Gaat Tom Dumoulin de Giro d’Italia winnen?

   3258  

Een eindoverwinning in de Tour de France lijkt ver weg, maar in andere grote rondes waren we er ontzettend dicht bij. Tom Dumoulin ligt nu op pole position in de Giro d’Italia.

Gisteren reed de Limburger een fantastische en misschien wel buitenaardse tijdrit en pakte de overwinning. De rijder van Sunweb-Giant pakte bijna drie minuten op zijn grootste concurrent: de Colombiaan Nairo Quintana. Hij staat nu op 2:23.

Mollema

Ook een andere Nederlander staat goed in het klassement. Bauke Mollema staat met zo’n 2:38 achterstand op Tom Dumoulin op de derde plaats en doet dus ook volop mee in de race.

Concurrentie

Normaalgesproken is Quintana de snelste in de bergen. Tom zal dus moeten proberen om zo lang mogelijk aan te klampen en proberen weinig te verliezen. Zijn voorsprong is nu al zo groot dat hij nu de grote favoriet is.

Zaterdag is de eerstvolgende finish bergop, die gelijk zal laten zien hoe de kaarten geschut zijn. In de laatste week zullen nog een aantal zware bergetappes volgen. Het gunstige voor Dumoulin is dat de Giro eindigt met een tijdrit van 28 minuten waarin de Limburger weer een aantal minuten kan pakken.

Toch kent Dumoulin ook wat tegenslag. De hardrijder moet een van zijn beste knechten, Wilco Kelderman, missen omdat hij tegen een idiote motorrijder knalde die op de weg geparkeerd stond. Kelderman kon door zijn verwondingen niet meer verder.

Kruijswijk

Vorig jaar was Nederland al heel dicht bij de winst van de Giro d’Italia, maar in een van de laatste miste Stefan Kruiswijk de bocht en belandde tegen een bergwand in de sneeuw. Hij verloor die etappe zoveel tijd dat een zekere overwinning van de ronde veranderde in flink tijdverlies.

Ook dit jaar kent Kruijswijk flinke pech. Hij is al meerdere malen betrokken geraakt in een valpartij. Desondanks staat de Nederlander toch nog op de tiende plaats.

Elleboog

Gisteren tijdens de huldiging ging het net goed. Dumoulin gaf per ongeluk tijdens het juichen een rondemiss een elleboog. Gelukkig hield ze er niets aan over en konden ze er allemaal om lachen.

 

  • J. Kraak