen,” zegt de rechter, “maar die wieg heeft u volgens mij moedwillig staan slopen of niet?”
“Maar het was mijn eigen wieg,” verdedigt Martijn zichzelf.
“Ik begreep dat uw moeder hem aan uw zwangere zus wilde schenken?”
“Ja, maar ik heb er 31 jaar geleden in gelegen. Zolang ik leef heeft iedereen het altijd over Martijns wieg, dus ja, dan is-ie van mij toch?”
“Ik vrees dat het juridisch niet zo werkt,” zegt de rechter. “En die laptop?”
“Daar ben ik per ongeluk bovenop gaan zitten,” zegt Martijn.
“U zag hem niet?”
“Ik denk het niet.”

Lees uit deze serie ook: pittige tante

Daar gelooft de rechter weinig van. Een voorwaardelijke werkstraf van zestig uur en verplicht reclasseringstoezicht moeten ervoor zorgen dat hij voortaan, als hij nog een keer iets zoekt, iets minder vernielzuchtig te werk gaat. 

Lees het in Panorama

Dit was een aflevering van 'De politierechter' uit de oude doos, geschreven door onze verslaggever Jochem Davidse. Benieuwd naar de aflevering van deze week? Lees 'm in ons magazine op Blendle.

  • Y.M. Osterloh