JD kijkt TV: Boer Zoekt Vrouw, deel zes

   9765  

Verslaggever Jochem Davidse is een van de laatste 'lineaire tv-kijkers'. Dat wil zeggen: elke avond raadpleegt hij zijn papieren tv-gids en kijkt hij naar programma's die daadwerkelijk op dat moment worden uitgezonden. Deze week keek hij voor de zesde en laatste keer naar Boer Zoekt Vrouw.

Nadat ze de nacht ieder in een aparte hotelkamer hadden doorgebracht stortten Olke en Sandra zich met opvallend frisse moed op het restant van hun citytrip in het Texaanse westernstadje Fort Worth. Een romantische citytrip die met dank aan Sandra geen moment romantisch wilde worden.

Maar nu leek ze zowaar enthousiast. Als een tienermeisje stond ze tijdens een potje poolen te kirren en te giechelen toen ze volstrekt onbedoeld een bal in een van de gaten mazzelde. 

Met zichtbare tegenzin lachte boer Olke met haar mee, een geforceerde glimlach waarmee hij even later ook op de foto ging. Samen met de nog altijd gierende Sandra zat hij op een mechanische rodeo-stier.

Sandra deed alsof ze de tijd van haar leven had. Vooral bij de line-dance-les kon zij haar lol niet op. Op de achtergrond deed Olke sportief mee. Met zijn onbeholpen motoriek en zijn handen in zijn zij. Zonder zich ook maar iets aan te trekken van de muziek of van de afgesproken choreografie bewogen Olke's cowboylaarzen (maatje 48) onsamenhangend over de dansvloer. Zijn gevoel voor ritme leek zo mogelijk nog slechter ontwikkeld dan zijn gevoel voor romantiek. 

Sandra stal ondertussen de show. Ze bleek een geboren line-dancer en werd na afloop door de lerares dan ook enthousiast getrakteerd op een dubbele high-five. De arme Olke stond ook met zijn handen in de lucht, klaar voor een dubbele high-five, maar hij kreeg niets.

Hij leek totaal het noorden kwijt. Wat moest hij met die Sandra? Een paar dagen eerder hadden ze nog gekust, gisteren meed ze hem steevast als een hoop verse hondenpoep, en nu hing ze aan zijn arm en gierde ze het uit van de lach. Vond ze dat rare line-dancen nou echt zo leuk, of was het haar toch om hem te doen?

Letterlijk formuleerde hij het zo: “Heeft ze nou een beetje feelings of hoe zit dat?”

Die had ze. Sandra had warme en oprechte feelings voor hem, maar ze voelde nog altijd geen verliefdheid, biechtte ze aan hem op. Misschien kwam dat nog, zei ze voor de zoveelste keer. Olke was voor haar een lot uit de loterij, het was alleen nog even afwachten tot er een prijs op viel.

Troosteloos zaten ze naast elkaar aan de bar van een leeg café. 

“Nou, cheers dan maar,” zei Olke mismoedig, terwijl hij een van zijn kolossale kolenschoppen ophief waarin ik ergens een glas vermoedde. 

“Cheers,” zei Sandra. “Op ons laatste moment.”

“Wat?!?” verslikte Olke zich.

“Op ons laatste moment,” herhaalde Sandra. “Het laatste moment van onze citytrip.”

“Oh zo ja,” bromde Olke, waarna hij een paar minuten lang pijnlijk zwijgend voor zich uit keek. In zijn hoofd ging een bom af. Hij moest het weten. Hij moest het nú weten.

“Als er bij jou geen gevoelens van liefde zijn, komen die dan eigenlijk nog wel?” informeerde hij voorzichtig. 

“Misschien,” zei Sandra. “Dat kan ik je nu nog niet zeggen.”

Van de recht-toe-rechtaan-aanpak van Olke kon je veel vinden, maar de manier waarop Sandra de liefde hoopte te vinden leek mij wel erg tijdrovend. Alsof de liefde vanzelf wel kwam, als je maar lang genoeg zwijgend naast elkaar bleef zitten. Desnoods weken aan een stuk.

Olke was er gelukkig ook klaar mee.

“Dan denk ik dat we het hier beter bij kunnen laten,” zei hij met iets in zijn stem dat op emotie leek.

“Oké,” zei Sandra gretig.

“Oké,” herhaalde Olke, waarna hij haar nog een allerlaatste keer onhandig omhelsde en zijn noeste kop kortstondig in haar hals begroef. Toen hij daar weer uit tevoorschijn kwam, keurde hij haar geen blik weer waardig. Hij sloeg het restant van zijn borrel achterover en priemde zijn ogen zwijgend in de leegte van het verlaten café. 

Tot zover de liefde.

En toen was het ineens maanden later. Alle vijf de boeren hadden zich verzameld op een cruiseschip in de haven van Rotterdam, de plek waar hun BZV-avontuur lang geleden begon met een blakende Yvon Jaspers en postzakken vol liefdesbrieven. 

Drie van hen stonden glimmend van geluk naast de liefde van hun leven die ze via het programma ontmoet hadden. Een vierde, de godsdienstwaanzinnige psychopaat Riks, stond ook naast de liefde van zijn leven, maar die had met het programma niets te maken. Het meerendeel van zijn 'logeervrouwen' was gillend bij hem weggerend. 

Alleen Olke stond naast niemand. Toch was ook hij dolgelukkig. Het ging 'heel best' met hem, zei hij. Trots liet hij een foto rondgaan. De brunette die erop te zien was heette Karen en was een van de vele briefschrijfsters die Olke's eerste selectie niet hadden doorstaan. Na het mislukte avontuur met Sandra had hij de stoute schoenen aangetrokken en haar alsnog gebeld. Inmiddels hadden ze een relatie. 

Karen was volgens Olke een lieve en zachte vrouw die van grapjes hield en met wie hij goed kon praten. Vieze Riks voegde daar op basis van de foto nog aan toe dat ze 'lekker strak in haar vel zat.'

Ik was blij voor Olke. Wat voor een onbeholpen hork hij zo nu en dan ook mocht zijn, ik was in de afgelopen weken van hem gaan houden. Ik wenste hem alle geluk van de wereld. 

Hoe het Sandra sinds de citytrip was vergaan, werd niet verteld. Geen woord meer over haar. Het interesseerde me ook niet. Waarschijnlijk zat ze ergens in een café, of bij een bushalte desnoods. Zwijgend naast een wildvreemde kerel. Wachtend op het moment waarop de liefde eindelijk zou toeslaan.

Tekst: Jochem Davidse

 

  • J. Kraak